Zie ‘GR; Hoorcollege 7 (11-03-2024)’
Zie ‘GR; Hoorcollege 8 (14-03-2024)’
Zie ‘GR; Hoorcollege 9 (18-03-2024)’
Zie ‘GR; Hoorcollege 10 (25-03-2024)’
II. Bevoegdheid:
1. Begripsomschrijving:
Algemene beginselen:
De vraag naar de rechtsmacht gaat de vraag naar de bevoegdheid vooraf. Rechtsmacht? Wel beslecht
worden door de hoven en rechtbanken? Bevoegdheid? Welke rechter?
Rechtsmacht is de staatsmacht om geschillen m.b.t. subjectieve rechten te beslechten, door de
grondwetgever toevertrouwd aan hoven en rechtbanken. Vallen buiten rechtsmacht: (a)
administratieve rechter (b) buitenlandse rechter.
- Politieke rechten (administratieve rechter): wanneer de wetgever uitdrukkelijk de beslechting
heeft toevertrouwd aan administratieve rechter.
- Buitenlandse rechter: wanneer het geschil geen enkel aanknopingspunt heeft met België,
zodanig dat een buitenlandse rechter beter geplaatst is om kennis te nemen.
Bevoegdheid is de rechtsmacht die aan een bepaalde rechter concreet wordt toebedeeld.
Rechtsmacht:
Andere terminologie in art. 5 WIPR (internationale bevoegdheid)
§ 1. Behalve in de gevallen waar deze wet anders bepaalt, zijn de Belgische rechters
bevoegd indien de verweerder bij de inleiding van de vordering zijn woonplaats of
gewone verblijfplaats in België heeft.
Indien er verschillende verweerders zijn, zijn de Belgische rechters bevoegd indien
een van hen zijn woonplaats of gewone verblijfplaats in België heeft, tenzij de
vordering slechts werd ingesteld om een gedaagde te onttrekken aan de rechter van
zijn woonplaats of zijn gewone verblijfplaats in het buitenland.
§ 2. De Belgische rechters zijn eveneens bevoegd om kennis te nemen van de
vorderingen betreffende de exploitatie van de nevenvestiging van een rechtspersoon
die geen woonplaats, noch gewone verblijfplaats heeft in België, indien deze
vestiging zich in België bevindt bij de instelling van de vordering.
Art. 5 WIPR is de meest residuaire bepaling. Als er geen enkel verdrag is, EU-verordening of richtlijn of
geen enkel aanknopingspunt in het wetboek, wanneer hebben de Belgische hoven en rechtbanken
dan rechtsmacht? Als geen enkel ander criterium soelaas biedt, hebben de Belgische hoven en
rechtbanken toch rechtsmacht wanneer dat minstens de verweerder – op het tijdstip dat de
rechtsvordering wordt ingeleid – zijn woonplaats of gewone verblijfplaats in België heeft. Dat wordt
uitgebreid naar rechtspersonen: ze moeten minstens een nevenvestiging (exploitatie) hebben in
België op het ogenblik van het instellen van de vordering.
1
, Afbakening rechtsmacht:
Art. 144-145 Gw.:
o Art. 144 geschillen over burgerlijke rechten, uitsluitende bevoegdheid rechtbanken.
o Art. 145 geschillen politieke rechten, bevoegdheid rechtbanken behoudens wettelijke
uitzonderingen.
o Cfr. geschillen welke de wet aan hun rechtsmacht onttrekt (art. 556 Ger. W.)
Buitenlandse rechter. Buitenlandse rechter: wanneer een geschil geen enkel
aanknopingspunt heeft met België is het logisch dat ze het overlaten aan de buitenlandse
rechter.
Arbitrage (adde: bindende derdenbeslissing, bemiddeling). Wanneer het geschil is
toevertrouwd aan arbitrage. Er kan sprake zijn van arbitrageclausule of -overeenkomst; die
hebben tot gevolg dat – wanneer de zaak aanhangig wordt gemaakt voor een Belgische
rechter – dan op vraag van één van de partijen kan oordelen dat ze geen rechtsmacht hebben
gelet op het bestaan van de arbitrageclausule of – overeenkomst. Als er een bindende
derdenbeslissing is tussengekomen, dan moet de rechter zeggen dat de partijen gebonden
zijn door die derdenbeslissing en dat hij geen rechtsmacht heeft om over het geschil
uitspraak te doen. Het feit dat als er een bemiddelingsbeding is dat de procedure dan wordt
opgeschort, zou men kunnen zeggen dat de rechtsmacht is opgeschort totdat de partijen
bemiddeling een kans hebben gegeven.
Gaat het om een subjectief recht? Ja, dan hoven en rechtbanken. Gaat het om een politiek recht?
Zoja, dan moet er eerst gekeken worden of het geschil niet naar een administratief rechtscollege
moet. Is er enige band met België? Neen, dan de buitenlandse rechter. Is er geen
geschillenbeslechtingsclausule die het geschil aan de hoven en rechtbanken onttrekt?
Rechtskarakter van de exceptie van afwezigheid van rechtsmacht:
Buitenlandse rechter:
o Niet van openbare orde (uitz. exclusieve bevoegdheidsgronden Brussel Ibis of WIPR).
Er zijn veranderingen in gekomen omdat er bepaalde exclusieve
rechtsmachtsgronden of bevoegdheidsgronden zijn opgenomen in het Brussel Ibis of
WIPR.
o Partijen in limine litis. Partijen moeten dit doen voor elk ander verweer of exceptie.
o Rechter meer en meer ambtshalve: Brusselbis Vo art. 12 WIPR. Vandaar dat art. 12
WIPR zegt dat de rechter het kan, waarmee wordt bedoeld dat hij het kan in gevallen
waarin het moet en in andere gevallen is hij niet verplicht om dat te doen.
Arbitrage / bemiddeling / bindende derdenbeslissing:
o Niet van openbare orde.
o Partijen in limine litis (art. 590, 2de lid en 1682, §1, Ger. W.).
o Nooit ambtshalve door rechter.
Taak niet aan de rechterlijke macht toevertrouwd:
o Openbare orde.
o Exceptie kan te allen tijde worden opgeworpen.
o Rechter ambtshalve.
Uitz. rechtsmacht kortgedingrechter. De Belgische kortgedingrechter zal wel steeds rechtsmacht
hebben, ook al is er bijv. arbitrage of een buitenlandse rechter bevoegd.
2
, Bevoegdheid:
Bevoegdheidsregeling algemene beginselen: art. 8 - 11 Ger. W.
Aanhangigheid en samenhang art. 29 en 30 Ger. W.
Verdeling in de Rechtbank van Eerste Aanleg 88, par. 2, Ger. W. Verdeling in de rechtbank van
eerste aanleg: binnen de rechtbank van eerste aanleg bestaan er 4 verschillende secties. Stel
nu dat er binnen de schoot van de rechtbank van eerste aanleg onenigheid bestaat of het nu
de familierechtbank is dan wel de burgerlijke sectie die van een geschil kennis moet nemen,
dan is er in art. 88 Ger.W. een procedure uitgewerkt over hoe dat geschil moet worden
opgelost.
Art. 556-663 Ger. W. (derde deel van het Ger. W.: "De bevoegdheid").
Beslagrechter 1395 Ger. W. Bij gedwongen tenuitvoerlegging, daar is de beslagrechter van
belang.
Art. 8 Ger. W. “bevoegdheid is de macht van de rechter om kennis te nemen van een vordering die
voor hem is gebracht”. Dit veronderstelt rechtsmacht en het draait alleen om de vraag: welke rechter
kan in België kennis nemen?
Materiële bevoegdheid:
Volstrekte, materiële of attributieve bevoegdheid (art. 9 Ger. W.). Ger.W. spreekt soms van een
volstrekte bevoegdheid in plaats van een materiële bevoegdheid. Nog een ander synoniem is een
attributieve bevoegdheid.
Functioneel karakter, beoogt optimalisering van de werking van het gerecht d.m.v. specialisering en
rationalisering. Het is het verdelen van de bevoegdheden op een functionele manier. Zodat de
geschillen bij gespecialiseerde rechters terecht komen en dat het geschil op een rationele manier
wordt opgelost. Conflicten verdeeld volgens de inhoud van het geschil. In beginsel van openbare orde
(uitz. art. 568, eerste lid en art. 592 Ger. W.).
Territoriale bevoegdheid:
Territoriale bevoegdheid (distributie van bevoegdheid), spreiding over het land – een rechter dicht bij
de burger. In beginsel van aanvullend recht, uitzonderlijk soms van dwingend recht, soms van
openbare orde.
Partijen kunnen hier overeenkomsten sluiten aangezien het van aanvullend recht is. Over de
materiële bevoegdheid kunnen geen overeenkomsten gesloten worden want dat is van openbare
orde (bv. behoort toe aan arbeidsrechtbank maar partijen hebben besloten om het aan de
vrederechter voor te leggen). Soms heeft de wetgever andere regels inzake territoriale bevoegdheid
gemaakt en deze behoren soms tot het dwingend recht of soms tot de openbare orde.
Bevoegdheid:
Exceptie of middel van onbevoegdheid, met verwijzing naar de bevoegde rechter. Als men de
bevoegdheid van het rechtscollege betwist, dan exceptie van onbevoegdheid. Men zal niet gewoon
kunnen zeggen dat de rechter niet bevoegd is, maar men moet dan ook kunnen aanduiden welke
rechtbank dan wel bevoegd is. Dan zal het geschil naar de bevoegde rechtbank worden gestuurd.
Soms zal er omwille van pragmatische redenen een uitzondering gemaakt op de regels en dan zal de
bevoegdheid van de rechtscolleges zal dan uitbreiden. Dit zijn de secundaire competentieregelen:
3
, Prorogatie van bevoegdheid: een onbevoegde rechter wordt bevoegd. Uitbreiden van de
bevoegdheid van de rechter.
Derogatie van bevoegdheid: daardoor wordt de bevoegde rechter onbevoegd. Beperken van
de bevoegdheid van de rechter. Doordat een andere rechter zijn bevoegdheid wordt
geprorogeerd, wordt deze rechter zijn bevoegdheid gederogeerd.
Materiële bevoegdheid:
Begrip en soorten:
“De materiële bevoegdheid is de rechtsmacht bepaald naar het onderwerp, de waarde en in
voorkomend geval het spoedeisend karakter van de vordering of de hoedanigheid van de partijen”
(art. 9 Ger. W.)
Onderwerp? Inhoud van het geschil.
Rechtscriterium? Waarde van het geschil.
Spoedeisend karakter, dan de rechter in kort geding bevoegd.
Hoedanigheid van de partijen is een belangrijk criterium om de algemene bevoegdheid van de
ondernemingsrechtbank af te bakenen.
Volheid van bevoegdheid rechtbank van eerste aanleg. In beginsel is bevoegd om kennis te nemen
van een geschil dat behoort tot de rechtsmacht van de hoven en rechtbanken, is de rechtbank van
eerste aanleg. Volheid van de rechtbank van eerste aanleg (moet tot rechtsmacht behoren van hoven
en rechtbanken en je vindt in het Ger.W. nergens een ander aanknopingspunt voor je geschil). In
eerste aanleg is de rechtbank van eerste aanleg altijd bevoegd. Die kan in eerste aanleg kennis nemen
van alle burgerlijke en politieke geschillen die tot de rechtsmacht behoren van de hoven en
rechtbanken.
Algemene bevoegdheid van een rechtscollege (gaat over de waarde van de geschillen): geheel van de
gewone, normale bevoegdheden, vaak ratione summae vb. vrederechter 5.000€.
Naast de REA die in beginsel die bevoegd is voor alle geschillen die niet aan een bijzonder
rechtscollege zijn toegewezen, heb je de speciale rechtscolleges die van een bepaald type van
geschillen kennis kunnen nemen. De rechtbank blijft hier in beginsel nog bevoegd, maar wel
voorwaardelijk. De REA zal pas kennis kunnen nemen van een geschil dat tot de bevoegdheid hoort
van een gespecialiseerd rechtscollege op voorwaarde dat de verweerder geen verwijzing vordert naar
een gespecialiseerd rechtscollege. Dit is voorwaardelijke volheid van bevoegdheid van de REA.
Bijzondere (niet-exclusieve) bevoegdheid (gaat over bepaalde types van geschillen), welomschreven
bevoegdheden, toegekend aan een welbepaald rechtscollege vb. arbeidsrechtbank
arbeidsovereenkomst. Maar voorwaardelijke volheid van bevoegdheid rechtbank van eerste aanleg.
Bijzondere (niet-exlcusieve) bevoegdheid= de bevoegdheden toebedelen o.b.v. voorwerp en oorzaak
(= onderwerp) van de vordering.
4