1.1. Professioneel gedrag van de financieel adviseur
Het is belangrijk voor een financieel dienstverlener om een juist gedrag te hebben. Een financieel
dienstverlener moet integer zijn, om dit te waarborgen kunnen er maatregelen genomen worden,
zoals een verbod op een USB. Om een juist advies te kunnen geven moet de dienstverlener
vertrouwelijk zijn en handelen. Er zijn verschillende aspecten voor een dienstverlener:
- Klantbelang centraal zetten
Er is een verschil tussen het centraal stellen van de klant en het klantbelang. Als een
dienstverlener de klant centraal zet, geeft hij advies op korte termijn, hij geeft wat de klant
wil hebben. Bij klantbelang is er sprake van advies op lange termijn.
- Proactief handelen
Vooruitdenken en doorverwijzen spelen hierbij ook een belangrijke rol.
- Empathie tonen
Wanneer de klant een heftige emotie toont, moet de dienstverlener de rust bewaren
- Gevoel reflecteren
Je benoemt het gevoel van de klant, hierdoor voelt de klant zich gehoord en begrepen.
- Geen vaktaal gebruiken
Begrijpende taal gebruiken bij de klant, zodat het te begrijpen is voor de klant
- Transparantie
Alle voor en tegen argumenten dienen te worden benoemd, om zo een neutrale keuze te
maken.
Advies: een concrete aanbeveling van een nieuw product aan een specifieke klant. Dus ook het
beantwoorden van klantvragen valt hieronder, als hier een aanbeveling wordt gedaan.
Er zijn verschillende dingen waar je advies voor kan geven met de juiste cursus:
- Consumptief krediet
Advies over geldkredieten en goederenkredieten
- Inkomen
Advies over risico van ziekte en werkloosheid, denk aan de WIA en AOV
- Schade particulier
Inboedelverzekering, autoverzekering, reisverzekering
- Schade zakelijk
Gebouwenverzekering, inventarisverzekering, goederenverzekering
- Vermogen
Levensverzekeringen (sommenverzekering, vooraf een bedrag), beleggingen
- Hypothecair Krediet
Advies over een hypothecaire lening
- Pensioen
Advies aan een werkgever die collectief pensioen wil regelen voor werknemers (zakelijk)
- Zorg
Enkel zorgverzekeringen en eventuele aanvullende ziektekostenverzekeringen
,1.2. Professioneel Handelen bij Fraudesignalen
Volgen de Wwft hebben klantmedewerkers twee verplichtingen:
- Het doen van cliëntonderzoek
Voordat een bedrijf een zakelijke relatie aangaat, moet ze de identiteit van de persoon
vaststellen. Dit kan door middel van een paspoort, id-bewijs en een reisdocument. (Geen
kopie). Ook die van de UBO moet worden vastgesteld. Dit zijn de belanghebbenden van
de onderneming die meer dan 25% van de winst of zeggenschapsrechten heeft.
- Een meldplicht bij ongebruikelijke transacties
Hierbij heb je objectieve indicatoren en subjectieve indicatoren. Bij objectieve
factoren moet je het binnen 14 dagen melden, er zijn verschillende indicatoren: contante
wisselen naar een andere valuta >€10.000. Contante stortingen van >€10.000,
creditcardbetalingen van >€10.000. Bij subjectieve indicatoren gaat de medewerker op
haar onderbuikgevoel af.
Toezichthouders: DNB en de AFM, ze kunnen optreden bij overtredingen van de Wwft.
Mededelingsplicht: Bij een verzekering moet je melden als er iets gebeurd is, doe je dit niet dan mag
de verzekeraar de verzekering stopzetten binnen 2 maanden.
1.3. Professioneel omgaan met klantgegevens
De algemene verordening gegevensbescherming (AVG) heeft meerdere doelen:
- Het verbeteren van privacy rechten van personen
- Meer verantwoordelijkheden voor organisaties
- Gelijke bevoegdheden voor alle Europese privacy toezichthouders
Een organisatie mag persoonsgegevens alleen verwerken voor vastgestelde grondslagen:
- De toestemming van de klant voor en of meer specifieke doeleinden
- De noodzaak voor het sluiten of uitvoeren van een overeenkomst
- De noodzaak om te voldoen aan een wettelijke verplichting van een organisatie
Organisaties mogen alleen het BSN verwerken als daar een wettelijke reden voor is. Sommige
organisaties moeten hun gegevens halen uit de basisregistratie personen, denk aan de AFM, banken,
pensioenuitvoerder, UWV en het kadaster.
Via de AVG heeft een klant verschillende rechten om controle uit te oefenen op zijn gegevens:
- Het recht op inzage
- Het recht op vergetelheid; het wissen van de gegevens bij intrekken van toestemming
- Het recht op dataportabiliteit; het kunnen opvragen van je eigen gegevens.
2.1. Hoe werken financiële markten?
Sparen is het reserveren van geld, met een laag rendement. Als het gespaarde geld wordt
uitgegeven spreken we van ontsparen.
Daarnaast kan je ook beleggen, dit kan op verschillende manieren:
- In effecten: aandelen (dividend), opties, obligaties (couponrente, koerswinst)
- In fondsen: collectief beleggen in beleggingsfondsen (opbrengst object)
- In objecten: beleggen in bijvoorbeeld goud of een pand (opbrengst project)
, Ook kan men investeren. Het verschil is dat investeringen gaat gaan om hogere bedragen en dat het
gaat om Kapitaalgoederen, terwijl er bij beleggen sprake is van verhandelbare goederen.
Opties geven een recht om binnen een afgesproken periode een bepaald goed te kopen of te
verkopen, soms voor een vastgestelde prijs.
Economische kringloop:
- Fase 1: consument ontvangt meer loon
- Fase 2: consument ontvangt meer producten
- Fase 3: producenten produceren meer
- Fase 4: de werkgelegenheid is groter
Overschothuishoudens: consumenten of huishouder die geld
overhouden
Tekorthuishoudens: geven meer geld uit dan er in het
huishouden binnenkomt
Een liquiditeitsplan heeft de volgende doelen, de levensfase is
hierin ook belangrijk:
- Het verkrijgen van inzage in uitgaven en inkomsten
- Het afstemmen daarvan met de haalbaarheid van het
doel
2.2 Betalen en sparen
Voor het openen van een betaalrekening is een standaard proces ingericht:
- Vaststelling identiteit aan de hand van een identiteitsbewijs
- Controle aanvrager in verschillende fraudesystemen
- Opname klantgegevens
- Toekenning rekening
- Opmaak overeenkomst rekening-courant, ondertekening van de Algemene voorwaarden
- Opmaak handtekeningenkaart
- Activering rekeningnummer en verzending bankpas
- Activering bankpas
Een en/of-rekening heeft meerdere rekeninghouders. Iedereen heeft vrije toegang tot het saldo en
kan zelfstandig betalingen doen. Alle rekeninghouders zijn verantwoordelijk en aansprakelijk voor
eventuele tekorten op de rekening. Je kan de rekening niet zomaar alleen omzetten. Om hem na
overlijden te wijzigen moeten er bewijsstukken worden aangeleverd.
Een en/en-rekening vereist voor iedere handeling de toestemming van beide rekeninghouders.
Dit geeft beide personen controle over elkaars uitgaven. Over het saldo wordt
vermogensrendementsheffing geheven.
Er bestaan drie geldvormen:
- Chartaal geld: contant geld
- Giraal geld: geld dat op een rekening staat, internetbankieren, betalen op afstand
- Elektronisch geld: betalingen met een pinpas of creditcard