• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 35 pages
Class notes

Notities motorische controle

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 35 pages

Notities motorische controle

Content preview

Motor control and learning notities

Les 1 (13/02)
Slide 7: motorisch antwoord: het uitvoeren van de motorische taak
- Leerproces kan je niet rechtstreeks meten, je moet dit afleiden uit de prestatie of
die verbetert doorheen de tijd.
- Onafhankelijke: hoeveel oefeningen ga je aanbieden
- Afhankelijke: hoe je prestatie verandert
- Kwantitatief: hoe meer ik oefen, hoe beter ik wordt
- Kwalitatief: een stukje van de oefening specifiek oefenen, beter daar in worden
- Dit gebruiken om te voorspellen van de motorische vaardigheid
- Motorische controle: heel veel taakvariabelen tegelijkertijd bij 1 beweging
Slide 8
Een geheel van interne processen dat geassocieerd is met verandering in de
mogelijkheden die je hebt om een taak uit te voeren?? (opname)
Interne processen van oefening en ervaring noemt plasticiteit (kneedbaarheid
van hersenen), hoe kan je hersenen veranderen. Belangrijk ik proces van
motorisch leren
Leren: zeer gericht oefenen
Slide 9:
6 verschillende stappen die je moet overlopen
- 1: hoe ga je meten dat er verbetering is in de prestatie
- 2: bv welk trainingsprogramma
- 3: welke omgeving ga je oefenen, leren?
- 4: prestatiecurve maken over de tijd
- 5: verschil tussen tijdelijk en permanente veranderingen  presteren vs leren
Wat zou het proces van motoische leren (een afhankelijke variabele) kunnen zijn
bij opslag in tennis om deze te goei uit te voeren??
- Afhankelijke: Waar wil je dat de bal terecht komt bij de opslag, hoogte van de bal
opgooien
- Onafhankelijke: specifieke onderdelen van oefening veranderen, aantal pogingen,
…
- Leeromgeving: in begin in rustige omgeving, op hoog niveau kan je dat proberen
in vol stadion of een simulatie hier van
- Heel veel oefenen ga je moe worden en gaat prestatie minderen maar op lange
duur gaat er wel goed leereffect zijn (permanent). Stress kan hier ook een rol in spelen
- Wordt ik beter in de bal in het vak te krijgen? Kan je iedere keer consistent zijn in
de opslag? Hoe minder variabel  hoe consistenter
Slide 10
- Aansturing van bewegingen vanuit de motorische cortex naar de effectoren
(spieren) = motorische controle


Slide 12:
- 1ste systeem: open lus systeem, begint links bij het bewegingscontrolecentrum =
motorische cortex, hier commando uitsturen naar effectoren (spieren) vb: tennisopslag,

, gaat vooral bij snelle bewegingen, ballistisch. Geen feedback meer gebruiken omdat ze
zo snel gaan
- 2de systeem: gesloten lus systeem, zijn tragere bewegingen. Extra pijl die van
effectoren naar motorische cortex gaat en feedback is. Is er gebeurt wat je wilde dat er
gebeuren, gebeurt er niets meer, anders gaat er een ander commando uitgestuurt
worden. Zo is er constant looping vb: draad in naald steken, kopje koffie vullen,…  kost
meer tijd, is deze beschikbaar?
Slide 13
- Er kan ook evolutie zijn van 1  2 systeem zijn tijdens het leren bij dezelfde taak
- Ook andersom kan, dit meestal door een ziekte, stoornis. Waardoor je van 2  1
Slide 14
- Evaluatie van de beweging  yes/no
- Feedback ook weten wat de resultaten zijn
- Fouten opsporen en oplossen  probleemoplossend gedrag
Slide 15
- 2 instanties: activatie en evaluatie.
- Geheugenspoor  heel belangrijk, dit is het activeren
- Perceptueel spoor, dit is evalueren
- Spoor: je gaat zelf een pad bewandelen, eigen pad creeëren met spoor, iedere
keer nieuwe ervaringen opdoen. Elke keer nieuwe neuronen opbouwen/gebruiken
Slide 17
- Iedere beweging/vaardigheid moet opgeslagen worden in hersenen en iedere
ervaring hiermee  stockageprobleem
- Nog geen bestaand motorisch programma  wat dan?
- Feedback gebeurt redelijk traag
Silde 18
- Snelle bewegingen in gang zetten, ook al is er geen feedback beschikbaar 150ms
- CPG: centrale patroon generator (voor stappen) = een netwerk van cellen in CZS
dat zelf autonoom is en een bepaald ritmische bewegign?


Slide 19
- Kat op loopband na spinal cord…, er is nog patroon van stappen mogelijkheid. Je
ziet de afwisselende activiteit van flexie en extensie. Het bestaan van CPG is een bewijs
van theorie van Smith
Slide 20
- Gedeafferencieerd: geen onbeperkte afferente input is (feedback van je eigen
sensoren in lichaam) info van spieren terug naar hersenen
Slide 21
- Bij apen, zie je dat apen grote motorische bewegingen kunnen uitvoeren. Fijn
motorische systeem is wel aangetast als de zenuw wordt doorgesneden
- CP: veel spanning op spieren, door deze sensorische zenuw doorsnijden gaat de
spanning minderen.
Slide 23

,- Minder motorische programma’s opslaan waardoor er geen stockageprobleem is
- Verschil tussen parameters (grootte van bal, afstand bal, …) en invariante
kenmerken ( kenmerken die niet veranderen obv beweging die verandert, relatieve
zaken)
Slide 24-26 skip
Slide 27
- Links: zelf aanpassen, rechts: niet aanpassen
Slide 28
- Voorbeeldje
- Bij iedere beweging zie je 3 spieren met EMG-signaal
- Beweging 1 duurt korter dan de 2de
- Je ziet wel zelfde volgorde of fasering van activeren spieren
Slide 29
- Anders schrijven op een tablet (een andere hoek gebruiken om te noteren)
- Andere spieren gebruiken
- Aan de L L zie je een versnelling
- Spierselectie obv instructie je krijgt, de parameter die je hebt


Slide 30
- Verticale as: hoeveel tijd dat iemand spendeert in segment tov van de gehele
polsrotatie
- Kruisjes: aangeleerde snelheid dat ze de taak hebben
- Bolletjes: sneller de beweging uitvoeren
- Vierkantjes: snelste dat je kan uitvoeren
- De figuur verandert niet, zelfde patroon. Proportion of time verandert niet,
snelheid verandert wel dus dit is de parameter
Slide 31
- 7 segmenten ipv 9 en met 2 handen
- Geleerd met rechts en uitvoeren met links
- Spierselectie is de parameter, motorisch plan dat je gebruikt bij polsrotatie
gebruik je ook bij de andere hand
- Hoe linken we dit aan bestaan van gegeneraliseerde motorische programma’s?
o OPNAME
Slide 32
- Parameters bepalen op eerdere bewegingservaringen
- Initiele conditie: situatie aan start van beweging
Slide 33
- 2: sensaties die je verwacht als je bepaalde bewegingen uitvoert =
herkenningsschema
Slide 34
- Altijd bovenaan beginnen: initiële
- Herinneringsschema: recal links, obv uitkomsten uit het verleden, parameters die
je in het verleden mee hebt gegeven aan herinneringen

, - Herkenningsschema rechts, gaat over sensorische ervaringen die je in het
verleden gehad hebt, koppelen aan slechte of goede gedachten
- Deze 2 gaan gelijktijdig geactiveerd worden
- Foutendetectie= verschil tussen verwacht en wat er is gebeurt
Slide 35
- Inzooomen op herinneringsschema
Slide 36
- Fouten maken helpt bij het versterken/verbeteren van het schema, gaat je
schema dieper in hersenen liggen. Helpt om op de lijn uit te voeren
- Ieder punt op die lijn = perfecte uitvoering
Slide 37
- Herkenningsschema
- Exteroceptieve: feedback van buitenaf = andere persoon die iets zegt, visueel
- Interoceptief: feedback van lichaam zelf
Slide 42
- Variabel schema  betere transfer naar nieuwe taak


Slide 44
- Dat je zo weinig mogelijk vrijheidsgraden ( bv aantal mogelijke manieren om een
beweging uit te voeren) moet aansturen
- Het gaat over spieren te groeperen (synergie), minder complex maken door
allemaal appart te rekruteren




Slide 52 (zie foto’s 20/02) EXAMEN
- Waar = de hand waarmee je glas…
- Welke uitspraak over de dynamische patroon theorie is correct?
o Belangrijke nadruk op representaties
o Je kan hiermee de coördinatie van meerdere effe  juist
- Niet waar
- Perceptueel spoor
- Antwoord D = het bestaan van centrale programma’s
Slide 49
- 3 varianten van drinken van water, motorisch leren, we hebben het over
doelgerichte bewegingen.
Slide 50
- Groot motorische = accuraatheid is minder belangrijk
- Fijn = manipuleren van kleine objecten, kleine spiergroepen. Grote spiergroepen
zorgen voor ondersteuning
Slide 51
- Discrete = duidelijk start en stop

Document information

Study
Uploaded on
September 29, 2026
Number of pages
35
Written in
2023/2024
Type
Class notes
Professor(s)
Gooijers jolien
Contains
All classes
$5.72

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
1
Followers
0
Items
16
Last sold
1 day ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions