• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 89 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Embryologie en Genetica | eerstejaar | SEM 2

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 89 pagina's

Dit is een samenvatting van het vak embryologie en genetica voor het eerstejaar, tweede semester vroedkunde. De samenvatting is gebasseerd op de powerpoint slides en de cursus. De samenvatting bevat alle belangrijke afbeeldingen en illustraties. Ik behaalde een 18/20 door enkel deze samenvatting te studeren.

Voorbeeld van de inhoud

EMBRYOLOGIE EN GENETICA
H1: ERFELIJK MATERIAAL
Chromosomen

Chromosomen: basis

 De mens is een eukaryoot organisme → cellen hebben een duidelijke celkern (nucleus).
 In de celkern zit het erfelijk materiaal opgeslagen als 46 chromosomen.
 Chromosomen zijn:
o Alleen zichtbaar onder de microscoop tijdens celdeling.
o In een niet-delende cel zijn ze aanwezig als chromatine (donkere, gevlekte kernsubstantie),
maar niet individueel herkenbaar.

Opbouw van een chromosoom

Elk chromosoom heeft dezelfde basisstructuur:

Onderdeel Betekenis/Functie

Centromeer Centrale insnoering; ankerpunt tijdens celdeling waar spoeldraden
(c) vastklikken.

Telomeren Kapjes aan de uiteinden; beschermen tegen uitrafelen en aan
(t) elkaar kleven. Worden korter bij elke celdeling → rol in
veroudering.
p-arm Korte arm (van petit).

q-arm Lange arm (letter na p in alfabet).



Chromosomen tijdens celdeling

 Tijdens celdeling worden chromosomen zichtbaar.
 Voor de celdeling worden ze verdubbeld (DNA-replicatie).
 Een verdubbeld chromosoom bestaat uit:
o 2 zusterchromatiden (identieke kopieën)
 Een chromatide = een kopie van een chromosoom
 Na deling blijft kopie aan originele chromosoom
plakken, nadien splitsing
o Verbonden via de centromeer.

Aantal tijdens begin celdeling

 46 verdubbelde chromosomen = 92 zusterchromatiden

Profase: verdubbelde chromosomen krijgen hun typische gekruiste vorm.

Metafase: verdubbelde chromosomen liggen op de evenaar van de cel.

Anafase

 Zusterchromatiden worden uit elkaar getrokken → worden opnieuw afzonderlijke chromosomen.
 Deze worden gelijk verdeeld over de dochtercellen.




1

,Karyogram

Wat is een karyogram?

Karyogram (karyotype) = geordende voorstelling van alle chromosomen van een organisme, gerangschikt
van groot naar klein.

 Wordt gemaakt door:
o Chromosomen uit de kern van een witte bloedcel te halen (via bloedafname).
 RBC: geen celkern  geen DNA om te onderzoeken
 WBC: wel celkern  wel DNA om te onderzoeken
o Ze onder de microscoop te rangschikken.

Hoe worden chromosomen genummerd?

 Nummering gebeurt op basis van grootte:
o Chromosoom 1 = grootste
o Chromosoom 21 = kleinste (niet 22)
 Bij syndroom van Down extra chromosoom 21  later zagen ze dat 21 eigenlijk de
kleinste was, maar wouden de rangschikking niet meer aanpassen dus 22 blijft de
kleinste (21 te belangrijk)
 Dit inzicht kwam pas later, na de oorspronkelijke nummering.

Herkenning onder de microscoop

 Chromosomen herken je aan:
o Lengte
o Uniek banderingspatroon (horizontale strepen door kleurstoffen)

Normaal humaan karyogram

Een normaal karyogram bevat 23 paar chromosomen:

22 paar autosomen

 = lichaamsbepalende chromosomen
 Homologe paren: even groot, gelijkwaardig → één chromosoom van moeder + één van vader

1 paar geslachtschromosomen

 Vrouw: XX
 Man: XY
 Niet-homoloog:
o X-chromosoom: veel groter, bevat 10–15× meer erfelijke informatie dan Y
o Y-chromosoom: kleinste chromosoom, bijna alle erfelijke info verloren door evolutie →
belangrijkste functie: embryo ontwikkelen als man

Wat kan je met karyotypering opsporen?

 Aanwezigheid of afwezigheid van chromosomen
 Grote structurele afwijkingen
o Beperking: kleine beschadigingen of subtiele veranderingen zijn niet zichtbaar → karyogram
= grove methode

Hoe noteer je een karyotype?

Formule

2

,Totaal aantal chromosomen, geslachtschromosomen, eventuele afwijkingen aan autosomen!

→ 46, XX → 46, XY

Afwijkingen

 + = extra chromosoom  – = ontbrekend chromosoom

Voorbeelden

Situatie ISCN-notatie

Normaal mannelijk karyotype 46, XY

Normaal vrouwelijk karyotype 46, XX

Vrouw met één extra chromosoom 21 (trisomie 21) 47, XX +21

Man met één ontbrekend chromosoom 22 45, XY –22



Het menselijk genoom is diploïd

Begrippenkader

GENOOM

 = Complete genetische samenstelling van een organisme, cel of virus.
 = Alle erfelijke informatie in één celkern.

PLOÏDIE

= Aantal complete sets chromosomen (n) per celkern.

Het menselijk genoom is diploïd

 De mens heeft 23 paar chromosomen → 46 chromosomen totaal.
 Vergelijking: alsof je een 46-delige encyclopedie hebt, waarbij elk chromosoom een boekdeel is.
 Elk boekdeel is dubbel aanwezig → erfelijke informatie in tweevoud.
 Diploïd = al het erfelijk materiaal dubbel  als back-up

Waarom diploïd?

Back-upfunctie: als één chromosoom beschadigd is, kan het homologe chromosoom (van de andere ouder)
theoretisch compenseren.

Uitzondering: gameten

Zaadcellen en eicellen bevatten slechts één exemplaar van elk chromosoom.
→ Haploïd (n)
→ Nodig om bij bevruchting opnieuw diploïdie (2n) te vormen.

Overzicht ploïdie bij de mens

Term Aantal sets Aantal chromosomen (mens)

Haploïd (n) 1 23

Diploïd (2n) 2 46

Triploïd (3n) 3 69

3

, Tetraploïd (4n) 4 Onmogelijk bij de mens

Het ‘genetisch zwakke geslacht’

 XX (vrouw) = homoloog → twee grote X-chromosomen → meer genetisch materiaal, meer back-up.
 XY (man) = niet-homoloog → Y is veel kleiner, bevat veel minder erfelijke informatie.
→ Mannen hebben minder genetische back-up → daarom wordt soms gesproken van het genetisch
zwakke geslacht.

Polyploïdie

POLYPLOÏDIE

= toestand waarbij het aantal complete sets chromosomen (n) groter is dan 2.

Voorbeelden

 Triploïdie (3n = 69 chromosomen)
o Vaak oorzaak van spontane abortus
o Indien levendgeboren: zeer beperkte levensverwachting
 Tetraploïdie (4n)
o Niet verenigbaar met leven bij de mens

Aneuploïdie

ANEUPLOÏDIE

= Aantal chromosomen is geen veelvoud van n.

 Meest voorkomende chromosomale abnormaliteit bij de mens.
 Vaak oorzaak van spontane abortus.

Frequentste vormen bij levendgeborenen

 Trisomie 13  Trisomie 18  Trisomie 21

Trisomie 21 (Syndroom van Down)

 Extra chromosoom 21 → 2n + 1 = 47 o 47, XX +21 (meisje)
chromosomen o 47, XY +21 (jongen)
 Karyotype:

DNA

Bouw van DNA

Wat is DNA?

Desoxyribonucleïnezuur (DNA) = erfelijk materiaal in chromosomen.

 Behoort tot de nucleïnezuren.
 Chromosomen bestaan uit opgerold DNA + verpakkingseiwitten (histonen).

Structuur van DNA

Dubbele helix: DNA bestaat uit 2 lange, spiraalvormige strengen opgebouwd uit nucleotiden.

Nucleotide = bouwsteen van DNA

Elke nucleotide bevat:

 Deoxyribose (vijfhoekige suiker)

4

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
29 september 2026
Aantal pagina's
89
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
$11.75

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
1
Volgers
0
Items
19
Laatst verkocht
3 weken geleden




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen