“genetische aandoeningen” niet kennen, genetica wel
H1 Gastro-intestinaal stelsel
Inleiding
Metaplasie= bv. plaveiselcel omgezet naar ander type weefsel
Gastroscopie/ gastroscopisch onderzoek:
A) Maag- GASTROSCOOP
Gastroscoop= toestel toelaat intern naar maag inkijken + stukje weefsel
wegnemen voor histologisch onderzoek
Darm via slokdarm naar maag bij slikbeweging
Tip gastroscoop:
1. Binnenkant maag inspecteren met camera & lichtbron
2. Biopsiemesje/ klemmetje verdacht letsel biopteren
3. Stick op einde darm waarmee dokter kan aansturen
EXAMEN: Bespreek
verschillende manieren B) Dunne darm - ENDOSCOOP
waarlangs inhoud GIS
kan geïnspecteerd pylorus (= scheiding dikke & dunne darm) is
worden door bv biopsie gesloten tip kan niet richting dunne darm
antwoord
Oplossing: dubbele ballon endoscoop
gastroscoop, flexibele
darm met op tip 1. Pylorus openzetten
camera, licht en 2. Lumen dunne darm
aansturing via stick openkrijgen
Op plaats van tip wordt ballon weer opengezet + camera + lichtbron +
biopsiemesje
Wat zie je tijdens endoscopie?
- Ringen van Kerckring met slijmvlieslaag = opp. vergroting
- Microscopisch onderzoek slijmlaag:
Vlokken/ villi
Crypten
Afgelijnd door 1 l epitheel (= lamina epitheliale)
C) Dikke darm- COLOSCOOP
1
Student: Janne Weyers
Prof: Poesen Koen
,Bevat camera + lichtbron + biopsielusje
Geïnjecteerd tot colon ascendens
Belangrijke toepassing: opsporen poliepen= abnormale woekering slijmlaag
dikke darm, resulteert in gezwel
Meeste zullen niet kwaadaardig zijn
Sommige kunnen uitgroeien tot colonkanker
Weinig indicatie om te zeggen kwaadaardig/ niet kwaadaardig
DAAROM altijd poliep verwijderen via biopsielusje
Preventie tegen colonkanker in Vlaanderen: beleid om leeftijd 55+ screening
coloscoop uitvoering voor zekerheid poliep zal weggenomen worden
Poliep kan lijden tot STOMA (= holte darminhoud?)
Colon:
- Ascendens
- Transversum
- Descendens
- Sigmoïd
Histologie:
- Geen villi zoals in dunne darm (weinig opname)
- Inkepingen slijmlaag= crypten afgelijnd door slijmbekercellen/ Globet
cellen (doorzichtig lumen)
EXAMEN:
toepassingen, uitzicht,
gebruik, namen
toestellen/ scopen
Pathofysiologie van het spijsverteringsstelsel
Syndromen (= groepering bepaalde symptomen) die optreden wanneer deel GIS
wordt aangetast:
a) MALDIGESTIE
= afbraak/ vertering van vetten, eiwitten en koolhydraten tot
resorbeerbare stoffen is verstoord
Bv. lactose-intolerantie = slechter digesteren lactose
Vertering/ digestie:
2
Student: Janne Weyers
Prof: Poesen Koen
,Eiwitten afgebroken tot AZ proces= digestie/ vertering begint al in mond
door verteringsenzymen (amylase)
Maag: mechanische vertering + oiv maagzuur activering verteringsenzymen
tryptase, pepsine
Complexe suikers afbreken tot monosachariden
Lactose, sucrose zijn disachariden
Fructose, glucose is monosachariden
b) MALABSORPTIE
= de opname (resorptie/ absorptie) van verteerde substanties (+ en al
dan niet water, mineralen, vitamines) is verstoord
Symptomen:
- Diarree:
Voedingsbestanddelen moeilijk verteerd of essentiële voedingsstoffen niet
goed omgezet en opgenomen in bloed stoffen blijven achter in dunne
darmwand (AZ/ monosachariden)
Stoelgangmassa vergroot dikke darmwand wordt meer geprikkeld
meer drang voor vorming stoelgang (motiliteit neemt toe)
Grote voedingsbestanddelen blijven achter stimuleert bacteriële
groei in darmwand + prikkelt ook de dikke darmwand
+ verwatering door osmose: onverteerbare/ onopgenomen
voedingsstoffen zijn osmotisch actief zullen water vasthouden/
aantrekken in dikke darmwandlumen
2 componenten:
1. Meer motiliteit
2. Wateriger
= osmotische diarree
- Vetmalabsorptie: onvolledige vetopname vetdiarree/ steatoree
ontstaan
= vervette stoelgang wijst op onvolledige absorptie van AZ
- Krampen door meer motiliteit
- Vermagering/ verzwakking:
Geen van de essentiële voedingsstoffen geraakt in het bloed tekort aan
AZ in lichaam onvolledige opbouw eiwitten vermagering &
verzwakking
3
Student: Janne Weyers
Prof: Poesen Koen
, - Oedeem/ vochtopstapeling
Onvoldoende toevoer essentiële bouwstoffen lichaam niet meer in staat
waterbalans vh lichaam te regelen
Hypoalbuminemie albumine tekort meer water dan normaal in
weefsels verzamelen
Opgezwollen buik door ondervoeding: tekort albumine door tekort AZ
lijdt tot disbalans van water wateropslag in buik
Kan ook bij langdurige maldigestie
- Functiestoornissen
Tekort stollingseiwitten
Maldigestie/ malabsorptie eiwitten AZ nodig om stollingseiwitten
aan te maken tekort stollingseiwitten lijdt tot
stollingsstoornissen = makkelijker bloeden of bloeden stopt minder
snel
Ijzergebrek
Fe halen uit rood vlees uit hemoglobine en myoglobine van bloed
heeft centraal Fe-atoom
Ijzersuplementen: Fe zitten niet in complex waardoor het minder
goed opgenomen wordt dan Fe in complex in vlees
Bloed heeft ijzer-achtige smaak
Fe -tekort onvoldoende aanmaak Hb onvoldoende aanmaak
RBC = anemie (= letterlijk zonder bloed)
Microcytaire anemie= te kleine RBC
Ijzermalabsorptie specifiek
ADEK vit gebrek
Vetoplosbare vitamines (vit ADEK) worden minder opgenomen
ondersteunen veel functies in lichaam
Bv. K: modificatie stollingseiwitten zodat ze functioneel kunnen
worden
Vit B12 gebrek
Opgenomen aan ileum
Onvoldoende vit B12 opgenomen uit voeding
Tekort aan RBC RBC die wel nog aangemaakt worden oiv vit B12
zijn te groot/ opgezwollen
= macrocytaire anemie
Oorzaken:
- Leverlijden
4
Student: Janne Weyers
Prof: Poesen Koen