Inleiding
Wanneer professionele hulp?
- Wanneer minder goed voelen invloed heeft op
o Algemene welbevinden
o Persoonlijke relaties
o Contact met omgeving
o Werksituaties / studies kan hulp aangewezen zijn.
- Gevolgen kunnen immers zijn
o Zich isoleren
o Niet meer kunnen functioneren in het dagelijkse leven
o Arbeidsongeschiktheid
Waar kan men terecht
- Eerst = contact met de huisarts aangewezen
o Deze kan de patiënt vervolgens doorverwijzer
o de huisarts krijgt na een doorverwijzing ook informatie terug over de behandeling
zodat de zorg niet versnipperd word
- Andere opties
o Rechtstreeks beroep doen op het centrum voor geestelijke gezondheid (cgg)
o Psychiaters of psychologen in een privépraktijk
Wat mag men verwachten?
- Niet realistisch om onmiddellijk een oplossing te vinden voor de problemen
o Vraagt tijd en inspanning van de betrokkene en de naaste omgeving
- De hulpverlener heeft een taak van ondersteuning en begeleiding
o De betrokkene en hulpverlener moeten samen uitzoeken hoe het aangepakt word
- Soort zorg
o Vroeger meer residentiele begeleiding
o Nu meer ambulante begeleiding
advies, indicatiestelling, behandeling en begeleiding
Fasen
- Fase 1 = aanmelding bij bv. Psycholoog / psychiater
o Vaak eerst via een verwijzer (bv. Huisarts)
o Verzameling van een aantal basisgegevens
o Er wordt een afspraak gemaakt voor een intakegesprek
In principe binnen de twee weken na de aanmelding
Afhankelijk van de hoogdringendheid en eventuele wachtlijsten
- Fase 2 = intake en onderzoek
o De hulpverlener en patiënt maken samen de probleemanalyse
Gepolst naar de verwachtingen van de patiënt
o Centrale vragen
Zijn er biologische factoren waarmee men rekening moet houden (behandeling)?
In hoeverre spelen ervaringen vanuit de ontwikkelingsgeschiedenis een rol?
Aandacht voor psychodynamische aspecten
Zijn er specifieke factoren (emotioneel, cognitief, gedragsmatig) die het probleem
uitlokken of in stand houden?
Indicaties voor gedragstherapie, cognitieve therapie of een combinatie?
Welke betekenis of functie heeft het probleem binnen het sociale netwerk van de patiënt?
- Fase 3 = behandeling
o Soorten
Medicamenteuze therapie (biologisch)
Psychotherapie (psychologisch)
Een combinatie
o Er gaat meer aandacht uit naar de rol van de kinesitherapeut in de preventie en behandeling
o Kan zowel individueel plaatsvinden als met partner, met het gezin of in groep.
,Psychotherapie
- Algemeen = meestal draait therapie om diepgaande gesprekken tussen patiënt en therapeut
- 4 stromingen
o Psychodynamische therapie (~psychoanalyse) = focus op verleden
Gericht op het opsporen van onderliggende gevoelens, gedachten en motieven.
Veronderstelling
Psychische en lichamelijke problemen vinden hun oorsprong in kindertijd
> Bv. Verstoorde hechting
Bewust worden van onbewuste processen en ermee aan de slag gaan
o Cognitieve gedrastherapie = focus op het heden
Vertrekt vanuit het idee dat gedrag aangeleerd is.
Doel = belemmerende gedrags- en gedachtepatronen vervangen door gezondere
alternatieven
Vormen binnen kinesitherapie
Acceptance & commitment therapy (act)
Mindfulness-based therapie
Kenmerken
Aandacht voor gedachten en lichamelijke gewaarwordingen in het moment.
Patiënt leert bewust te kiezen hoe hijreageert, in plaats van automatisch te handelen
Gedachten hoeven niet altijd veranderd te worden → leren accepteren
Pijn verdwijnt niet altijd → leren omgaan met pijn is essentieel
o Ervaringsgerichte therapie = focus op het lichaam
Uitgangspunt = gevoel en beleving in het hier en nu
ontstaan als een tegenreactie op de psychoanalyse
Niet het verleden, maar de actuele ervaring staat centraal.
Voorbeeld = gestalttherapie
Aandacht voor lichamelijke gewaarwordingen.
Werkt met lichaamsgerichte oefeningen naast gesprekken.
Psychische problemen uiten zich vaak lichamelijk:
Vermoeidheid
Spierspanning
Spierstijfheid
Pijn
o Systeemtherapie = focus op de omgeving
Problemen ontstaan door interactiepatronen tussen mensen.
Symptomen bij 1 persoon word gezien als uiting van het functioneren van het hele systeem
Bv. Gezin, school, …
Therapie richt zich op relaties en gezinsdynamiek.
Voorwaarde = gezinsleden moeten bereid zijn om mee te werken.
- Casus: joren (10 jaar)
o Situatie
Joren vertoont sinds een jaar probleemgedrag op school
Agressief naar klasgenoten
Weigert opdrachten te maken
Ouders hebben vaak conflicten over opvoeding
Eén ouder straft streng
Andere ouder troost en biedt excuses aan
Gevolg = spanningen tussen ouders → zusje van joren gedraagt zich angstig en
teruggetrokken
Therapeut onderzoekt hoe gezinsinteracties bijdragen aan jorens gedrag
o Oefenvraag
Welke patronen in het gezin houden volgens systeemtherapie het probleemgedrag van
joren in stand, en hoe kan de therapeut deze doorbreken?
o Antwoord
Systeemtherapeutische visie
Probleemgedrag bekeken in de context van het gezin, niet alleen bij joren
, Patronen die gedrag in stand houden
Tegenstrijdige opvoedingsstijlen → joren leert dat agressie aandacht oplevert of
regels kan omzeilen.
Spanningen tussen ouders → stressvolle omgeving → joren reageert met
probleemgedrag, zusje trekt zich terug.
Vicieuze cirkel = gedrag van joren beïnvloedt gezinsinteracties, en omgekeerd.
Therapeutische aanpak
Ouders leren samen en consequent op te treden → duidelijke grenzen voor joren
Gezinsleden leren communiceren zonder escalatie → gevoelens erkennen
Joren en zusje leren omgaan met spanningen en emoties op een gezonde manier
Doel = gezinsdynamiek in evenwicht brengen → afname van jorens probleemgedrag
Soorten zorg
- Intramurale zorgverlening
o Definitie
Zorg binnen een instelling waar mensen worden opgenomen en meerdere nachten blijven
o Paaz
Onderdeel van een algemeen ziekenhuis
2 functies
Dringende psychiatrische crisishulpverlening
> Vooral in stedelijke gebieden
> Samenwerking met spoedgevallendiensten
Liaisonpsychiatrie
> Psychologische en psychiatrische opvang van patiënten in niet-
psychiatrische diensten
> Hulp op verzoek van de verantwoordelijke arts
Crisisinterventie
Kortdurende observatie en behandeling bij acute psychiatrische crisis
Doelgroep
> Al gekende patiënten met een plotselinge verstoring van evenwicht
> Personen met recente, acute psychiatrische problematiek
Zorgprogramma
> Geïndividualiseerde, intensieve behandeling van korte duur
> Systeemtherapeutische interventie (partner- of gezinssessies)
Liaisonpsychiatrie
Verkleint de scheiding tussen psychiatrie en andere geneeskunde
Verbetert zorg voor patiënten met lichamelijke aandoeningen
Brugfunctie tussen
> Algemeen ziekenhuis
> Geestelijke gezondheidszorg
> Residentiële psychiatrische voorzieningen
> Behandelende artsen, psychiaters en psychologen in privépraktijken
o Psychiatrische ziekenhuizen
Specialistische diagnosestelling en behandeling
Multidisciplinaire aanpak
Behandeling afgestemd op individuele behoeften
Mogelijkheden
Volledige opname
Partiële hospitalisatie (dag/nacht)
Doelgroepen
Kinderen en jongeren
Volwassenen
Ouderen (niet elk ziekenhuis biedt zorg aan alle groepen)
o Psychiatrische verzorgingstehuizen (pvt)
Voor personen met langdurige, gestabiliseerde psychische stoornis of verstandelijke
beperking
, Beschermde collectieve woonvorm
Geen nood aan ziekenhuisbehandeling of ononderbroken toezicht
Niet geschikt voor zelfstandig wonen of verblijf in andere instellingen (vb. Rusthuizen)
Doel
Continue begeleiding
Herwinnen van autonomie
Eventueel terugkeer naar normaal maatschappelijk leven
o Instellingen voor personen met een verstandelijke beperking
- Tussenvoorzieningen ~ semimurale zorg
o Definitie
Zorg voor mensen die niet zelfstandig wonen, maar ook niet opgenomen zijn in instellingen
o Deeltijdse behandeling
Hierbij volgen patiënten bepaalde behandelingen of therapieën in een instelling, maar
verblijven ze er niet permanent
o Beschermd wonen
Voor mensen met psychiatrische problemen zonder nood aan ziekenhuisbehandeling
Woonvorm
Individueel of in kleine groepjes
Begeleider komt enkele keren per week langs
Activiteiten
Dagactiviteiten aangepast aan psychisch en lichamelijk functioneren
Leef- en woonvaardigheden
Dagbesteding
Sociaal netwerk en sociale vaardigheden
Aanpak
Psychiatrische rehabilitatie
Gericht op autonomie
Rekening houdend met mogelijkheden en beperkingen
o Dagcentra voor personen met een beperking
Doel = zinvolle daginvulling op basis van talenten, verwachtingen en interesses
Activiteiten
Creatief
Recreatief
Vormend
Semi-industrieel werk
Elk dagcentrum heeft een eigenheid → programma op maat
o Sociale/beschutte werkplaatsen
Bedrijven met als doel = tewerkstelling van personen met een arbeidshandicap
Kenmerk
Arbeidsmilieu aangepast aan geestelijke en lichamelijke toestand
Voor mensen die niet kunnen werken onder normale omstandigheden
- Ambulante zorgverlening (extramuraal)
o Definitie
Zorg buiten instellingen, voor mensen die zelfstandig wonen maar zorg nodig hebben.
o Centra voor geestelijke gezondheidszorg (cgg)
Consultatiebureaus voor psycho-medisch-sociale zorg
Multidisciplinaire aanpak
Psychiaters
Psychologen
Maatschappelijk werkers
Logopedisten
Functies
Eerste opvang en analyse
Doorverwijzing indien nodig
Diagnosestelling
Psychiatrische, psychotherapeutische en psychosociale behandeling
Vroegtijdige detectie van psychische problemen
Wanneer professionele hulp?
- Wanneer minder goed voelen invloed heeft op
o Algemene welbevinden
o Persoonlijke relaties
o Contact met omgeving
o Werksituaties / studies kan hulp aangewezen zijn.
- Gevolgen kunnen immers zijn
o Zich isoleren
o Niet meer kunnen functioneren in het dagelijkse leven
o Arbeidsongeschiktheid
Waar kan men terecht
- Eerst = contact met de huisarts aangewezen
o Deze kan de patiënt vervolgens doorverwijzer
o de huisarts krijgt na een doorverwijzing ook informatie terug over de behandeling
zodat de zorg niet versnipperd word
- Andere opties
o Rechtstreeks beroep doen op het centrum voor geestelijke gezondheid (cgg)
o Psychiaters of psychologen in een privépraktijk
Wat mag men verwachten?
- Niet realistisch om onmiddellijk een oplossing te vinden voor de problemen
o Vraagt tijd en inspanning van de betrokkene en de naaste omgeving
- De hulpverlener heeft een taak van ondersteuning en begeleiding
o De betrokkene en hulpverlener moeten samen uitzoeken hoe het aangepakt word
- Soort zorg
o Vroeger meer residentiele begeleiding
o Nu meer ambulante begeleiding
advies, indicatiestelling, behandeling en begeleiding
Fasen
- Fase 1 = aanmelding bij bv. Psycholoog / psychiater
o Vaak eerst via een verwijzer (bv. Huisarts)
o Verzameling van een aantal basisgegevens
o Er wordt een afspraak gemaakt voor een intakegesprek
In principe binnen de twee weken na de aanmelding
Afhankelijk van de hoogdringendheid en eventuele wachtlijsten
- Fase 2 = intake en onderzoek
o De hulpverlener en patiënt maken samen de probleemanalyse
Gepolst naar de verwachtingen van de patiënt
o Centrale vragen
Zijn er biologische factoren waarmee men rekening moet houden (behandeling)?
In hoeverre spelen ervaringen vanuit de ontwikkelingsgeschiedenis een rol?
Aandacht voor psychodynamische aspecten
Zijn er specifieke factoren (emotioneel, cognitief, gedragsmatig) die het probleem
uitlokken of in stand houden?
Indicaties voor gedragstherapie, cognitieve therapie of een combinatie?
Welke betekenis of functie heeft het probleem binnen het sociale netwerk van de patiënt?
- Fase 3 = behandeling
o Soorten
Medicamenteuze therapie (biologisch)
Psychotherapie (psychologisch)
Een combinatie
o Er gaat meer aandacht uit naar de rol van de kinesitherapeut in de preventie en behandeling
o Kan zowel individueel plaatsvinden als met partner, met het gezin of in groep.
,Psychotherapie
- Algemeen = meestal draait therapie om diepgaande gesprekken tussen patiënt en therapeut
- 4 stromingen
o Psychodynamische therapie (~psychoanalyse) = focus op verleden
Gericht op het opsporen van onderliggende gevoelens, gedachten en motieven.
Veronderstelling
Psychische en lichamelijke problemen vinden hun oorsprong in kindertijd
> Bv. Verstoorde hechting
Bewust worden van onbewuste processen en ermee aan de slag gaan
o Cognitieve gedrastherapie = focus op het heden
Vertrekt vanuit het idee dat gedrag aangeleerd is.
Doel = belemmerende gedrags- en gedachtepatronen vervangen door gezondere
alternatieven
Vormen binnen kinesitherapie
Acceptance & commitment therapy (act)
Mindfulness-based therapie
Kenmerken
Aandacht voor gedachten en lichamelijke gewaarwordingen in het moment.
Patiënt leert bewust te kiezen hoe hijreageert, in plaats van automatisch te handelen
Gedachten hoeven niet altijd veranderd te worden → leren accepteren
Pijn verdwijnt niet altijd → leren omgaan met pijn is essentieel
o Ervaringsgerichte therapie = focus op het lichaam
Uitgangspunt = gevoel en beleving in het hier en nu
ontstaan als een tegenreactie op de psychoanalyse
Niet het verleden, maar de actuele ervaring staat centraal.
Voorbeeld = gestalttherapie
Aandacht voor lichamelijke gewaarwordingen.
Werkt met lichaamsgerichte oefeningen naast gesprekken.
Psychische problemen uiten zich vaak lichamelijk:
Vermoeidheid
Spierspanning
Spierstijfheid
Pijn
o Systeemtherapie = focus op de omgeving
Problemen ontstaan door interactiepatronen tussen mensen.
Symptomen bij 1 persoon word gezien als uiting van het functioneren van het hele systeem
Bv. Gezin, school, …
Therapie richt zich op relaties en gezinsdynamiek.
Voorwaarde = gezinsleden moeten bereid zijn om mee te werken.
- Casus: joren (10 jaar)
o Situatie
Joren vertoont sinds een jaar probleemgedrag op school
Agressief naar klasgenoten
Weigert opdrachten te maken
Ouders hebben vaak conflicten over opvoeding
Eén ouder straft streng
Andere ouder troost en biedt excuses aan
Gevolg = spanningen tussen ouders → zusje van joren gedraagt zich angstig en
teruggetrokken
Therapeut onderzoekt hoe gezinsinteracties bijdragen aan jorens gedrag
o Oefenvraag
Welke patronen in het gezin houden volgens systeemtherapie het probleemgedrag van
joren in stand, en hoe kan de therapeut deze doorbreken?
o Antwoord
Systeemtherapeutische visie
Probleemgedrag bekeken in de context van het gezin, niet alleen bij joren
, Patronen die gedrag in stand houden
Tegenstrijdige opvoedingsstijlen → joren leert dat agressie aandacht oplevert of
regels kan omzeilen.
Spanningen tussen ouders → stressvolle omgeving → joren reageert met
probleemgedrag, zusje trekt zich terug.
Vicieuze cirkel = gedrag van joren beïnvloedt gezinsinteracties, en omgekeerd.
Therapeutische aanpak
Ouders leren samen en consequent op te treden → duidelijke grenzen voor joren
Gezinsleden leren communiceren zonder escalatie → gevoelens erkennen
Joren en zusje leren omgaan met spanningen en emoties op een gezonde manier
Doel = gezinsdynamiek in evenwicht brengen → afname van jorens probleemgedrag
Soorten zorg
- Intramurale zorgverlening
o Definitie
Zorg binnen een instelling waar mensen worden opgenomen en meerdere nachten blijven
o Paaz
Onderdeel van een algemeen ziekenhuis
2 functies
Dringende psychiatrische crisishulpverlening
> Vooral in stedelijke gebieden
> Samenwerking met spoedgevallendiensten
Liaisonpsychiatrie
> Psychologische en psychiatrische opvang van patiënten in niet-
psychiatrische diensten
> Hulp op verzoek van de verantwoordelijke arts
Crisisinterventie
Kortdurende observatie en behandeling bij acute psychiatrische crisis
Doelgroep
> Al gekende patiënten met een plotselinge verstoring van evenwicht
> Personen met recente, acute psychiatrische problematiek
Zorgprogramma
> Geïndividualiseerde, intensieve behandeling van korte duur
> Systeemtherapeutische interventie (partner- of gezinssessies)
Liaisonpsychiatrie
Verkleint de scheiding tussen psychiatrie en andere geneeskunde
Verbetert zorg voor patiënten met lichamelijke aandoeningen
Brugfunctie tussen
> Algemeen ziekenhuis
> Geestelijke gezondheidszorg
> Residentiële psychiatrische voorzieningen
> Behandelende artsen, psychiaters en psychologen in privépraktijken
o Psychiatrische ziekenhuizen
Specialistische diagnosestelling en behandeling
Multidisciplinaire aanpak
Behandeling afgestemd op individuele behoeften
Mogelijkheden
Volledige opname
Partiële hospitalisatie (dag/nacht)
Doelgroepen
Kinderen en jongeren
Volwassenen
Ouderen (niet elk ziekenhuis biedt zorg aan alle groepen)
o Psychiatrische verzorgingstehuizen (pvt)
Voor personen met langdurige, gestabiliseerde psychische stoornis of verstandelijke
beperking
, Beschermde collectieve woonvorm
Geen nood aan ziekenhuisbehandeling of ononderbroken toezicht
Niet geschikt voor zelfstandig wonen of verblijf in andere instellingen (vb. Rusthuizen)
Doel
Continue begeleiding
Herwinnen van autonomie
Eventueel terugkeer naar normaal maatschappelijk leven
o Instellingen voor personen met een verstandelijke beperking
- Tussenvoorzieningen ~ semimurale zorg
o Definitie
Zorg voor mensen die niet zelfstandig wonen, maar ook niet opgenomen zijn in instellingen
o Deeltijdse behandeling
Hierbij volgen patiënten bepaalde behandelingen of therapieën in een instelling, maar
verblijven ze er niet permanent
o Beschermd wonen
Voor mensen met psychiatrische problemen zonder nood aan ziekenhuisbehandeling
Woonvorm
Individueel of in kleine groepjes
Begeleider komt enkele keren per week langs
Activiteiten
Dagactiviteiten aangepast aan psychisch en lichamelijk functioneren
Leef- en woonvaardigheden
Dagbesteding
Sociaal netwerk en sociale vaardigheden
Aanpak
Psychiatrische rehabilitatie
Gericht op autonomie
Rekening houdend met mogelijkheden en beperkingen
o Dagcentra voor personen met een beperking
Doel = zinvolle daginvulling op basis van talenten, verwachtingen en interesses
Activiteiten
Creatief
Recreatief
Vormend
Semi-industrieel werk
Elk dagcentrum heeft een eigenheid → programma op maat
o Sociale/beschutte werkplaatsen
Bedrijven met als doel = tewerkstelling van personen met een arbeidshandicap
Kenmerk
Arbeidsmilieu aangepast aan geestelijke en lichamelijke toestand
Voor mensen die niet kunnen werken onder normale omstandigheden
- Ambulante zorgverlening (extramuraal)
o Definitie
Zorg buiten instellingen, voor mensen die zelfstandig wonen maar zorg nodig hebben.
o Centra voor geestelijke gezondheidszorg (cgg)
Consultatiebureaus voor psycho-medisch-sociale zorg
Multidisciplinaire aanpak
Psychiaters
Psychologen
Maatschappelijk werkers
Logopedisten
Functies
Eerste opvang en analyse
Doorverwijzing indien nodig
Diagnosestelling
Psychiatrische, psychotherapeutische en psychosociale behandeling
Vroegtijdige detectie van psychische problemen