EXAMEN 2025-2026
1. (Rijgeschiktheid vraag)
Stelling 1: vrouw met ooit postpartum depressie, ze gebruikt antidepressiva (venlafaxine) en
haar depressie is intussen al 6 maanden onder controle, ze heeft goed begrip van haar
toestand en ze wordt regelmatig opgevolgd bij de psychiater. Zij mag rijgeschikt gesteld
worden voor maximaal 3 jaar.
Stelling 2 : man met binocularie zichtscherpte van 3/10 en met correctie 8/10. Hij is
rijgeschikt zolang hij zijn correctie gebruikt tijdens het rijden.
A: Enkel stelling 1 is waar
B: enkel stelling 2 is waar
C: beide stellingen zijn waar
D: beide stellingen zijn niet waar
2. Vraag
Stelling 1: Uitwendige verdrinkingstekens kunnen verdwijnen na langdurig verblijf in het
water.
Stelling 2: iemand die na het drinken van 3 glazen bier verdrinkt in zoet water, zal een lagere
BAC hebben dan als hij zou verdrinken in zout water.
A: Enkel stelling 1 is waar
B: enkel stelling 2 is waar
C: beide stellingen zijn waar
D: beide stellingen zijn niet waar
3. Vraag
Stelling 1: In Belgische wetgeving is er seksuele penetratie nodig om van verkrachting te
spreken.
Stelling 2: Een jongen van 13 jaar mag seks hebben met zijn liefje indien het leeftijdsverschil
laag genoeg is en indien de ouders toestemming geven (zoiets nee, er stond indien deze
jongen ook minderjarig is).
A: enkel stelling 1 is juist
B : enkel stelling 2 is juist
C: Beide stellingen zijn juist
D: Beide stellingen zijn fout
4. Vraag
Stelling 1: Bij een verkrachting met een date-rape drug zal GHB in het bloed tot langer na de
feiten kunnen worden aangetoond dan met ketamine. Die vraag was anders, der stond da
GHB minder lang te testen was, en dus dat da juist is ah huh bij mij stond het echt wel dat
GHB langer aantoonbaar was dan ketamine
Stelling 2: Het gevaar van designer drugs is dat er niet genoeg onderzoek is op dieren en
klinische studies en dat we de veiligheid enzo niet kennen
A: enkel stelling 1 is juist
B: enkel stelling 2 is juist
C: Beide stellingen zijn juist
D: beide stellingen zijn fout
1
, 5. Vraag:
Stelling 1: Bij een dood geboren kind (mors in utero) na een zwangerschap van 30 weken
moet men het formulier Model III D ingevuld worden.
Stelling 2: Op strook C van het formulier Model III D moet men meer medische informatie
invullen, zoals de bevalling en zwangerschap, dan bij model IIIC
A: enkel 1 is juist
B: enkel 2 is juist
C: beide stellingen zijn juist
D: beide stellingen zijn fout
6. Vraag
Stelling 1: De verplaatsbaarheid van lijkvlekken wordt hoofdzakelijk bepaald door de
doodsoorzaak.
Stelling 2: iemand die vlak voor het overlijden een zware inspanning heeft geleverd zal
sneller spierstijfheid ontwikkelen dan iemand zonder inspanning.
A: enkel stelling 1 is juist
B: enkel stelling 2 is juist
C: Beide stellingen zijn juist
D: beide stellingen zijn fout
7. Vraag
Stelling 1: Aan de hand van de ondermijnbaarheid kan men bij een scheurwonde de richting
van de impact bepalen.
Stelling 2: Een hollow-point kogel die vaak door de politie wordt gebruikt, veroorzaakt
typisch minder weefselschade dan een gewone kogel (“full metal jacket” kogel).
A: Stelling 1 is juist
B: Stelling 2 is juist
C: Stellingen 1 en 2 zijn juist
D: Beide stellingen zijn fout
8. Vraag: Een 67-jarige hartpatiënte doet een AMI tijdens het rijden en komt tegen een boom
terecht. Ze wordt naar Spoed gebracht, er wordt craniocerebraal trauma vastgesteld.
Uiteindelijk stijgt haar hersendruk en enkele dagen later hersendood verklaard op de ICU.
Stelling 1: ondanks het schedelhersentrauma is de dit een natuurlijke doodsoorzaak
Stelling 2: in België mogen de artsen niet tot behandeld team horen om hersendood te
verklaren
A: Stelling 1 is juist
B: Stelling 2 is juist
C: Beide stellingen zijn juist
D: Beide stellingen zijn fout
9. Vraag
Stelling 1: in België was crematie de laatste 10 jaar de meest gebruikte vorm van
terlijkschouwing (lijkbezorging) ofzoiets
Stelling 2: de beëdigde arts van de gemeente (crematie-arts) moet het lijk onderzoeken en
een attest maken of het gaat over een natuurlijk/verdacht/geweldadig/onbekend o in
overlijden
A: Stelling 1 is juist
B: Stelling 2 is juist
C: Beide stellingen zijn juist
D: Beide stellingen zijn fout
2