Voortplanting
Hoe werkt het voortplantingsstelsel?
Voortplantingsstelsel bestaat uit geslachtsklieren/gonaden produceren
voortplantingscellen/gameten + geslachtshormonen
o Kanalen om gameten te transporteren + klieren om ondersteunende vloeistoffen te
produceren
o Copulatieorganen maken seksuele overdracht van gameten mogelijk
Vrouwelijk voortplantingsstelsel volledig gescheiden van uitscheidingsstelsel bij
mannen voor een stuk gedeeld urogenitale stelsel vanaf geboorte alle organen hiervan
aanwezig vanaf puberteit actief bezig
Wat is de primaire bouw van het vrouwelijk voortplantingsstelsel?
Voortplantingsstelsel primair opgebouwd vanaf vruchtbare leeftijd drie verschillende
functies eicellen doen rijpen (in eierstokken/ovaria) + geslachtshormonen produceren +
ongeboren kind beschermen en voeden
Ovaria hangen met ligamenten/bindweefsel vast aan buikholte + zijn door bindweefsel
verbonden aan eileider in richting baarmoeder versmalt eileider
Beide eileiders monden bovenaan baarmoeder/uterus uit naar beneden versmalt
baarmoeder tot baarmoederhals/cervix mondt via baarmoedermond uit in vagina
heeft aan buitenkant slijmvlieslaag /endometrium daaronder sterke
spierlaag/myometrium aan buitenkant begrensd door epitheellaag/perimetrium
Vagina 9cm breed + elastisch heeft zuur milieu pH tussen 3,8-4,5 beschermt
vagina tegen infecties door pathogenen die van buitenaf komen
Via vaginale opening vagina staat in verbinding met buitenkant lichaam vaginale
opening deels afgeschermd van buitenkant maagdenvlies/hymen kan scheuren door
seksueel contact
Vulva delen van vrouwelijke urogenitale stelsel uitwendig zichtbaar
o Boven vaginale opening binnenste schaamlippen
o Waar binnenste schaamlippen samenkomen eikel van clitoris genotsorgaan
grotendeels inwendig clitoriswortel + clitorislichaam + clitoriseikel
clitoriswortel twee paar zwellichamen aan weerszijden vaginale opening
zachte/vestibulaire + caverneuze zwellichamen
o Buitenste schaamlippen omgeven zwellichamen bestaan uit vetweefsel +
zweet-talg- en feromoonproducerende klieren
Wat is de primaire bouw van het mannelijke
voortplantingsstelsel?
, Mannelijk voortplantingsstelsel vanaf geboorte 2 functies productie
zaadcellen/zaadvloeistof (in teelballen/testes) + productie mannelijke
geslachtshormonen/androgenen
Teelballen liggen in balzak / scrotum in huid balzak zit dunne spierlaag die teelballen
kan optillen (bij contact koud water bijv waarbij huid rimpelt) + andere spieren (balheffer) die
ballen dichter of verder van lichaam kunnen brengen om teelbaltemperatuur te reguleren
(35°C)
Stevige bindweefsellaag omgeeft teelballen + deelt ze inwendig op in 250 teelballobben
vanuit elke teelballob monden enkele zaadbuisjes via netwerk buisjes in bijbal startpunt
mannelijke tractus genitialis afvoersysteem van kanalen om zaadcellen buiten lichaam te
transporteren
o Bijbal ligt tegen teelballen zorgt voor zaadvloeistof + opslag rijpende
zaadcellen + recyclage beschadigde/oude zaadcellen
Bijbal gaat over in zaadleider
Uiteinde zaadleider is verbreed + mondt uit in ejaculatiekanaal verbonden met
afvoergang zaadblaasje ( produceert zaadvloeistof) ejaculatiekanaal loopt door prostaat
+ mondt uit in urinebuis
Prostaat produceert deel van zaadvocht
Aan basis elke penis aan weerszijden klier van Cowper produceert alkalisch slijm
neutraliseert urinezuur + smeert eikel
Penis copulatieorgaan 3 delen
o Peniswortel inwendig omgeven door spierweefsel
o Penislichaam begint aan schaambeen + eindigt aan eikel
o Eikel sterk bezenuwd
Voorhuid omgeeft eikel
Overgang eikel naar penislichaam klieren die smegma (smeermiddel voor
eikel en voorhuid) produceren
Inwendig bestaat penis 3 zwellichamen vullen zich bij seksuele stimulatie met bloed
erectie
o Caverneuze zwellichamen bovenzijde
ruime holtes/cavernes
o Spongieuze zwellichaam onderzijde
omgeeft urinebuis + vormt uitwendig de eikel
Hoe zit de levenscyclus van de mens in elkaar?
Diploïde + haploïde fase
o Diploïde fase begint bij seksuele
voortplanting zygote groeit verder tot
vruchtbare volwassene
o Haploïde fase begint bij gametogenese in geslachtsklieren
Wat zijn de verschillende ontwikkelingsstadia van de mens?
, GAMEET TOT NEONAAT
PROCES Bevruchting ontstaan van eencellige zygote ondergaat mitotische deling
vormt pre-embryo na 2 weken is het een embryo (gedurende 6weken)
daarna 30 weken ontwikkeling als foetus tot geboorte ca. na 38 weken
(40 met eicelrijping erbij)
GESLACHTSDIFFERENTIATIE:
Chromosomale samenstelling zaadcel + eicel bepaalt biologische geslacht
van embryo
Indifferente periode 1e 5 weken na bevruchting geen duidelijke
in/uitwendige differentiatie primaire geslachtskenmerken embryo
ontwikkelt primitieve geslachtsklieren (bezitten primordiale kiemcellen
voorlopers van zaad/eicellen) + geslachtsbuizen (buizen van Wolff + Müller)
5 weken na bevruchting / 7e zwangerschapsweek geslachtsdifferentiatie
primitieve geslachtsklieren differentiëren tot ovaria/testes + geslachtsbuizen
tot zaad/eileiders
o Y bevat SRY (seks-determining region) met seksspecifieke genen
TDF (testis determining factor) embryo’s waarbij TDF tot expressie
komt ontwikkelen testes produceren na 7e week AMH
(antimüllerhormoon) + testosteron testosteron differentieert
buizen van Wolff tot mannelijke inwendige seksuele geslachtsorganen
o Afwezigheid TDF meisjes primitieve geslachtsklieren worden
ovaria ook geen AMH buizen van Wolff verdwijnen buizen
van Müller worden eileiders + baarmoeder + vagina
9e zwangerschapsweek uitwendige geslachtsplooien worden uitwendige
geslachtsorganen
o Jongens vergroting zone anus + urogenitale groeve
geslachtsplooien fuseren penis + balzak virilisatie ontstaat
door omvorming testosteron tot dihydrotestosteron (DHT)
o Meisjes veel oestrogeen geen DHT gevormd ontstaat
vaginale opening door 2 paar schaamlippen eikel + clitoris hebben
zelfde embryonale oorsprong gelijkende anatomie
16e week genotypische geslacht fenotypisch duidelijk zichtbaar
tijdens foetale fase blijven geslachtsorganen evolueren in laatste maand
dalen teelballen bij jongens in waardoor ze aan buitenkant komen te liggen
NEONAAT EN KINDERTIJD
PROCES Pasgeborene/neonaat heeft 1 van de 2 biologische geslachten man (XY)
of vrouw (XX) af te leiden uit waarneembare primaire geslachtskenmerken
(in/uitwendige geslachtskenmerken aanwezig vanaf geboorte)
Neonaat ontwikkelt tot peuter kleuter kind (6-12j)
Vlak na geboorte hoofd groot tov lichaam tijdens ontwikkeling tot 12j
ontstaan typisch menselijke lichaamsverhoudingen seksuele ontwikkeling
is beperkt
PUBERTEIT
PROCES Puberteit seksuele ontwikkeling (meisjes eerder dan jongens)
lichamelijke + gedragsmatige veranderingen door verhoogde productie
geslachtshormonen lichamelijke veranderingen vormen secundaire
geslachtskenmerken
o Meisjes menstruatie + schaamhaar + okselhaar + onderhuids vet
bij heupen + borstklierweefsel
o Jongens schaamhaar + okselhaar + lichaamsbeharing
(gezicht/borst/rug) + stemverlaging + penis/scrotum vergroot +