Inleiding
Historisch bewustzijn en historisch besef
Samenleving van vandaag heeft een oorsprong in het verleden
Verschillende maatschappelijke domeinen
- Politiek: bestuur, oorlog en vrede, territorium, instellingen
- Economisch: landbouw, veeteelt, handel, industrie
- Sociaal: organisatie van de samenleving, multiculturaliteit, arm en rijk
- Cultureel: levensbeschouwelijk, religie, kunst en cultuur, wetenschap
en techniek
- Milieu: omgeving
Hedendaagse maar ook historische werkelijk zijn het gevolg van
veranderingen en evolutie in verschillende domeinen = historisch bewustzijn
Belanstelling en enthousiasme aanwakkeren voor verleden, heden en
toekomst (hier en elders)
- Historisch tijdbesef stimuleren
o Gebeurtenissen in de tijd plaatsen
o Verschillende tijden smet elkaar en nu vergelijken
- Zinvol om het verleden te kennen om beslissingen te nemen in de
toekomst
Periodisering
Geschiedenis is niet hetzelfde als verleden
Geschiedenis = wetenschap over het verleden, interpretatie van het
verleden
6 verschillende periodes of tijdsvakken
- De prehistorie (… tot ca.3500 v.C.)
- De oudheid (ca. 3500 tot ca. 500 n.C./ o.t)
- De middeleeuwen (ca. 500 tot ca.1500)
- De vroegmoderne tijd (ca. 1500 tot ca. 1800)
- De moderne tijd (ca. 1800 tot 1945, geen ca. want is een exact getal)
- De hedendaagse tijd (1945 tot …)
Zeer westers en Europees getint
ca = circa, ongeveer (rond deze periode een verandering)
V.o.t. = voor onze tijd (zelfde als v.c., voor christus)
,Juiste eeuw situeren
- 1 -> 100 = 1ste eeuw
- 101 -> 200 = 2de eeuw
- 2 nullen op het einde = die eeuw
- Geen twee nullen dan laatste twee getallen weg + 1
o 1609 = 17de eeuw
o 1600 = 16de eeuw
Maatschappijvormen
- De nomadische maatschappij: trekken rond op zoek naar eten
- De agrarische maatschappij: landbouw
- De agrarisch-stedelijke maatschappij: landbouw en stad
- De industriële maatschappij: fabrieken
- De informatie maatschappij: belangrijke economie, politiek, cultuur en
sociale activiteiten
Niet chronologisch, alle maatschappijvormen komen nog voor op andere
plekken
Revolutie = grote verandering op korte tijd
Evolutie = grote verandering op lange tijd
Prehistorie
Inleiding
Onstaan van tijd en ruimte start met de oerknal 13,8 miljard jaar geleden
Maar vaak vanaf ontstaan van mensachtigen en mensensoorten
= voor het onstaan van het schrift
- Geen geschreven bronnen
- Informatie niet uit teksten
2 periodes
- Steentijden: gebruiksvoorwerpen van steen en hout
o Oude steentijd
o Middensteentijd
o Neolithicum/ nieuwe steentijd: leefden eerste mensen als jager-
verzamelaar
Vanaf 8000 v. Chr. = mensen blijven op 1 plaats
Neolithicum of agrarische revolutie
Alleen deze kennen
- Metaaltijden
,RAAMWERK (p.3)
Onstaan van aarde en heelal
13,8 miljard jaar geleden: onstaan heelal
4,5 miljard jaar geleden: onstaan aarde
Pangea = oercontinent
- Verschillende continentendriften al geweest
- Dit is de laatste
Evolutie
- Eencelligen
- Meercelligen
- Vissen
- Amfibieën
- Reptielen
Meteoriet
- Vogels
- Zoogdieren
Evolutie op een klok voorstellen
- Mens is de laatste 20 seconden
Evolutietheorie
Charles Darwin
- On the orgin of species
o Natuurwetenschappelijke verklaring
o Eigenschappen veranderen door genetische variatie,
voortplanting en natuurlijke selectie
Van aap tot mens
- De eerste primaten
- Zagen eruit als eekhooren en klauterden van tak tot tak
- Huidige halfapen, apen, mensactigen en mensen stammen af van deze
primaten
Mensachtigen en mensensoorten
= op 2 benen lopen
Evolutionair voordeel
- Handen vrij: werktuigen maken
, - Boven struiken kijken in de savanne (boven struikgewassen en lange
grassen)
- Minder energie verbruiken door op 2 benen te lopen, je vangt ook
minder zonlicht
Nadelen
- Minder evenwicht
- Trager
- Nek- en rugkrachten
- Moeilijker bevallen (bekken zijn zo gekanteld zodat het moeilijker is)
o Worden in vergelijking met andere dieren te vroeg geboren
o Als baby kan je nog niets en een veulen bijvoorbeeld wel
o Voordeel: onze hersenen zijn nog kneedbaar waardoor we veel
kunnen leren
Eerste mensachtige
= lucy (australopithecus)
- Ehtiopië
- Liep op twee benen
- Deel evolueerde richting de mens
Homo habilis (handige mens)
Homo erectus (rechtopstaande mens)
Homo floresiensis (van eiland flores)
Homo heidelbergensis (vondplaats heidelberg in duitsland)
- Homo neanderthalensis (vondplaats neanderdal in duitsland)
- Homo sapiens (wijze mens)
Werktuigen
- Homo habilis
Schedel
- Eerste: leefde in een klein gebied, toch heel slim = homo florensiensis
- Tweede: homo sapiens
Speren (jacht)
- Eerste mens = aaseters
- Eerste werktuig was voor aas niet om te jagen
- Speren wel om te jagen
- Homo heidelbergensis
o Vonden werktuigen na dieren, en inkepingen in botten van dieren
Voetafdruk
- Oudste ooit gevonden
- Homo erectus
o Geen rechte voeten maar een gewelfde voet