FVV2 – Verpleegkunde 2: Zuurstoftherapie
❖ Inleiding
Zuurstof belangrijk: vr hart, hersenen, nieren, ….
Zuurstof balans = het evenwicht tss zuurstofaanvoer en zuurstofverbruik
• Zuurstofaanvoer te laag: via zuurstoftherapie kan tot 100% (wij ademen 21% in)
• Zuurstof verbruik opvangen → aerosol geven zodat longen opengaan zo weten we dat het
makkelijker toekomt
Zuurstofaanvoer (belangrijk vr zuurstofaanvoer):
• Saturatiegraad vh arteriële bloed (SaO2)
• Hemoglobinegehalte (1 hemoglobine (bevat ijzer) kan 2 zuurstof molecule opnemen dan is die
gesatureerd)
• Hartdebiet = als je hart onvoldoende werkt, kan er onvoldoende zuurstof nr de cellen gebracht w
Zuurstofverbruik:
• Lichaamstemperatuur: bij koorts gaat metabolisme veel hoger zijn en gaat die veel meer
verbruiken. Veel meer O2 nodig → temp verlagen dr medicatie, fysiek actief afkoelen
• Lichaamsactiviteit
• Ademhalingsarbeid: zware longaandoening = veel energie vr ademhaling
• Ziektetoestanden: wnr dat adrenaline vrijkomt dr stresssituatie = veel hoger zuurstof gebruik
• Adrenerge en andere toestanden: zelfde als hierboven
• Vb. boos worden toestand waarbij adrenaline vrijkomt = veel zuurstof nodig
o In basale omstandigheden: Verbruik van 250 ml zuurstof per minuut
o Slechts zeer beperkte opslag- of reservecapaciteit in lichaam
o Constante aanvoer van zuurstof naar de cellen is essentieel
DUS:
• Zuurstof aanvoer doen stijgen ➔ O2 therapie
• Zuurstofverbruik doen dalen ➔ Temperatuur dalen/fysiek afkoelen, laten rusten, comfortabele
houding, stress vermijden want dr adrenaline hebben we veel zuurstof nodig
Indicaties om O2 toe te dienen:
• SaO2= % zuurstof gebonden aan hemoglobine ih bloed
• Hypoxie: zuurstoftekort in de weefsels
• Hypoxemie = Onvoldoende zuurstofgehalte vh bloed = heel gevaarlijk want als dit heel laag is
gaan we nr een asystolyse
• Hoesten: nee, wil niet direct zeggen dat er nood is aan O2 toediening
• Rusteloosheid: ja toedienen, want te kort aan zuurstof id hersenen kan er verwardheid of
rusteloosheid op treden
• Extreem roze huid: ja, want die pink puffers (mensen) moeten max 2L krijgen. Iets met als ze te
veel zuurstof hebben gaan hersenen denken dat ze niet meer moeten doen en stoppen met
ademen
• Bradypnee: = te traag ademen, nee, mr bekijk het verhaal vd patiënt
• Tachnypnee: = snel ademen, ja, ze ademt veel minder volume in vb. 300ml inademen min 150ml
v dode ruimte = maar 150ml inademen + zijn CO2 gaat opstapelen
, • Witte huid: geen zuurstof geven mr wel bloed, want rode bloedcellen vervoeren zuurstof
(hemoglobine waar zuurstof zich aan bindt)
• Hypertensie met tachycardie: ja, want dit is een voorteken om slechter te gaan. Je moet O2
geven zodat hart rustiger kan werken
• Dyspnee: (=kortademigheid): ja, want pat krijgt niet alle zuurstof binnen dat hij nodig heeft
• Cyanose: = geeft aan dat er onvoldoende zuurstoftoevoer is
• Andere indicaties:
o Zuurstoftekort id omgevende lucht → CO-intoxicatie, grote hoogtes
o Specifieke pathologie met verminderde O2 opname → AH depressie
barbituratenintoxicatie, benzodiazepines
▪ Ademhalingsdepressie
▪ Ademhalingsobstructie: er zit iets in de weg, Obstructie tumor
▪ Diffusiestoornissen: een doorlating/stoornis → ARDS ontsteking in longen.
Vocht + ontstekingscellen uit bloedvaten in longweefsel → overdracht o2
longweefsel is moeilijk
▪ CO – intoxicatie: CO bindt zich ook aan hemoglobine
o Anemie: laag hemoglobine→ Chronisch bloedverlies (minder Hb om o2 te binden
o Laag hartdebiet: hoe lager hoe minder doorgepompt nr rest
o Hoog zuurstofverbruik: bij sepsis vb heel groot zuurstoftekort
Tegen indicaties:
• Laag zuurstofdebiet bij COPD, ouderen (weefsels onttrekken minder zuurstof) en prematuren
(retinopathie)
• COPD: normaal zorgt een te hoog CO2 gehalte vr AH-prikkel id hersenen. Hoe hoger CO2 hoe
meer en dieper we gaan ademen. Bij COPD is CO2 gehalte chronisch verhoogd en is O2 te kort
enige prikkel in hersenen om te ademen → max 2l O2 toedienen
• Id wet staat blijkbaar dat vpk mag geven wat nodig is, maar uit veiligheid geef je max 5L
• COPD = tegenindicatie om veel zuurstof te geven → de AH prikkel komt vd zuurstof als die te hoog
w gaan de hersenen stoppen met werken want ze hebben het gevoel dat er toch genoeg O2 is
Zuurstoftoediening is B1 behandeling:
• De verpleegkundige mag zuurstof opstarten (tot maximaal 2l/min)
o Bij objectieve verslechtering ve patiënt.
o Arts nadien steeds contacteren voor een verder beleid.
o Patiënt blijven observeren.
• Om complicaties (hypoventilatie, zuurstofintoxicatie, uitdrogen van slijmvliezen) te voorkomen
steeds zo’n laag mogelijke concentratie toedienen.
• Nu mogen we geven wat nodig is (niet per se tot 2L)
• Als patiënt lagere saturatie heeft geef zuurstof en meld bij arts. Ga 20 min later is zien (opvolging!)
+ in het rood op zorgplanning schrijven
❖ Inleiding
Zuurstof belangrijk: vr hart, hersenen, nieren, ….
Zuurstof balans = het evenwicht tss zuurstofaanvoer en zuurstofverbruik
• Zuurstofaanvoer te laag: via zuurstoftherapie kan tot 100% (wij ademen 21% in)
• Zuurstof verbruik opvangen → aerosol geven zodat longen opengaan zo weten we dat het
makkelijker toekomt
Zuurstofaanvoer (belangrijk vr zuurstofaanvoer):
• Saturatiegraad vh arteriële bloed (SaO2)
• Hemoglobinegehalte (1 hemoglobine (bevat ijzer) kan 2 zuurstof molecule opnemen dan is die
gesatureerd)
• Hartdebiet = als je hart onvoldoende werkt, kan er onvoldoende zuurstof nr de cellen gebracht w
Zuurstofverbruik:
• Lichaamstemperatuur: bij koorts gaat metabolisme veel hoger zijn en gaat die veel meer
verbruiken. Veel meer O2 nodig → temp verlagen dr medicatie, fysiek actief afkoelen
• Lichaamsactiviteit
• Ademhalingsarbeid: zware longaandoening = veel energie vr ademhaling
• Ziektetoestanden: wnr dat adrenaline vrijkomt dr stresssituatie = veel hoger zuurstof gebruik
• Adrenerge en andere toestanden: zelfde als hierboven
• Vb. boos worden toestand waarbij adrenaline vrijkomt = veel zuurstof nodig
o In basale omstandigheden: Verbruik van 250 ml zuurstof per minuut
o Slechts zeer beperkte opslag- of reservecapaciteit in lichaam
o Constante aanvoer van zuurstof naar de cellen is essentieel
DUS:
• Zuurstof aanvoer doen stijgen ➔ O2 therapie
• Zuurstofverbruik doen dalen ➔ Temperatuur dalen/fysiek afkoelen, laten rusten, comfortabele
houding, stress vermijden want dr adrenaline hebben we veel zuurstof nodig
Indicaties om O2 toe te dienen:
• SaO2= % zuurstof gebonden aan hemoglobine ih bloed
• Hypoxie: zuurstoftekort in de weefsels
• Hypoxemie = Onvoldoende zuurstofgehalte vh bloed = heel gevaarlijk want als dit heel laag is
gaan we nr een asystolyse
• Hoesten: nee, wil niet direct zeggen dat er nood is aan O2 toediening
• Rusteloosheid: ja toedienen, want te kort aan zuurstof id hersenen kan er verwardheid of
rusteloosheid op treden
• Extreem roze huid: ja, want die pink puffers (mensen) moeten max 2L krijgen. Iets met als ze te
veel zuurstof hebben gaan hersenen denken dat ze niet meer moeten doen en stoppen met
ademen
• Bradypnee: = te traag ademen, nee, mr bekijk het verhaal vd patiënt
• Tachnypnee: = snel ademen, ja, ze ademt veel minder volume in vb. 300ml inademen min 150ml
v dode ruimte = maar 150ml inademen + zijn CO2 gaat opstapelen
, • Witte huid: geen zuurstof geven mr wel bloed, want rode bloedcellen vervoeren zuurstof
(hemoglobine waar zuurstof zich aan bindt)
• Hypertensie met tachycardie: ja, want dit is een voorteken om slechter te gaan. Je moet O2
geven zodat hart rustiger kan werken
• Dyspnee: (=kortademigheid): ja, want pat krijgt niet alle zuurstof binnen dat hij nodig heeft
• Cyanose: = geeft aan dat er onvoldoende zuurstoftoevoer is
• Andere indicaties:
o Zuurstoftekort id omgevende lucht → CO-intoxicatie, grote hoogtes
o Specifieke pathologie met verminderde O2 opname → AH depressie
barbituratenintoxicatie, benzodiazepines
▪ Ademhalingsdepressie
▪ Ademhalingsobstructie: er zit iets in de weg, Obstructie tumor
▪ Diffusiestoornissen: een doorlating/stoornis → ARDS ontsteking in longen.
Vocht + ontstekingscellen uit bloedvaten in longweefsel → overdracht o2
longweefsel is moeilijk
▪ CO – intoxicatie: CO bindt zich ook aan hemoglobine
o Anemie: laag hemoglobine→ Chronisch bloedverlies (minder Hb om o2 te binden
o Laag hartdebiet: hoe lager hoe minder doorgepompt nr rest
o Hoog zuurstofverbruik: bij sepsis vb heel groot zuurstoftekort
Tegen indicaties:
• Laag zuurstofdebiet bij COPD, ouderen (weefsels onttrekken minder zuurstof) en prematuren
(retinopathie)
• COPD: normaal zorgt een te hoog CO2 gehalte vr AH-prikkel id hersenen. Hoe hoger CO2 hoe
meer en dieper we gaan ademen. Bij COPD is CO2 gehalte chronisch verhoogd en is O2 te kort
enige prikkel in hersenen om te ademen → max 2l O2 toedienen
• Id wet staat blijkbaar dat vpk mag geven wat nodig is, maar uit veiligheid geef je max 5L
• COPD = tegenindicatie om veel zuurstof te geven → de AH prikkel komt vd zuurstof als die te hoog
w gaan de hersenen stoppen met werken want ze hebben het gevoel dat er toch genoeg O2 is
Zuurstoftoediening is B1 behandeling:
• De verpleegkundige mag zuurstof opstarten (tot maximaal 2l/min)
o Bij objectieve verslechtering ve patiënt.
o Arts nadien steeds contacteren voor een verder beleid.
o Patiënt blijven observeren.
• Om complicaties (hypoventilatie, zuurstofintoxicatie, uitdrogen van slijmvliezen) te voorkomen
steeds zo’n laag mogelijke concentratie toedienen.
• Nu mogen we geven wat nodig is (niet per se tot 2L)
• Als patiënt lagere saturatie heeft geef zuurstof en meld bij arts. Ga 20 min later is zien (opvolging!)
+ in het rood op zorgplanning schrijven