• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 61 pages
Summary

Samenvatting Developmental Psychopathology | UU | 2026/27

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 61 pages

Deze samenvatting behandelt de eerste twee hoofdstukken van het vak Developmental Psychopathology () aan de Universiteit Utrecht. De stof omvat het dynamisch model van psychopathologie, drie beschrijvingswijzen (statistical deviance, sociocultural norms, mental health perspectives), vormen van adaptatie, en modellen van psychopathologie (fysiologische, dimensionale en categoriale modellen). Met uitleg over neurotransmitters, neural plasticity, genetica en gene-by-environment-effects is dit een praktische voorbereiding op tentamens en colleges in de pedagogische wetenschappen.

Content preview

DP HC samenvatting
Hoofdstuk 1

Dynamisch model: ontwikkeling kan worden nagegaan of het gedrag van een kind afwijkt van de
‘normaliteit’

Drie manieren om psychopathologie te beschrijven
1. Statistical deviance: in vergelijking met de verdeling in een steekproef is er een
afwijking in bepaalde emoties, cognities en/of gedrag
2. Sociocultural norms: de overtuigingen en verwachtingen van bepaalde groepen over
welke soorten emoties, cognities en/of gedragingen ongewenst of onaanvaardbaar zijn
(hoe een persoon zich zou moeten voelen, denken en gedragen volgens populatie)
3. Mental health perspectives: hierbij gaat het om het welzijn van het kind. Er wordt
gekeken naar theoretische/klinische begrippen over abnormaal functioneren. Kinderen
die slecht functioneren of bepaalde symptomen laten zien hebben misschien een
stoornis. (Wat experts zien als mentale gezondheid/ziekte)

Vormen van adaptie:
1. Poor adaptation: slechte aanpassing aan omstandigheden
2. Adequate adaption: aanpassing aan omstandigheden dat goed genoeg isl er zijn
moeilijkheden maar geen grote problemen
3. Optimal adaption: best mogelijke aanpassing aan omstandigheden; vrijwel geen
problemen

Psychopathalogy: intense, frequente en/of aanhoudende onaangepaste patronen van emotie,
cognitie en gedrag
Developmental psychopathology: breidt psychopathologie uit om te benadrukken dat deze
onaangepaste patronen zich voordoen in de context van de typische ontwikkeling en resulteren
in de huidige en potentiële beperkingen van zuigelingen, kinderen en adolescenten

Frequenties en distributiepatronen van stoornissen bij zuigelingen, kinderen en adolescenten
behoren tot het gebied van developmental epidemiology. De hoeveelheid van frequenties kan
gevolgen hebben voor bv verzekeringen en educatievormen.
Verschillende vormen van meten:
- Prevalence: alle huidige gevallen van een type(s) stoornis
- Incidence: nieuwe gevallen van een type(s) stoornis in een bepaalde periode

Barriers of care: factoren die toegang tot zorg bemoeilijken
- Structural barriers: gebrek aan zorgaanbod, zorg is moeilijk te bereiken, financiele
moeilijkheden
- Individual barriers: ontkenning van het probleem, geen vertrouwen in de zorg
- Sociocultural barriers: stigmatisering van psychopathologie of mentale problemen
o Stigmatization: negatieve houdingen (zoals beschuldigingen of overbezorgdheid
over gevaarlijkheid), emoties (zoals schaamte, angst of medelijden) en
gedragingen (zoals spot of isolatie) die verband houden met psychopathologie en
geestesziekten.

,Hoofdstuk 2

Soorten modellen van psychopathologie
- Dymensionale: modellen die de nadruk leggen op de manieren waarop typische
gevoelens, gedachten en gedragingen geleidelijk uitgroeien tot ernstigere problemen, die
vervolgens kunnen verergeren en klinisch diagnostiseerbare stoornissen worden. Bij
deze modellen is geen scherpe grens te vinden à continue en kwantitatief
- Categoriale: modellen die de nadruk leggen op discrete en kwalitatieve verschillen in
individuele patronen van emotie, cognitie en gedrag. Deze modellen kennen wel scherpe
grenzen à discontinue en kwalitatief

1. Physiological models
Fysiologische modellen verklaren de ontwikkeling van psychopathologie, het verloop en de
behandeling ervan in termen van biologische factoren
- Het begrijpen van neurotransmitters is belangrijk voor de behandeling van disorders
- Neural plasticity: het vermogen van de hersenen om flexibel te reageren op
fysiologische en omgevingsuitdagingen en insulten. Er wordt gesteld dat sommige
onderdelen van de hersenen ontwikkelen door genen, maar dat andere worden gevormd
door de omgeving
- Sensitieve/kritieke periode: periodes waarin de omgeving een grote rol speelt in de
ontwikkeling
- Genotype: genetische samenstelling van een individu
- Phenotype: de waarneembare kenmerken van een individu
- Behavior genetics: studie van de gezamelijke eVecten van genen en omgeving. Biedt
een kader om veel bronnen van genetische invloed te begrijpen en stelt onderzoekers in
staat de erfelijkheid van veel psychologische kenmerken te schatten
- Molecular genetics: studies van de eVecten van specifieke genen op DNA-niveau

Gene-by-environment-by-time eIects: correlaties tussen genen en omgeivngen waarbij
sprake is van diVerentiele blootstelling aan omgeving of ervaringen
- Passive correlations: kinderen worden blootgesteld aan verschillende
omgevingsfactoren onder invloed van hun genetisch gerelateerde ouders
o Bv: extraverte kinderen die worden opgevoed door extraverte ouders worden
blootgesteld aan meer sociale interacties
- Active correlations: kinderen selecteren of creëren hun eigen omgeving, gedreven door
hun eigen genetische achtergrond
o Bv: extraverte kinderen gaan op zoek naar andere kinderen om mee te spelen
- Evocative correlations: kinderen roepen op basis van hun genen verschillende reacties
van de omgeving op
o Bv: extraverte kinderen zullen vaker gecorrigeerd worden door druk gedrag dan
introverte kinderen / angstige kinderen zullen meer beschermd worden door hun
ouders
Gene-by-environment interactions: het interactieve eVect tussen genetische en
omgevingsfactoren; mensen met bepaalde genen zijn kwetsbaarder voor bepaalde
risicofactoren. De sensitieve periode kan hier ook een rol bij spelen
Epigenetics: het eVect van ervaring en omgeving op de regulatie van genexpressie. De
resulterende veranderingen in genexpressie kunnen van generatie op generatie worden
overgedragen. Het gaat om de activiteit van een gen, niet de aanwezigheid ervan.
Polygenic models: benadrukken de bevindingen dat veel genen kleine eVecten hebben en
proberen de meerdere soorten genetische variaties en processen te verklaren die de
ontwikkeling van zowel milde als ernstige vormen van aandoeningen beïnvloeden.

,Diathesis-stress model: een model dat de nadruk legt op de combinatie van onderliggende
predisposities (risicofactoren in verband met bijvoorbeeld structurele afwijkingen of vroeg
opgelopen trauma) en bijkomende factoren (zoals verdere fysiologische of
omgevingsgebeurtenissen) die leiden tot de ontwikkeling van psychopathologie (disorders).
- Hierbij hoort de term diIerential susceptibility à sommige kinderen doen het door
bepaalde genen in een risico-omgeving slechter dan andere kinderen, maar doen het
beter dan andere kinderen als ze in een goede omgeving zitten.

Behandeling bestaat vaak uit het gebruiken van medicatie of andere biologische gebaseerde
behandelingen

2. Psychodynamic models
Psychodynamic mdoels: psychologische modellen die de nadruk leggen op
- Onbewuste cognitieve, aVectieve en motivatie processen
- Mentale voorstellingen van zichzelf, anderen en relaties
- De subjectiviteit van ervaring
- Een ontwikkelingsperspectief op individuele aanpassing
Volgens deze theorie is er sprake van een ‘vastzitten’ in het verleden bij disorders. Disorders
vinden hun oorsprong in trauma’s of conflicten. Behandeling bestaat vaak uit spellen en het
betrekken van familieleden
Mentalizing: het vermogen om anderen en zichzelf te begrijpen in termen van interne mentale
toestanden

3. Behavioral and cognitive models
Behavior models: psychologische modellen die de nadruk leggen op het waarneembare gedrag
van het individu binnen een specifieke omgeving. Volgens gedragsmodellen hebben
omgevingsvariabelen krachtige eVecten op de ontwikkeling van persoonlijkheid en
psychopathologie
- Classical conditioning: een vorm van associatief leren waarbij bepaalde stimuli worden
gekoppeld aan een andere stimuli, wat resulteert in een betrouwbare respons
- Operant conditioning: een vorm van leren waarbij consequenties (negatief of positief)
leiden tot veranderingen (afname of toename) in gedrag
- Observational learning: een vorm van leren die optreedt door te kijken, te onthouden
en/of anderen te imiteren
- Reinforcement: het idee dat positieve en negatieve gevolgen leiden tot veranderingen in
gedrag; een kritische component van alle leerprocessen
Volgens dit model is psychopathologie een gevolg van een slecht leerproces
Cognitive models: een psychologisch model dat zich richt op de componenten en processen
van de geest en mentale ontwikkeling. Er is een nadruk op evolutionaire contexten,
ervaringsgericht leren, en zowel kwalitatieve als kwantitatieve verandering gedurende de
ontwikkeling.
- De developmental cognitive neuroscience benadering is meer holistisch, zodat de
neurologische vaardigheden beter worden begrepen; als een complex geheel wordt
gezien

, 4. Humanistic models
Humanistic models: psychologische modellen die de nadruk leggen op:
- Persoonlijk zinvolle ervaringen
- Aangeboren motivaties voor groei
- Doelgerichte vorming van een zelf door het kind
Humanistische modellen zijn gerelateerd over het zelf, positieve psychologie en nieuwe nadruk
op ervaringsgerichte ontwikkeling van het kind. Deze modellen gaan ervan uit dat een disorder
het gevolg is van interferentie met of onderdrukking van de natuurlijke neigingen van het kind om
een geïntegreerd zelfgevoel te ontwikkelen

Interventie bestaat uit het (her)ontdekken van interne middelen en het bieden van externe
ondersteuning voor zelforganisatie, zelfsturing en zelfrechtvaardigend vermogen
Positive psychology: een tak van de psychologie die zich richt op positieve subjectieve
ervaringen, positieve individuele eigenschappen en positieve instellingen die het individuele,
familiale, sociale en maatschappelijke welzijn tracht te bevorderen
De broaden-and-build theorie van positieve emoties onderzoekt de manieren waarop positieve
ervaringen de basis leggen voor de ontwikkeling van welzijn en veerkracht gedurende het hele
leven
Positieve youth development: hierbij wordt gekeken naar bepaalde jeugdkarakteristieken
(betrokkenheid, initiatief nemen etc.) die worden gebruikt om een toename in mentaal welzijn of
een afname in problematisch gedrag te voorspellen

5. Family models
Family models: benadrukt dat de beste manier om de persoonlijkheid en psychopathologie van
een bepaald kind te begrijpen, is om de dynamiek van het gezin te begrijpen. Het gezin is erg
belangrijk, aangezien dit de omgeving is voor kinderen voor hun eerste ervaringen. Bovendien
hebben ouders bepaalde taken, waaraan ze wel of niet kunnen voldoen

Shared environment: de aspecten van het gezinsleven en het functioneren van het gezin die
door alle kinderen in het gezin worden gedeeld
Non-shared environment: de aspecten van het gezinsleven en het functioneren die specifiek en
onderscheiden zijn voor elk kind

Daarnaast zijn peers ook een belangrijke groep om in gedachten te houden als er wordt gekeken
naar de ontwikkeling van kinderen/adolescenten

6. Sociocultural models
Sociocultural models: modellen die het belang benadrukken van de sociale context (incl
geslacht, ras, etniciteit en SES) in de ontwikkeling, het verloop en de behandeling
Ecological models: een model dat de nadruk legt op de directe omgeving, of ‘gedragssetting’,
waarin kinderen groeien en hun leven zin geven, zoals hun huis, klas, buurt en gemeenschap
(macroniveau).
We gaan nu meer richting een cultureel microsysteem approach, waarin culturele praktijken
en individuen gezamenlijk elkaar beïnvloeden

Elder’s model:
1. Kinderen ontwikkelen zich binnen de sociale arrangementen van een bepaald moment
2. Deze regelingen veranderen door gebeurtenissen en trends
3. Het ontwikkelen van individuen verandert de geschiedenis
4. Culturen leggen de manieren van ontwikkeling uit
Birth cohort: individuen die in een bepaalde historische periode zijn geboren en dus bepaald
ervaringen en gebeurtenissen delen

Document information

Study
Uploaded on
September 28, 2026
Number of pages
61
Written in
2024/2025
Type
Summary
$8.81

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
5
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions