DE VOLLEDIGE EXAMEN CHEAT SHEET: GEDRAGSNEUROWETENSCHAPPEN (H1 t/m H10)
========================================================================================================================================================
🧠 HOOFDSTUK 1: PERIFEER EN CENTRAAL ZENUWSTELSEL
1. Anatomische Richtingen, Vlakken & Definities
├── Richtingen: Rostraal (naar neus) ── Caudaal (naar voeten) ── Ventraal/Anterieur (voorzijde) ── Dorsaal/Posterieur (achterzijde) ── Lateraal (zijkant).
├── Hersenplanes: Coronaal (verticaal van oor tot oor) ── Horizontaal (horizontaal) ── Sagittaal (verticaal over lengteas, splitst hemisferen).
└── Definities: Anatomie (bouw/morfologie) ── Histologie (fijne weefselopbouw) ── Fysiologie (chemische levensprocessen van moleculen).
2. Het Perifeer Zenuwstelsel (PZS)
├── Somatisch gedeelte: Afferente (sensorische – naar CZS) en efferente (motorische – naar rest v. lichaam) spinale/craniale zenuwen van/naar huid, spieren
en gewrichten.
└── Autonoom gedeelte: Neurale connecties naar klieren en gladde spieren van de inwendige organen (onbewuste homeostatische controle).
├── Sympathisch (Actie/Stress): Thoraco-lumbaal; eerste synaps in grensstreng (ACh) ── second synaps thv orgaan via Noradrenaline (NA).
│ └── Effecten: Verhoogt hartslag en ademfrequentie; onderdrukt spijsvertering en immuunsysteem ("fight or flight").
├── Parasympathisch (Rust/Herstel): Cranio-sacraal + Nervus Vagus (X); eerste én tweede synaps maken gebruik van Acetylcholine (ACh).
│ └── Effecten: Vertraagt hartslag/ademhaling; bevordert spijsverteringsfuncties ("rest and digest").
└── Enterisch: Neuronaal netwerk in de wanden van de ingewanden; reguleert darmperistaltiek onafhankelijk van het CZS.
3. Het Centrale Zenuwstelsel (CZS): 5-Vesiculair Ontwikkelingsstadium (Van Rostraal naar Caudaal) HERSENEN
├── Prosencephalon (Voorhersenen)
│ ├── 1. Telencephalon: Cerebrale hemisferen (links/rechts gescheiden door longitudinale fissuur, verbonden via corpus callosum).
│ │ ├── Cerebrale Cortex: Geplooide grijze stof (gyri/sulci) met 6 lagen (L1-3: integratie; L4: sensorische input; L5-6: output).
│ │ │ ├── Frontale kwab: Spraak, redeneren, motoriek. Anterieur = Prefrontale cortex (PFC: hogere cognitie, executieve functies)
│ │ │ ├── Pariëtale kwab: Bevat gyrus postcentralis (S1 somatosensorische cortex voor tast, temperatuur en pijn) + sensorische integratie.
,│ │ │ ├── Occipitale kwab: Meest posterieur; ontvangen en verwerken van visuele input (V1).
│ │ │ └── Temporale kwab: Inferieur van sulcus lateralis; begrijpen van taal (Wernicke), gehoor (A1) en geheugen.
│ │ ├── Witte stof vezels: Associatievezels (binnen 1 helft) ── Commissurale vezels (corpus callosum) ── Projectievezels (naar stam/ruggenmerg).
│ │ ├── Basale Ganglia: Nucleus caudatus + putamen (samen het striatum) & globus pallidus (extrapiramidale motorische controle).
│ │ └── Limbisch Systeem: Archicortex; omvat Hippocampus (geheugenconsolidatie) and Amygdala (controle/expressie van angst en emotie).
│ └── 2. Diencephalon (Tussenhersenen)
│ ├── Thalamus: Groot sensorisch schakelstation (VPL=tast, NGL=visus, NGM=gehoor). Nucleus Reticularis (GABA) doet 'thalamische gating'.
│ └── Hypothalamus: Multifunctionele homeostase-eenheid. Bevat de Nucleus Suprachiasmaticus (SCN = biologische klok).
├── 3. Mesencephalon (Middenhersenen): Eerste stukje hersenstam.
│ ├── Tectum (Dak): Colliculi superiores (visuele input -> sturing oogspieren) & Colliculi inferiores (auditieve doorschakeling).
│ └── Tegmentum (Bodem): Homeostatisch/motorisch netwerk. Bevat formatio reticularis, PAG (pijn), substantia nigra (DA) en VTA.
└── Rhombencephalon (Achterhersenen)
├── 4. Metencephalon
│ ├── Pons (Brug): Witbaanstuurderventraal van cortex naar cerebellum; dorsaal betrokken bij ademhaling, smaak en slaap.
│ └── Cerebellum (Kleine hersenen): Twee hemisferen + vermis. Bevat Purkinje- en granulaire cellen. Output via diepe kernen
│ (nucleus dentatus, fastigii, emboliformis, globosus). Functie: precisie, timing, motorisch leren en balans coördineren.
└── 5. Myelencephalon ──> Medulla Oblongata: Reguleert vitale functies (bloeddruk, ademhaling, hartritme). Bevat de piramiden (kruising banen).
└── RUGGEMERG (Medulla Spinalis): 31 Segmenten (8 cervicaal, 12 thoracaal, 5 lumbaal, 5 sacraal). Grijze stof binnen, witte stof buiten.
├── Dorsale hoorn (en wortel): Bevat sensorische neuronen die afferente input ontvangen uit de periferie via het DRG-ganglion.
└── Ventrale hoorn (en wortel): Bevat cellichamen van motorneuronen die efferente impulsen naar de skeletspieren sturen.
, 4. Hersenvliezen, Ventrikels & Doorbloeding
├── Hersenvliezen: Dura mater (hard, buitenste, vergroeid met bot) ── Arachnoidea (spinnenwebvlies) ── Pia mater (dun, vaatrijk, op grijze stof).
├── Ventrikels & CSV: Laterale ventrikels ──> derde ventrikel ──> aquaduct van Sylvius ──> vierde ventrikel. Gevuld met cerebrospinaal vocht (CSV),
│ aangemaakt door de plexus choroideus ( Pia mater + hersenweefsel). Dagelijkse productie = 500ml, circulerend = 150ml.
└── Cirkel van Willis: Vaatkring van slagaders (gevoed via carotiden en arteria basilaris) die de voorhersenen beschermt tegen ischemie/infarct.
├── Arteria cerebri anterior: Voorziet de mediale en dorsale zijden van de frontale en pariëtale kwab van bloed.
├── Arteria cerebri media: Voorziet laterale zijde van frontaal, pariëtaal, temporaal, basale ganglia en hypothalamus (CVA-gevoelig).
└── Arteria cerebri posterior: Voorziet de doorbloeding van de occipitale kwab, temporale kwab en de thalamus.