Hoofdstuk 1.1 - Gegevens verzamelen
Concepten en begrippen
Term Betekenis Voordbeelden
Populatie Verzameling objecten waarop Elke student in HoGent, elk
onderzoek zich richt woonhuis in Vlaanderen, etc.
Steekproef Selectie uit populatie, aantal 50 vastgoed studenten, 300
elementen = omvang (n) woonhuizen Vlaanderen, etc.
Variabelen Kenmerk onderzoeksobject die Leeftijd van studenten, prijs
onderzocht kan worden woonhuis in Vlaanderen, etc.
Na verzamelen verwerkt Excel (cruciale eerste stap
overzichtelijke datamatrix analyse)
Start onderzoek
- Stap 1: gegevens verzamelen en leren kennen -> vragen die je jezelf stelt
× Welke variabele onderzoeken we?
× Hoe verzamelen we de gegevens?
× Welke type gegevens is dit? (bepaalt (niet) relevant)
× Wat wil ik bereiken
× Etc.
Gegevens verzamelen
- Enquête
× *Onderzoeker bevraagt onderzoeksobject
× Correct communiceren
Goede onderzoeksvragen formuleren
Opstellen en uitvoeren enquête
- Observationele studie
× *Vastelling wetenschappelijk, etc. trends en evoluties
Onderzoeker manipuleert onderzoek niet – enkel constatatie
× Econometrisch: evolutie van o.a vastgoedprijzen
× Quality Assurance & Control: efficiëntie van personeel, methodes, kwaliteitsbewaking
d.m.v. ISO-normen
- Experimentele studies
× *Onderzoeker “beïnvloedt” onderzoeksobjecten – “stuurt” onderzoek
× Bv. Typische testen van nieuwe geneesmiddelen
Groep A: effectief geneesmiddelen
Groep B: placebo (=controlegroep)
× Socio-economisch: testen op discriminatie op vacatures/huurmarkt
Nagaan of meer/minder positieve respons op bv. Jan – Mohammed
,Onderzoek is niet feilloos
- Waarneming: soms niet gewenste informatie (oorzaak: verwachtingen)
× Reden
Administratieve fouten (verwerking datamatrix) bv. Excel
Mislukking experiment -> geen resultaten (soms ook resultaat)
Non-response bij enquête
Aandachtspunten bij opbouw onderzoek
- Onderzoek en steekproef operationeel definiëren
× Duidelijke omschrijving (wie/wat onderzocht?) - belangrijk= reproduceerbaarheid
× Steekproef moet onderzochte populatie goed weerspiegelen – representativiteit
× Steekproef = aselect: elk lid populatie evenveel kans om onderzocht te worden
- Betrouwbaarheid
× Herhaald: globaal gelijkaardige resultaten
× Strek afhankelijk omvang steekproef
Te klein?: onzekere resultaten
Te groot?: schaadt validiteit resultaten
Onderzoek duurt te lang (populatie evolueert over tijd)
Grote hoeveelheid gegevens = grote hoeveelheid werk/tijd/geld
Correct?: complex
× Afhankelijk variabiliteit van kenmerken populatie (variatie gegevens)
Moeilijk onder controle krijgen
Verwerking van gegevens wel meetbaar
Verwijderen extreme metingen die variabiliteit verhoogt
Variabelen
- *Kenmerken die bij populatie-elementen worden onderzocht
- Kwalitatieve variabelen
× Geen getal: eigenschappen, aanduidingen, etc.
× Bv. Kleur, merk, materiaalsoort, etc.
- Kwantitatieve variabelen
× Getal: waarden (echte getallen)
× Bv. Aantallen, afstanden, prijzen, etc.
× Soorten
Discrete variabele
Gehele aantallen
Bv. Aantal auto’s per gezin, aantal slaapkamers pand, etc.
Continue variabele
Kommagetallen
Bv. Afstanden, volumes, tijdsduur, etc.
- 4 schalen
× Nominale schaal (laagste schaal)
Gegevens zonder logische ordening (geen rekenkundige bewerkingen)
Bv. Kleur, merknaam, gebouwtype
× Ordinale schaal (kunnen gerangschikt worden)
Gegevens logische ordening (geen rekenkundige bewerking)
Zonder eenduidig verschil tussen uitkomsten
, Bv. ‘Hoe gelukkig ben jij?” (heel ontevreden 0-1-2-3-4-5 heel tevreden)
× Intervalschaal
Gegevens met willekeurig nulpunt (rekenkundige bewerking)
Met eenduidig verschil tussen uitkomsten
Bv. Tijdstip op klok (verschil 3u & 5u even groot als tussen 19u & 21u)
Nulpunt klok willekeurig gekozen op middernacht
× Ratioschaal
Natuurlijk nulpunt (rekenkundige bewerking)
Met eenduidig verschil tussen uitkomsten
Bv. Maandloon werknemer, wachttijd in wachtzaal, etc.
Hoofdstuk 1.2 – gegevens verwerken tot tabellen en grafieken
Frequentieverdeling en grafieken
- Overzichtelijke samenvatting van gegevens in tabelvorm
× Frequentietabel voor één variabele
× Kruistabel (of contingentietabel) voor twee of meerdere variabelen
× Aandachtspunten voor tabellen: zie p.10
- Grafische voorstelling afhankelijk van data
× Aandachtspunten voor grafieken: zie p. 11
Grafische voorstelling
- Illustreer wat je beschrijft
× Trends, evoluties, conclusies “presenteren” beter met grafische voorstelling dan
frequentietabel (of zelfs niets…)
- Beschrijf wat je illustreert
× Astitels, titels op x- en y-as, verduidelijking via legende of gegevenslabels
Verwerken van één kwalitatieve variabele
- Voorbeeld: vastgoedkantoor zoekt verkopers
× Marketing: verkoopcijfers presenteren aan potentiële klanten
× Ruwe gegevens bieden weinig inzicht
× Oplossing: variabele organiseren in frequentietabel (tellingen uitvoeren)
- Voorbeeld: vastgoedkantoor zoekt verkopers
× Welke panden worden hoofdzakelijk verkocht?
“uitkomst” van variabele
Hoeveel keer komt elke “uitkomst” voor?
Aantal transacties per type Absolute Relatieve
(Semester 1 - 2022) frequentie frequentie
🏡 open 11 18,3%
🏠 halfopen 25 41,7%
Pandtype
🏬 gesloten 24 40,0%
TOTAAL 60 100,0%
, - Voordbeeld: vastgoedkantoor zoekt verkopers
× Hoe tevreden zijn verkopers van dienstverlening?
Absolute frequentie: *het aantal keren dat een waarneming voorkomt
Relatieve frequentie: *gelijk aan absolute frequentie gedeeld door totaal aantal
waarden
Cumulatieve frequentie: *hoeveel items zijn er gelijk aan of kleiner dan iets
Rel. cumulatieve frequentie: *proportie van de cumulatieve frequentie in procenten
- Organisatie afhankelijk van verschillend # waarnemingsgetallen ( = p )
× < 20: Waarnemingsgetallen afzonderlijk (niet-gegroepeerde gegevens)
× > 20: Waarnemingen in klassen plaatsen (gegroepeerde gegevens)
Niet-gegroepeerde gegevens
- Erg vergelijkbaar aan ordinale gegevens
- Voorbeeld: hoeveelheid slaapkamers verkochte panden (1 – 6)
Aantal slaapkamers Absolute Relatieve Abs. Cumulatieve Rel. Cumulatieve
per pand frequentie frequentie frequentie frequentie
1 slpk. 9 15,0% 9 15,0%
2 slpk. 22 36,7% 31 51,7%
3 slpk. 16 26,7% 47 78,3%
4 slpk. 9 15,0% 56 93,3%
5 slpk. 3 5,0% 59 98,3%
6 slpk. 1 1,7% 60 100,0%
TOTAAL 60 100,0%
Naalddiagram en enkelvoudig frequentiepolygoon