body dysmorphic disorder · Bouman (2017)
WAAR HET OM GAAT
Niet het uiterlijk is het probleem, maar de preoccupatie ermee: negatieve overtuigingen over een gebrek dat anderen
nauwelijks zien, en gedrag (spiegelen, camoufleren, vermijden, geruststelling, ingrepen) dat even oplucht en de overtuiging
in stand houdt. In 15 sessies: eerst een gedeeld model en doel, dan de gedachten, dan het gedrag. Doel: de preoccupatie
hanteerbaar maken, niet jezelf mooi gaan vinden.
Sessie 1 en 2 Sessie 3 t/m 8 Sessie 9 t/m 14 Sessie 15
voorbereiding cognitieve module gedragsmatige module terugvalpreventie
wat is BDD, motiveren gedachten registreren gedrag inventariseren plan bespreken (concept
werkmodel samen invullen neerwaartse pijl dubbele kosten-baten is huiswerk sessie 14)
doelen: pas verder bij schalen, taartpunten exposure in vivo afronden: BDD geruime
overeenstemming gedragsexperimenten responspreventie tijd voldoende afgenomen
elke sessie opent met het huiswerk en sluit af met nieuw huiswerk · korter of langer mag · sessieduur en frequentie niet vastgelegd
VOOR WIE, EN WAAR JE OP LET RATIONALE IN DRIE ZINNEN
Indicatie: BDD, en lichaamsontevredenheid in het 1. Negatieve gedachten over een kenmerk geven
algemeen. schaamte, walging of somberheid.
Contra-indicaties: geen bekend (voorspellend 2. BDD-gedrag verlicht dat even, maar voedt de aandacht
onderzoek ontbreekt). Het protocol zelf is niet op effect voor het uiterlijk en laat de overtuiging ongetoetst.
getoetst. 3. Dus: gedachten onderzoeken, het "te veel" gedrag
Suïcidaliteit: ongeveer 30% doet een poging. Altijd afbouwen, het "te weinig" opbouwen.
uitvragen.
Lastig: depressie, weinig inzicht, schaamte, wens tot
een cosmetische ingreep.
KERN COGNITIEVE MODULE KERN GEDRAGSMATIGE MODULE
1. Situatie, kenmerk, gedachte, emotie, gedrag noteren; 1. Al het BDD-gedrag in kaart, liefst laten voordoen.
negatieve zelfspraak opsporen. 2. Hiërarchie 0 tot 100, minstens tien situaties; per stap
2. Kernovertuiging via de neerwaartse pijl; denkfouten een als-dan-verwachting met kans in procenten.
benoemen. 3. Start bij een sterke negatieve verwachting, bijvoorbeeld
3. Twee basisvragen: klopt het, kan het anders? Techniek midden in de lijst.
passend bij de denkfout. 4. Door als de verwachting niet uitkwam en de
4. Elke ronde een realistischer gedachte in de map; geloofwaardigheid herhaald onder een afgesproken
minstens eens per twee dagen uitdagen. niveau bleef (bijvoorbeeld drie keer onder 15).
Meten en beslissen: BDD-YBOCS (12 items) en BDDE; meetmomenten en afkappunten legt het protocol niet vast.
Afronden als BDD-gedachten en -gedrag al geruime tijd voldoende zijn afgenomen en het leven persoonlijk, sociaal en in
werk weer loopt.
VALKUILEN
Aannemen dat patiënt en jij hetzelfde Doorgaan zonder overeenstemming De klacht als ijdelheid afdoen of te
onder BDD verstaan over het doel vroeg duiden
Doordrukken als schaamte het Veiligheidsgedrag missen; opdrachten Suïcidaliteit en de leegte na afbouw
benoemen blokkeert te groot negeren
Samenvatting Protocollaire behandelingen 1 · hoofdstuk 9 · 1/11
, Protocollaire behandeling van patiënten met body
dysmorphic disorder
Cognitieve gedragstherapie · samenvatting bij hoofdstuk 9 (Bouman), met het aparte deel over moeizaam
verloop van dezelfde auteur, uit Protocollaire behandelingen voor volwassenen met psychische klachten 1
(Keijsers e.a., red., 2017) · in eigen woorden, met eigen voorbeelden
De kern in één minuut
Bij body dysmorphic disorder (BDD) houden controleren, camoufleren, vermijden en geruststelling
zoeken een preoccupatie met een nauwelijks zichtbaar gebrek in stand.
15 sessies: twee voorbereidende, een cognitieve module (3 t/m 8), een gedragsmatige module (9
t/m 14) en terugvalpreventie. Korter, langer of met eigen accenten mag.
Eerst een gedeeld werkmodel en doel: de preoccupatie hanteerbaar maken, niet zichzelf mooi
vinden. Zonder overeenstemming geen volgende stap.
Cognitief: neerwaartse pijl, schaal- en taartpunttechnieken, gedragsexperimenten. Gedrag:
exposure in vivo en responspreventie gericht op het ontkrachten van verwachtingen, niet op
gewenning.
Het protocol is als geheel niet op effect onderzocht. Het richtlijnendeel (zelfde auteur, adviezen) wijst
op schaamte, suïcidaliteit, depressie, beperkt inzicht en de wens tot een ingreep.
1. De stoornis en voor wie het protocol is
Kern van BDD is een aanhoudende preoccupatie met een vermeend gebrek aan het uiterlijk dat anderen
niet of nauwelijks zien. Het kan elk lichaamsdeel betreffen, vaak het gezicht (neus, haar, huid, ogen), soms
postuur, geur, doorgaans bedekte delen of vorm en symmetrie in het algemeen. De gedachten dringen zich
op, zijn moeilijk te stoppen en soms zo vast als een waan. Vermijden, controleren en geruststelling vragen
vullen de dag; het functioneren raakt meestal ernstig beperkt. Somberheid, suïcidale gedachten en
pogingen, soms met dodelijke afloop, komen geregeld voor.
Classificatie: in de DSM-5 een obsessieve-compulsieve en verwante stoornis (ook: morfodysfore
stoornis). Er hoort herhaald gedrag of mentaal vergelijken bij, er is duidelijke hinder, en zorgen over
gewicht bij een eetstoornis verklaren het niet beter. Je specificeert het realiteitsbesef (goed, gering,
afwezig). Bij BDD by proxy gaat de preoccupatie over een ander, meestal partner of kind.
Indicatie: BDD en lichaamsontevredenheid in het algemeen. Contra-indicaties: geen bekend, omdat
onderzoek naar voorspellers van uitkomst ontbreekt. Wat de behandeling bemoeilijkt, staat in sectie 7.
Instrumenten: er zijn er weinig, en niet alle zijn in het Nederlands beschikbaar. Naast algemene
interviews als MINI en SCID: de BDD-YBOCS (bijlage 9.1), een semigestructureerd ernstinterview met
twaalf items: vijf over gedachten, vijf over gedrag, één over inzicht, één over vermijding, elk 0 tot 4 over
de afgelopen week; voor de Nederlandse versie zijn psychometrische gegevens gepubliceerd. De BDDE
heeft onder meer een interview van 33 items; de zelfrapportage (BDDE-SR) vraagt tevredenheid over 31
lichaamsgebieden, 9 mogelijke ingrepen en de frequentie van BDD-gedrag in 26 vragen over vier weken.
Afkappunten en meetmomenten geeft het hoofdstuk niet.
Samenvatting Protocollaire behandelingen 1 · hoofdstuk 9 · 2/11