• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 42 pages
Summary

Samenvatting Studiemateriaal Interculturele Communicatie

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 42 pages

Studiemateriaal voor het vak Interculturele Communicatie aan Arteveldehogeschool, gericht op het begrijpen van cultuur en culturele verschillen. Het document behandelt de definitie van cultuur, zichtbare en onzichtbare culturele elementen, de culturele ijsberg-theorie van Geert Hofstede, stereotypes en praktische tips om interculturele misverstanden te vermijden. Ideaal voor voorbereiding op toetsen en voor het ontwikkelen van inzicht in hoe cultuur communicatie en gedrag beïnvloedt.

Content preview

1. CULTUUR
1.1. Definitie van het begrip "cultuur"
1.1.1. Definitie cultuur
Wat is cultuur?
●​ Cultuur is het geheel van normen, waarden, tradities, gewoonten, regels,
kunstvormen en gebruiken die kenmerkend zijn voor een bepaalde groep,
gemeenschap of samenleving.
●​ Cultuur beïnvloedt hoe mensen denken, handelen en betekenis geven aan de
wereld rondom hen. Zo bepaalt cultuur bijvoorbeeld:
○​ wat als beleefd of respectvol wordt beschouwd;
○​ hoe men omgaat met ouderen, leerkrachten, leiders of andere
gezagsfiguren;
○​ welke kunstvormen gewaardeerd worden;
○​ welke rituelen, feesten en tradities belangrijk zijn.
●​ Met andere woorden: cultuur is een netwerk van betekenissen, waarden en
gedragingen dat door mensen wordt gecreëerd en doorgegeven. Wat als juist,
normaal of wenselijk wordt gezien, kan verschillen van cultuur tot cultuur. Morele
en sociale normen moeten daarom vaak begrepen worden binnen hun eigen
culturele context.

Cultuur met een grote C
●​ Literatuur
●​ Kunst
●​ Muziek
●​ Theater
●​ Musea
●​ Bouwkunst.

Cultuur met een kleine c
●​ Bv: volksfeesten
●​ Bv: kermiskoers
●​ Bv: Breughelfestijn

1.2. Cultuur is aangeleerd
1.2.1. Zichtbare elementen
Definitie
●​ Wanneer je als toerist een land bezoekt, zie je meteen de zichtbare kenmerken van
een cultuur.

Voorbeelden:
●​ De chaotische verkeerssituatie in India
●​ Straatmuzikanten in Frankrijk
●​ Torenhoge flatgebouwen in New York

Dit zijn dingen die je kan zien, horen of proeven, zoals:
●​ Architectuur
●​ Kleding
●​ Eten (gastronomie)
●​ Muziek
●​ Gedrag in het openbaar
○​ Dit is echter maar een klein deel van cultuur




1

,1.2.2. Onzichtbare elementen
Definitie
●​ De onzichtbare elementen zijn veel belangrijker, maar moeilijker te herkennen.

Het gaat om:
●​ Normen (wat hoort en wat hoort niet?)
●​ Waarden (wat vinden mensen belangrijk?)
●​ Overtuigingen
●​ Gewoonten

Voorbeelden:
●​ Kom je precies op tijd? Of is te laat komen normaal?
●​ Hoe begroet je iemand?
●​ Wat is beleefd gedrag?

Deze dingen leer je:
●​ Tijdens je opvoeding
●​ Door socialisatie (invloed van vrienden, school, media)

Bijvoorbeeld:
●​ Tieners dragen vaak dezelfde kledij
●​ Ze hebben hun eigen manier van communiceren via sociale media
●​ Ze gebruiken specifieke begroetingen

1.2.3. De culturele ijsberg
Definitie
●​ Een veelgebruikte metafoor om cultuur uit te leggen is de culturele ijsberg.

Wat betekent dit?
●​ Slechts een klein deel van een ijsberg is zichtbaar boven water.
●​ Ongeveer 90% zit onder water en zie je niet.

Dat geldt ook voor cultuur:
●​ Het zichtbare deel
○​ eten, taal, kleding, gebouwen
●​ Het onzichtbare deel
○​ normen, waarden en overtuigingen

De ramp met de RMS Titanic toont dit goed aan: het schip botste niet tegen het zichtbare
deel van de ijsberg, maar tegen het grote onzichtbare deel onder water.

Zo ontstaan ook interculturele misverstanden: niet door wat we zien, maar door wat we
niet zien of begrijpen.

1.2.3.1. Antwoorden op de vragen
Vraag 1: Wat is de culturele ijsberg?
●​ De culturele ijsberg is een metafoor die uitlegt dat:
○​ We maar een klein deel van cultuur kunnen zien.
○​ Het grootste en belangrijkste deel (normen, waarden, overtuigingen)
onzichtbaar is.
○​ Misverstanden ontstaan door dit onzichtbare deel.

Vraag 2: Waar of niet waar?
●​ 90% van de ijsberg is onzichtbaar → Waar
●​ Je kan een andere cultuur pas begrijpen als je ermee in interactie gaat → Waar
●​ Inwoners van een land kunnen hun cultuur allemaal op dezelfde manier definiëren
→ Niet waar
●​ Het voorbeeld van “free speech” toont dat een begrip in een andere cultuur iets
anders kan betekenen → Waar



2

,Vraag 3: Welke drie factoren beïnvloeden hoe je een andere cultuur ziet?
1.​ Emotionele (subjectieve) factoren
2.​ Zichtbare factoren
3.​ Contact met de cultuur (heb je ervaring met die cultuur?)

Vraag 4: Wat is een stereotype?
Een stereotype is een vast en vaak overdreven beeld van een groep mensen dat niet
volledig klopt met de werkelijkheid.

Het is vaak:
●​ Een vereenvoudiging
●​ Een vooroordeel
●​ Soms negatief

Voorbeelden:
●​ “Nederland = tulpen, klompen en kaas.”
●​ “Vrouwen zijn minder geschikt als leider.”
○​ Stereotypen kunnen leiden tot discriminatie.

Vraag 5: Wat is het advies om culturele misverstanden te vermijden?
●​ Keep an open mind
○​ Kijk met een open blik. Oordeel niet te snel.
●​ Ask questions
○​ Stel vragen en probeer te begrijpen waarom mensen iets doen.
●​ Be aware of your own cultural background
○​ Wees je bewust van je eigen normen, waarden en vooroordelen.

1.3. Culturele programmering
Definitie volgens Geert Hofstede
●​ “De collectieve mentale programmering die de leden van één groep onderscheidt
van die van andere groepen.” (1991)
○​ Dit betekent dat cultuur een soort mentale ‘software’ is die bepaalt hoe
mensen denken, voelen en handelen binnen een groep.

1.3.1.Hoe ontstaat culturele programmering?
Die “mentale programmering” gebeurt via verschillende processen:
1. Waarneming
●​ Hoe we de wereld zien en interpreteren, wordt beïnvloed door onze cultuur.

2. Opvoeding
●​ Ouders en familie geven normen, waarden en gedragsregels mee.

3. Normen en waarden
●​ Normen = wat hoort en wat hoort niet
●​ Waarden = wat belangrijk wordt gevonden

4. Socialisatie
●​ Dit is het leerproces binnen een groep (vrienden, school, samenleving).
●​ We passen ons gedrag aan aan de groep waartoe we behoren.



1.3.2. Hoe beïnvloedt culturele programmering ons?
Culturele programmering maakt ons geen culturele robots. Hoewel we worden beïnvloed
door de cultuur waarin we opgroeien, blijft ieder mens een uniek individu dat zelf keuzes
kan maken.
●​ De menselijke natuur bevat aangeboren, dwingende behoeften zoals honger, dorst
en territoriumdrang.


3

, ●​ Cultuur leert ons hoe we met deze behoeften omgaan en wat in een samenleving
als passend of normaal wordt gezien.
●​ Uiteindelijk is het individu degene die de definitieve beslissing neemt.




1.2. Het TOPOI-model van Edwin Hoffman
Edwin Hoffman (Nederland)
●​ Edwin Hoffman is een onderzoeker op het gebied van interculturele communicatie
en diversiteit. Hij promoveerde in 1999 op het TOPOI-model.
●​ Het TOPOI-model helpt om misverstanden in interculturele communicatie te
herkennen en te analyseren. Het biedt een houvast om na te gaan waar in een
gesprek ‘ruis’ ontstaat.
●​ Deze leerstof (hoofdstuk 1.7 in het handboek) vormt de basis voor de open
examenvraag.

Culturele misverstanden (culturele ‘ruis’)
●​ Culturele misverstanden ontstaan wanneer gewoontes of gedragingen van mensen
uit verschillende groepen verkeerd worden geïnterpreteerd.
●​ Wat in de ene cultuur als normaal of positief wordt gezien, kan in een andere
cultuur als storend of negatief overkomen.
●​ Voorbeelden:
○​ Zelfzeker gedrag kan geïnterpreteerd worden als arrogant.
○​ Luid spreken kan als onbeleefd worden gezien.
○​ Stil of terughoudend spreken kan als onzeker of ongeïnteresseerd
overkomen.

De conclusie van Edwin Hoffman
"Gezien de complexiteit van communicatie en de onvermijdelijkheid van misverstanden is
vooral een onbevangen, open houding van belang in de communicatie, ook met iemand
van een andere etnische achtergrond. Daarbij dien je voorbereid te zijn op mogelijke
verschillen en deze niet meteen negatief te interpreteren. Uitgangspunt is dat elk gedrag,
hoe vreemd ook, een positieve inzet heeft. Mensen hebben altijd goede redenen om te doen
wat ze doen. "


1.2.1. Het TOPOI-model: T = Taal

Taal (verbaal en non-verbaal)
●​ Bij taal gaat het niet alleen om wát iemand zegt,
maar ook hóe iets gezegd wordt en welke
non-verbale signalen gebruikt worden.

Voorbeelden van culturele verschillen in taal:
●​ In Japan wordt vaak “ja” gezegd als teken van
beleefdheid of om aan te geven dat men luistert,
niet noodzakelijk om akkoord te gaan.




4

Document information

Study
Uploaded on
September 22, 2026
Number of pages
42
Written in
2025/2026
Type
Summary
$16.51

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
7
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions