Psychische aandoeningen vanuit herstelperspectief
Psychische aandoeningen – waar hebben we het over?
Inleiding
Psychische aandoeningen in Vlaanderen
22% van de volwassenen voldoet jaarlijks aan criteria voor een psychische
aandoening.
Meest voorkomende aandoeningen:
9 % depressie
12 % angststoornis
11 % alcoholgebonden stoornis
12 % externaliserende stoornissen
o Bv: ADHD, eetstoornissen, …
Levenslang = 1/3 Vlamingen krijgt te maken met een psychische
aandoening.
Positieve gezondheid
Gezondheid = meer dan de afwezigheid van
ziekte.
Gezondheid = het vermogen zich aan te passen en
eigen regie te voeren bij sociale, fysieke en
emotionele uitdagingen van het leven.
Focus je op wat iemand wél kan.
Gezondheid = middel om je leven betekenisvol te
leiden.
Positieve gezondheid in de hulpverlening
Niet alleen = “Wat is er mis en moet verholpen worden?”
Maar ook = “Wat heb jij nodig om met je uitdagingen om te gaan en jouw
leven vorm te geven?”
Gezondheid = breder dan klachten
Kwaliteit van leven
Dagelijks
functioneren
Participatie in de
samenleving
Ervaren betekenis
,Psychopathologie
Hulpverleners kijken dus naar het geheel, niet enkel naar de
aandoening.
Psychische klachten
Psychische klachten – wat weten we?
Moeilijk exact te definiëren bescheidenheid nodig.
Gaan over problemen in psychisch functioneren (stress hanteren,
zelfbeeld, emoties, gedrag).
Vaak algemeen en veelvoorkomend = slecht slapen, piekeren, stress,
faalangst.
Psychische aandoeningen hebben invloed op alle levensdomeinen:
School of werk
o Evenals zelfzorg en zelfredzaamheid.
Lichamelijk
o Pijn, moeheid, slaapklachten, middelengebruik
Sociale relaties
o Familie, vrienden, naasten
o KOPP kinderen van ouders met psychische problemen.
Minstens 3x meer risico om op volwassen leeftijd
psychische problemen te ontwikkelen.
De medische benadering van psychische klachten
De medische benadering is dominant aanwezig (GGZ)
- Psychische problemen worden gezien als (hersen)ziekten of
ziekteverschijnselen.
- Op basis van die verschijnselen wordt een diagnose gesteld
passende behandeling (vaak medicatie).
- In de klassieke medische benadering staan stoornissen en
problemen centraal.
o Meestal verdwijnen andere aspecten van iemands
achtergrond.
Kritiekpunten
Vaak te weinig oog voor het levensverhaal en context van de
persoon.
Impact van het dagelijks leven en omgeving vaak onderbelicht.
Risico = persoon wordt herleid tot “de ziekte”.
Conclusie = “de diagnose wordt behandeld in plaats van de persoon”.
Kader 1.2. Classificatiesystemen
,Psychopathologie
DSM-5-TR = Diagnostisc and Statistical Manuel of Mental Disorders-5-TR
Classificatie = niets anders dot dan criteria beschrijven om iemands
psychische klachten onder te brengen in een hokje.
Diagnose = een zorgvuldige beschrijving van iemands klachten en de
levensomstandigheden waar de klachten mogelijk verband mee houden.
DSM-5-TR Nadelen classificeren
DSM = handboek met Werkt indruk van een vast
classificatiecriteria (geen diagnose omschreven ziekte.
op zich)
Diagnose = klachten + Labels beïnvloeden beeld en
levenscontext (ruimer dan DSM) verwachtingen (hulpverleners,
omgeving, cliënt zelf)
Criteria = afspraken, geen harde Risico op anders behandelen/
waarheden. onwillekeurige bejegening.
DSM geeft geen verklaringen of Stigmatisering en uitsluiting
behandeladviezen. (categorie “anders”).
Conclusie = DSM is nuttig als classificatie, maar onvoldoende als diagnose
of verklaring.
Transdiagnostische factoren
Transdiagnostische factoren = gemeenschappelijke kenmerken en
behandelingen bij verschillende psychische aandoeningen.
om aan te gevend at het gaat om kenmerken die niet specifiek aan een
diagnostische categorie zijn gebonden maar door de grenzen van deze
categorieën.
Overeengekomen factoren:
Biologisch
o Genetische factoren
Bij psychische aandoening veel genetische varianten die
niet specifiek zijn voor die aandoening of diagnostische
categorie.
o Neurobiologische mechanismen
Vertonen overeenkomsten tussen verschillende
aandoeningen.
Psychotische ontregelingen, autisme, ADHD,
verslaving.
Psychologisch
o Veelvoorkomende psychologische kenmerken van
hulpverleners
Laag zelfbeeld, onzekerheid/faalangst, perfectionisme.
Komen ook veel voor onder mensen die (redelijk)
goed functioneren en nooit hulp zoeken.
, Psychopathologie
Gedrag
o Vermijdingsgedrag
o Verslavingsgedrag
Alcohol, drugs, roken, eten, …
o Dwangmatig gedrag
Gedrag dat zeer geregeld wordt gezien bij mensen met
uiteenlopende diagnoses.
Invloedrijke factoren en behandelingen:
Trauma en stressvolle situaties
o De meest gemeenschappelijke factor bij psychisch lijden.
Agressie, fysieke of emotionele mishandeling, seksueel
misbruik, pesten.
Grote impact bij vorming als mens en kunnen
belangrijke rol spelen bij het ontstaan van
psychische kwetsbaarheid
o Psychische aandoeningen ontstaan als reactie op een
(langdurige) stressvolle situatie.
Oorzaak en trigger bij terugval.
Therapieën
o Antidepressiva zijn niet alleen werkzaam voor depressie, maar
ook bij angsstoornissen, dwangstoornissen, PTSS en
psychoses.
o Ook therapieën als:
Cognitieve gedragstherapie (CGT)
Schematherapie
Emotion-focused therapy (EFT)
Traumaverwerking
Effectief gebleken bij veel verschillende
aandoeningen
o Vaktherapieën:
Muziek, drama, creatieve therapie
Psychische aandoeningen delen vaak overlappende factoren, los van de
specifieke diagnose:
De belangrijkste vragen voorafgaand aan een behandeling zijn dan niet
meer: “Wat is jouw diagnose? Maar: “Wie ben jij als persoon? Hoe ben jij
die persoon geworden? (Wat is er in je leven gebeurd?) Waar heb jij
precies last van? Waar ben jij het meest mee geholpen?
Het biopsychosociaal model
Gezondheidsproblemen benaderen vanuit 4 invalshoeken: