Europees Recht
CHAPTER 1: THE FOUNDATIONS OF EU LAW
1
,1.1. EUROPEAN INTEGRATION: OBJECTIVES, PRINCIPLES AND
VALUES:
Essentieel doel van de Europese Unie (‘EU’) staat in Art. 1, §2 Verdrag betreffende
de Europese Unie (‘TEU’): ‘een steeds hechtere unie tussen de volkeren van Europa’
Twee grondbeginselen (Art. 4 TEU):
1. Gelijkheid van de lidstaten: (eerbiediging van nationale identiteit)
Geen discriminatie op grond van nationaliteit, bijvoorbeeld tussen
werknemers.
Gelijke vertegenwoordiging van de staten, en de burgers daarvan.
2. Eerlijke samenwerking:
Handelen volgens het beginsel van goede trouw:
van de lidstaten wordt verwacht dat zij gezamenlijk bijdragen aan het
verwezenlijken van de doelstellingen van het EU-integratieproces, zoals
overeengekomen in de EU-verdragen: Ze moeten hun verplichtingen
nakomen en bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen en ze
moeten zich onthouden van elke maatregel die de verwezenlijking van
de EU-doelstellingen in gevaar zou kunnen brengen.
Lidstaten moeten zorgen voor de naleving van hun verplichtingen en de
verwezenlijking van de EU-doelstellingen vergemakkelijken.
Een geheel van waarden: gemeenschappelijk voor de lidstaten en fundamenten
van de EU:
“De Unie is gegrondvest op de waarden van eerbied voor de menselijke
waardigheid, vrijheid, democratie, gelijkheid, de rechtsstaat en
eerbiediging van de mensenrechten, waaronder de rechten van
personen die tot minderheden behoren. Deze waarden zijn
gemeenschappelijk voor de lidstaten in een samenleving waarin
pluralisme, non-discriminatie, tolerantie, rechtvaardigheid, solidariteit en
gelijkheid tussen vrouwen en mannen heersen.”
(Article 2 TEU)
Aanvullende bron Art.6 TEU: Alle lidstaten erkennen deze fundamentele waarden
met als vereiste veronderstelling: ‘wederzijds vertrouwen’
2
, We mogen ervan uitgaan dat alle lidstaten de waarden naleven waarop de EU
is gegrondvest.
Eén lidstaat moet erop kunnen vertrouwen dat andere lidstaten de waarden
van Artikel 2 respecteren.
Dit is een veronderstelling, geen absolute waarheid!
Hernieuwde aandacht: risico’s op ernstige schendingen van de rechtsstaat in Polen
en Hongarije.
1.2. A UNIQUE FORM OF REGIONAL INTEGRATION:
Vormen van economische integratie:
A. Vrijhandelszone: vrije beweging van goederen en diensten zonder heffingen bij
het overschrijden van de grenzen van de verdragsluitende partijen. (de lidstaten van
de EU)
Samenbrengen van deelnemende staten en het wegnemen van
handelsbelemmeringen. (bv. Goederen verhandelen zonder discriminerende
belastingen.)
Wegnemen van barrières en grenzen tussen de deelnemende staten.
Een groep douanegebieden waarin invoerrechten en andere
handelsbeperkende regels worden afgeschaft voor alle handel tussen de
betrokken gebieden.
B. Douane-unie:
Richt zich op de externe dimensie van de vrijhandelszone.
Volgende graad van integratie (vrijhandelszone + 1): niet alleen een
vrijhandelszone, maar ook het toepassen van dezelfde invoerrechten en
handelsregels op handel met gebieden buiten de verdragsluitende partijen.
De staten hebben onderling vrije handel, maar kiezen ook voor een
gemeenschappelijke aanpak van externe handel:
➔ Vrije handel intern + gemeenschappelijke douaneregels extern.
➔ Bv. dezelfde sanitaire controles.
C. Gemeenschappelijke markt: vrijhandelszone + douane-unie, waarbij
gemeenschappelijke normen worden ontwikkeld. (de vrije beweging van personen,
goederen, kapitaal en productiefactoren.)
3
, D. Interne markt: een gebied zonder binnengrenzen waarin de vrije beweging van
personen, diensten, goederen en kapitaal is gegarandeerd, dit vereist de afschaffing
van alle binnengrenzen en vergemakkelijkt de werking van de gemeenschappelijke
markt, omdat je niet wordt gehinderd bij het overschrijden van grenzen.
Interne markt: een gebied zonder binnengrenzen waarin de vrije beweging van
goederen, personen, diensten en kapitaal is gegarandeerd.
De EU is een breder politiek project (een veel ruimer economisch, sociaal en politiek
project dan de traditionele vormen van regionale economische integratie):
Fundamentele status van EU-burger: Als je de nationaliteit hebt van een
lidstaat, ben je automatisch EU-burger, dit verleent je specifieke politieke
rechten.
Gemeenschappelijk economisch en monetair beleid.
Een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid.
Een gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid.
De EU bestaat naast andere regionale organisaties in Europa:
Europese Vrijhandelsassociatie (‘EFTA): IJsland, Liechtenstein, Noorwegen
en Zwitserland met als doel het bevorderen van een voortdurende,
evenwichtige versterking van handels- en economische betrekkingen.
Europese Economische Ruimte (‘EEA’): 3 EVA-landen (niet Zwi.) + EU en
brengt de EVA-landen dichter bij het proces van EU-integratie en de interne
markt met als doel het bevorderen van een voortdurende en evenwichtige
versterking van handels- en economische betrekkingen tussen de EU en de
genoemde EVA-landen.
De EEA heeft nauwe banden met Noorwegen en Zwitserland:
Noorwegen: heeft regelingen met de EU die verder gaan dan louter economische
integratie.
Zwitserland: heeft vele bilaterale verdragen met de EU.
EU – Verenigd Koningkrijk:
Het Verenigd Koninkrijk is noch een EFTA-lidstaat, noch een EU-lidstaat: toch in het
terugtrekkingsakkoord worden bepaalde EU-rechten gegarandeerd om voort te
blijven bestaan.
4
CHAPTER 1: THE FOUNDATIONS OF EU LAW
1
,1.1. EUROPEAN INTEGRATION: OBJECTIVES, PRINCIPLES AND
VALUES:
Essentieel doel van de Europese Unie (‘EU’) staat in Art. 1, §2 Verdrag betreffende
de Europese Unie (‘TEU’): ‘een steeds hechtere unie tussen de volkeren van Europa’
Twee grondbeginselen (Art. 4 TEU):
1. Gelijkheid van de lidstaten: (eerbiediging van nationale identiteit)
Geen discriminatie op grond van nationaliteit, bijvoorbeeld tussen
werknemers.
Gelijke vertegenwoordiging van de staten, en de burgers daarvan.
2. Eerlijke samenwerking:
Handelen volgens het beginsel van goede trouw:
van de lidstaten wordt verwacht dat zij gezamenlijk bijdragen aan het
verwezenlijken van de doelstellingen van het EU-integratieproces, zoals
overeengekomen in de EU-verdragen: Ze moeten hun verplichtingen
nakomen en bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen en ze
moeten zich onthouden van elke maatregel die de verwezenlijking van
de EU-doelstellingen in gevaar zou kunnen brengen.
Lidstaten moeten zorgen voor de naleving van hun verplichtingen en de
verwezenlijking van de EU-doelstellingen vergemakkelijken.
Een geheel van waarden: gemeenschappelijk voor de lidstaten en fundamenten
van de EU:
“De Unie is gegrondvest op de waarden van eerbied voor de menselijke
waardigheid, vrijheid, democratie, gelijkheid, de rechtsstaat en
eerbiediging van de mensenrechten, waaronder de rechten van
personen die tot minderheden behoren. Deze waarden zijn
gemeenschappelijk voor de lidstaten in een samenleving waarin
pluralisme, non-discriminatie, tolerantie, rechtvaardigheid, solidariteit en
gelijkheid tussen vrouwen en mannen heersen.”
(Article 2 TEU)
Aanvullende bron Art.6 TEU: Alle lidstaten erkennen deze fundamentele waarden
met als vereiste veronderstelling: ‘wederzijds vertrouwen’
2
, We mogen ervan uitgaan dat alle lidstaten de waarden naleven waarop de EU
is gegrondvest.
Eén lidstaat moet erop kunnen vertrouwen dat andere lidstaten de waarden
van Artikel 2 respecteren.
Dit is een veronderstelling, geen absolute waarheid!
Hernieuwde aandacht: risico’s op ernstige schendingen van de rechtsstaat in Polen
en Hongarije.
1.2. A UNIQUE FORM OF REGIONAL INTEGRATION:
Vormen van economische integratie:
A. Vrijhandelszone: vrije beweging van goederen en diensten zonder heffingen bij
het overschrijden van de grenzen van de verdragsluitende partijen. (de lidstaten van
de EU)
Samenbrengen van deelnemende staten en het wegnemen van
handelsbelemmeringen. (bv. Goederen verhandelen zonder discriminerende
belastingen.)
Wegnemen van barrières en grenzen tussen de deelnemende staten.
Een groep douanegebieden waarin invoerrechten en andere
handelsbeperkende regels worden afgeschaft voor alle handel tussen de
betrokken gebieden.
B. Douane-unie:
Richt zich op de externe dimensie van de vrijhandelszone.
Volgende graad van integratie (vrijhandelszone + 1): niet alleen een
vrijhandelszone, maar ook het toepassen van dezelfde invoerrechten en
handelsregels op handel met gebieden buiten de verdragsluitende partijen.
De staten hebben onderling vrije handel, maar kiezen ook voor een
gemeenschappelijke aanpak van externe handel:
➔ Vrije handel intern + gemeenschappelijke douaneregels extern.
➔ Bv. dezelfde sanitaire controles.
C. Gemeenschappelijke markt: vrijhandelszone + douane-unie, waarbij
gemeenschappelijke normen worden ontwikkeld. (de vrije beweging van personen,
goederen, kapitaal en productiefactoren.)
3
, D. Interne markt: een gebied zonder binnengrenzen waarin de vrije beweging van
personen, diensten, goederen en kapitaal is gegarandeerd, dit vereist de afschaffing
van alle binnengrenzen en vergemakkelijkt de werking van de gemeenschappelijke
markt, omdat je niet wordt gehinderd bij het overschrijden van grenzen.
Interne markt: een gebied zonder binnengrenzen waarin de vrije beweging van
goederen, personen, diensten en kapitaal is gegarandeerd.
De EU is een breder politiek project (een veel ruimer economisch, sociaal en politiek
project dan de traditionele vormen van regionale economische integratie):
Fundamentele status van EU-burger: Als je de nationaliteit hebt van een
lidstaat, ben je automatisch EU-burger, dit verleent je specifieke politieke
rechten.
Gemeenschappelijk economisch en monetair beleid.
Een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid.
Een gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid.
De EU bestaat naast andere regionale organisaties in Europa:
Europese Vrijhandelsassociatie (‘EFTA): IJsland, Liechtenstein, Noorwegen
en Zwitserland met als doel het bevorderen van een voortdurende,
evenwichtige versterking van handels- en economische betrekkingen.
Europese Economische Ruimte (‘EEA’): 3 EVA-landen (niet Zwi.) + EU en
brengt de EVA-landen dichter bij het proces van EU-integratie en de interne
markt met als doel het bevorderen van een voortdurende en evenwichtige
versterking van handels- en economische betrekkingen tussen de EU en de
genoemde EVA-landen.
De EEA heeft nauwe banden met Noorwegen en Zwitserland:
Noorwegen: heeft regelingen met de EU die verder gaan dan louter economische
integratie.
Zwitserland: heeft vele bilaterale verdragen met de EU.
EU – Verenigd Koningkrijk:
Het Verenigd Koninkrijk is noch een EFTA-lidstaat, noch een EU-lidstaat: toch in het
terugtrekkingsakkoord worden bepaalde EU-rechten gegarandeerd om voort te
blijven bestaan.
4