Lotte Claessens
,H1: WAT IS PSYCHOLOGIE?
EEN DEFINITIE VAN PSYCHOLOGIE
Definitie: Psychologie is een wetenschap waarbij het gedrag bestudeerd wordt en waarbij de
gedragsevidentie gebruikt wordt om de interne processen te begrijpen die aan dat gedrag ten grondslag
liggen.
Psychologen zullen gedrag op systematische manier observeren en kijken hoe beïnvloed door omgeving
Doel: menselijk gedrag begrijpen
Inzicht in gedrag door observeren, meten en theorieën opstellen
Definitie van psychologie vertoont overeenkomsten met definities van andere wetenschappen
Systematische observatie van meetbare kenmerken inzicht in processen niet rechtstreeks observeerbaar
Psychologen gebruiken dezelfde methode als andere wetenschappers
‘Observeerbaar’ is een relatief begrip binnen de wetenschappen
Wat eerst niet waarneembaar is, is het later wel
Vooruitgang doordat men steeds nauwkeuriger kan registreren wat er gebeurt
ONTWIKKELINGEN DIE PSYCHOLOGIE MOGELIJK GEMAAKT HEBBEN
REDE, INTUÏTIE EN GELOOF
FILOSOFIE IN HET OUDE GRIEKENLAND
Eerste invloedrijke geschriften over functioneren van mens gepubliceerd in klassieke oudheid
Plato en Aristoteles stellen zich vragen over universum en plaats van de mens daarin
Antwoorden op deze vragen vinden oorsprong binnenin de mens
Mensen enige wezens met een rede
Rede maakt het mogelijk om realiteit te begrijpen
1
, PLATO ARISTOTELES
Onderscheid tussen ware onzichtbare wereld van Meer belang aan observatie, maar ware kennis
onveranderlijke vormen en zichtbare, kon niet gebaseerd zijn op observatie
veranderlijke wereld (onvolmaakte afspiegeling)
Menselijke ziel is deel van onzichtbare wereld Vertrekken vanuit axioma’s om echte kennis te
bereiken
Ziel had kennis van ideale wereld (mens toegang Axioma’s werden herkend door de ziel
door rede) (‘demonstraties’)
Observatie minder belangrijk (enkel toegang tot Wiskunde is ideale wetenschap
zichtbare wereld)
Wiskunde hoogste vorm van wijsheid die het
dichtst de ideale wereld benaderde
DE ROOMS-KATHOLIEKE KERK
Na val Romeinse Rijk was Rooms-Katholieke kerk zeer belangrijk
Zij vertaalde geschriften van Plato en Aristoteles in kerkelijke leer
Plato’s wereld van onveranderlijke, ideale vormen stemde overeen met hemel
Aristoteles’ demonstraties worden gezien als goddelijke ingevingen
WETENSCHAPPELIJKE REVOLUTIE
EEN NIEUWE MANIER VAN DENKEN
Overtuiging Katholieke kerk en Grieken -> ware kennis o.b.v. nadenken en intuïtief aanvoelen
Later andere vorm van kennisvergaring -> ware kennis o.b.v. systematische observatie
Dit noemt men de wetenschappelijke revolutie
Oorzaken: verminderde macht RKK, herwaardering van handel, uitvinding boekdrukkunst, …
COPERNICAANSE REVOLUTIE
Vaststelling: kalender blijkt niet te kloppen
Juliaanse kalender was te kort
Oplossing: Gregoriaanse kalender (van 4 oktober naar 15 oktober 1582)
Belangrijk axioma ter discussie: ‘Staat de aarde nog stil?’
2
, NIEUWE KENNIS KOMT VOORT UIT OBSERVATIE EN EXPERIMENTEN, NIET UIT BESTUDEREN VAN
OUDE MEESTERS
Meer kennis verzamelen door nauwkeurige observatie
Niet enkel passief observeren maar ook experimenteren en gevolgen onderzoeken
Leidde tot industriële revolutie -> grotere welvaart voor bevolking -> algemeen verplicht onderwijs
GROEIENDE MACHT VAN WETENSCHAPPEN EN ONTSTAAN VAN TWEE CULTUREN
WETENSCHAP EN MACHT
Ontwikkelingen groter in landen die zich hadden onttrokken aan invloed van RKK
Nieuwe ontdekkingen hadden belangrijke voordelen
Prestige van nieuwe wetenschappen groeide
TWEE CULTUREN
Klassieke, humanistische cultuur
Nieuwe, natuurwetenschappelijke cultuur
Spanning is er vandaag nog -> alfa- en bètawetenschappen
Culturen hebben weinig contact en weten weinig van elkaar
Tegengestelde opvattingen over wat belangrijk is
TOEPASSING VAN WETENSCHAPPELIJKE METHODE OP MENSELIJK FUNCTIONEREN
DE PERSOONLIJKE FOUT
Hoofdsterrenkundige stelt vast dat tijden van assistent een halve seconde trager zijn dan eigen tijden
Kort nadien constatatie dat verschillen tussen astronomen standaard waren
Ene persoon meer tijd nodig om informatie te verwerken dan andere
DE SNELHEID VAN INFORMATIETRANSMISSIE IN DE ZENUWEN
Onderzoek naar snelheid van zenuwimpulsen
Voordien dacht men dat deze snelheid oneindig groot was en niet te meten viel
Von Helmholtz slaagde erin snelheid van informatieoverdracht te bepalen
Conclusie: niet oneindig groot maar 30 meter per seconde
3