Kernbegrippen | Leading sustainable business transforma5on |
MM2203-262711M
Leerdoelen cursus
Nadat je de cursus hebt bestudeerd, kun je:
• Duurzaamheidsuitdagingen verklaren vanuit een systeemperspec;ef, inclusief
kernconcepten zoals planetaire grenzen, feedbackloops en systeemverandering
• Tradi;onele en duurzaamheidsgerichte benaderingen van management kri;sch
evalueren en hun onderliggende aannames analyseren
• Analyseren hoe organisa;es reageren op duurzaamheidsuitdagingen, inclusief de rol
van ins;tu;es, stakeholders en legi;miteit
• Beoordelen hoe duurzaamheid wordt geïntegreerd in organisa;estrategie,
businessmodellen en waardecrea;eprocessen
• Instrumenten en raamwerken voor het meten en rapporteren van
duurzaamheidspresta;es evalueren, waaronder ESG, dubbele materialiteit en
rapportagestandaarden
• De rela;e tussen duurzaamheidspresta;es en financiële presta;es van organisa;es
analyseren, inclusief relevante theore;sche perspec;even
• Verklaren hoe leiderschap, organisa;edoel en cogni;eve denkkaders besluitvorming
binnen organisa;es beïnvloeden in de context van duurzaamheid.
,Blok 1 – Systems Thinking for Sustainable Transi5ons
• Je ontwikkelt een systeemperspec;ef op duurzaamheid en leert hoe complexe
uitdagingen ontstaan binnen onderling verbonden ecologische, sociale en
economische systemen.
Leerdoelen blok
Nadat je het blok hebt bestudeerd, kun je:
• Uitleggen hoe duurzaamheid vanuit een systeemperspec;ef kan worden begrepen,
inclusief concepten zoals feedbacklussen, emergen;e, adap;ef vermogen en wicked
problems
• De beperkingen van tradi;onele benaderingen van organisa;emanagement bij het
aanpakken van duurzaamheidsvraagstukken kri;sch evalueren.
• De concepten ‘planetaire grenzen’ en ‘Sustainable Development Goals’ (SDG’s)
uitleggen en hun implica;es voor organisa;es beoordelen
• Analyseren hoe systeemtransforma;es rich;ng duurzaamheid plaatsvinden, inclusief
de belangrijkste drijfveren, barrières en rollen van organisa;es.
Kernbegrippen blok
• Tradi'onele managementmethoden: Is sterk antropocentrisch (mensgericht). Zien
de economie, de samenleving en de natuur als losstaande, onaTankelijke systemen.
Het richt zich voornamelijk op korte-termijndoelen.
• Duurzaamheid: het vermogen van (georganiseerde) menselijke ac;viteit om een
gebalanceerde en harmonieuze rela;e te onderhouden met de natuurlijke systemen
van de aarde en tussen sociale groepen over een onbepaalde periode.
o Zwakke duurzaamheid: Deze visie veronderstelt dat onbeperkte economische
groei mogelijk is omdat natuurlijk kapitaal kan worden vervangen door de
mens gemaakt kapitaal (zoals technologie of infrastructuur).
o Sterke duurzaamheid: Deze visie stelt dat natuurlijk kapitaal niet zomaar
vervangbaar is en dat de biofysische grenzen van de aarde de absolute limiet
vormen voor groei.
• Vier duurzaamheidsprincipes:
o OnXrek geen stoffen uit de aardkost sneller dan ze kunnen worden aangevuld.
o Produceer geen afval sneller dan de aarde het kan opnemen.
o Tast het aardoppervlak of de atmosfeer niet aan.
o Stel mensen niet bloot aan omstandigheden die hun vermogen om in
basisbehoe[en te voorzien systema;sch ondermijnen.
,• Tripple Bo=om Line-raamwerk (zwakke duurzaamheid): het verbinden van
economische, sociale en ecologische dimensies, zodat organisa;es hun outputs
kunnen monitoren en de waarde die zij creëren kunnen beoordelen in termen van
winst, gelijkheid en een gezonde planeet.
Volgens Dyllick en Muff (2016) is het vooral gericht op balans en schadebeperking, en
niet op het oplossen van fundamentele duurzaamheidsproblemen.
• Systeemperspec'ef op duurzaamheid:
o Wat is een systeem: een geheel van elementen die op bepaalde manieren
met elkaar verbonden zijn. Het systeemperspec;ef leert ons dat deze
systemen (economie, samenleving en natuur) in werkelijkheid diep met elkaar
verbonden zijn en in elkaar zijn ingebed.
o Waarom is systeemperspec'ef noodzakelijk voor duurzaamheid: Omdat
duurzaamheidsproblemen (zoals klimaatverandering) voortkomen uit
complexe interac;es tussen economische, sociale en ecologische systemen.
Een geïsoleerde aanpak mist deze verbanden en kan onbedoelde nega;eve
effecten veroorzaken.
o Samenhangprincipes: het doel of eindresultaat dat de elementen van het
systeem rich;ng gee[ en oriënteert om samen te werken.
o Systeemgrenzen: de grenzen die bepalen wat binnen een systeem valt en wat
daarbuiten ligt, en die aangeven wat tot de reguliere onderhoudspatronen
behoort en wat niet.
, o Controlemechanisme in een systeem: de processen die ervoor zorgen dat een
systeem de patronen behoudt die nodig zijn om zijn func;e of doel te
vervullen.
o Open systeem: een systeem dat con;nu materialen, energie en informa;e
uitwisselt met zijn omgeving.
• Risico van géén systeembenadering in duurzaamheid:
o Systeembestrijding in plaats van oorzaken
o Onbedoelde neveneffecten, zoals greenwashing
o Ineffec;eve of zelfs schadelijke beleidsmaatregelen
• Ecologisch perspec'ef op kapitaal: Het gaat verder dan een mensgericht perspec;ef
door te erkennen dat kapitaal waarde hee[ op zichzelf, en niet alleen vanwege het
vermogen om menselijke behoe[en en wensen te vervullen.
• ‘Embedded’ zijn in sociaal-ecologische systemen: Dat organisa;es aTankelijk zijn
van én invloed hebben op hun omgeving (natuur, samenleving). Hun handelen hee[
dus brede systeemimpact en kan niet los worden gezien van die context.
• Antropoceen: meest recente geologische ;jdperk in de evolu;e van de aarde, waarin
de mens de belangrijkste kracht is geworden die de planeet Aarde, het klimaat en de
atmosfeer vormgee[.
o Antropogene klimaatverandering: wordt vaak geassocieerd met toegenomen
droogte en vaker voorkomende zware stormen.
o Factoren antropogene klimaatverandering: wordt getriggerd door menselijke
ac;viteiten. Voornamelijk door de uitstoot van broeikasgassen, zoals
koolstofdioxide, methaan en lachgas.
• Wicked problems: complexe vraagstukken met een groot aantal onderling
aTankelijke oorzaken waarvan de wisselwerkingen moeilijk te begrijpen zijn. Binnen
duurzaamheidsmanagement is dit bijvoorbeeld de opwarming van de aarde en het
verlies van biodiversiteit. Ze hebben de volgende specifieke kenmerken:
o Geen eenduidige ‘juiste’ oplossing
o Risico op onbedoelde gevolgen
o Geen duidelijk eindpunt
o Uniek en zonder eerdere blauwdruk
MM2203-262711M
Leerdoelen cursus
Nadat je de cursus hebt bestudeerd, kun je:
• Duurzaamheidsuitdagingen verklaren vanuit een systeemperspec;ef, inclusief
kernconcepten zoals planetaire grenzen, feedbackloops en systeemverandering
• Tradi;onele en duurzaamheidsgerichte benaderingen van management kri;sch
evalueren en hun onderliggende aannames analyseren
• Analyseren hoe organisa;es reageren op duurzaamheidsuitdagingen, inclusief de rol
van ins;tu;es, stakeholders en legi;miteit
• Beoordelen hoe duurzaamheid wordt geïntegreerd in organisa;estrategie,
businessmodellen en waardecrea;eprocessen
• Instrumenten en raamwerken voor het meten en rapporteren van
duurzaamheidspresta;es evalueren, waaronder ESG, dubbele materialiteit en
rapportagestandaarden
• De rela;e tussen duurzaamheidspresta;es en financiële presta;es van organisa;es
analyseren, inclusief relevante theore;sche perspec;even
• Verklaren hoe leiderschap, organisa;edoel en cogni;eve denkkaders besluitvorming
binnen organisa;es beïnvloeden in de context van duurzaamheid.
,Blok 1 – Systems Thinking for Sustainable Transi5ons
• Je ontwikkelt een systeemperspec;ef op duurzaamheid en leert hoe complexe
uitdagingen ontstaan binnen onderling verbonden ecologische, sociale en
economische systemen.
Leerdoelen blok
Nadat je het blok hebt bestudeerd, kun je:
• Uitleggen hoe duurzaamheid vanuit een systeemperspec;ef kan worden begrepen,
inclusief concepten zoals feedbacklussen, emergen;e, adap;ef vermogen en wicked
problems
• De beperkingen van tradi;onele benaderingen van organisa;emanagement bij het
aanpakken van duurzaamheidsvraagstukken kri;sch evalueren.
• De concepten ‘planetaire grenzen’ en ‘Sustainable Development Goals’ (SDG’s)
uitleggen en hun implica;es voor organisa;es beoordelen
• Analyseren hoe systeemtransforma;es rich;ng duurzaamheid plaatsvinden, inclusief
de belangrijkste drijfveren, barrières en rollen van organisa;es.
Kernbegrippen blok
• Tradi'onele managementmethoden: Is sterk antropocentrisch (mensgericht). Zien
de economie, de samenleving en de natuur als losstaande, onaTankelijke systemen.
Het richt zich voornamelijk op korte-termijndoelen.
• Duurzaamheid: het vermogen van (georganiseerde) menselijke ac;viteit om een
gebalanceerde en harmonieuze rela;e te onderhouden met de natuurlijke systemen
van de aarde en tussen sociale groepen over een onbepaalde periode.
o Zwakke duurzaamheid: Deze visie veronderstelt dat onbeperkte economische
groei mogelijk is omdat natuurlijk kapitaal kan worden vervangen door de
mens gemaakt kapitaal (zoals technologie of infrastructuur).
o Sterke duurzaamheid: Deze visie stelt dat natuurlijk kapitaal niet zomaar
vervangbaar is en dat de biofysische grenzen van de aarde de absolute limiet
vormen voor groei.
• Vier duurzaamheidsprincipes:
o OnXrek geen stoffen uit de aardkost sneller dan ze kunnen worden aangevuld.
o Produceer geen afval sneller dan de aarde het kan opnemen.
o Tast het aardoppervlak of de atmosfeer niet aan.
o Stel mensen niet bloot aan omstandigheden die hun vermogen om in
basisbehoe[en te voorzien systema;sch ondermijnen.
,• Tripple Bo=om Line-raamwerk (zwakke duurzaamheid): het verbinden van
economische, sociale en ecologische dimensies, zodat organisa;es hun outputs
kunnen monitoren en de waarde die zij creëren kunnen beoordelen in termen van
winst, gelijkheid en een gezonde planeet.
Volgens Dyllick en Muff (2016) is het vooral gericht op balans en schadebeperking, en
niet op het oplossen van fundamentele duurzaamheidsproblemen.
• Systeemperspec'ef op duurzaamheid:
o Wat is een systeem: een geheel van elementen die op bepaalde manieren
met elkaar verbonden zijn. Het systeemperspec;ef leert ons dat deze
systemen (economie, samenleving en natuur) in werkelijkheid diep met elkaar
verbonden zijn en in elkaar zijn ingebed.
o Waarom is systeemperspec'ef noodzakelijk voor duurzaamheid: Omdat
duurzaamheidsproblemen (zoals klimaatverandering) voortkomen uit
complexe interac;es tussen economische, sociale en ecologische systemen.
Een geïsoleerde aanpak mist deze verbanden en kan onbedoelde nega;eve
effecten veroorzaken.
o Samenhangprincipes: het doel of eindresultaat dat de elementen van het
systeem rich;ng gee[ en oriënteert om samen te werken.
o Systeemgrenzen: de grenzen die bepalen wat binnen een systeem valt en wat
daarbuiten ligt, en die aangeven wat tot de reguliere onderhoudspatronen
behoort en wat niet.
, o Controlemechanisme in een systeem: de processen die ervoor zorgen dat een
systeem de patronen behoudt die nodig zijn om zijn func;e of doel te
vervullen.
o Open systeem: een systeem dat con;nu materialen, energie en informa;e
uitwisselt met zijn omgeving.
• Risico van géén systeembenadering in duurzaamheid:
o Systeembestrijding in plaats van oorzaken
o Onbedoelde neveneffecten, zoals greenwashing
o Ineffec;eve of zelfs schadelijke beleidsmaatregelen
• Ecologisch perspec'ef op kapitaal: Het gaat verder dan een mensgericht perspec;ef
door te erkennen dat kapitaal waarde hee[ op zichzelf, en niet alleen vanwege het
vermogen om menselijke behoe[en en wensen te vervullen.
• ‘Embedded’ zijn in sociaal-ecologische systemen: Dat organisa;es aTankelijk zijn
van én invloed hebben op hun omgeving (natuur, samenleving). Hun handelen hee[
dus brede systeemimpact en kan niet los worden gezien van die context.
• Antropoceen: meest recente geologische ;jdperk in de evolu;e van de aarde, waarin
de mens de belangrijkste kracht is geworden die de planeet Aarde, het klimaat en de
atmosfeer vormgee[.
o Antropogene klimaatverandering: wordt vaak geassocieerd met toegenomen
droogte en vaker voorkomende zware stormen.
o Factoren antropogene klimaatverandering: wordt getriggerd door menselijke
ac;viteiten. Voornamelijk door de uitstoot van broeikasgassen, zoals
koolstofdioxide, methaan en lachgas.
• Wicked problems: complexe vraagstukken met een groot aantal onderling
aTankelijke oorzaken waarvan de wisselwerkingen moeilijk te begrijpen zijn. Binnen
duurzaamheidsmanagement is dit bijvoorbeeld de opwarming van de aarde en het
verlies van biodiversiteit. Ze hebben de volgende specifieke kenmerken:
o Geen eenduidige ‘juiste’ oplossing
o Risico op onbedoelde gevolgen
o Geen duidelijk eindpunt
o Uniek en zonder eerdere blauwdruk