I. Definitievragen
1. Wat is de “onzichtbare hand” bij Adam Smith?
De onzichtbare hand is het idee dat mensen die hun eigenbelang nastreven, via de werking van de markt
onbedoeld kunnen bijdragen aan het algemeen welzijn.
Examenantwoord:
De onzichtbare hand betekent dat individueel eigenbelang via marktwerking en concurrentie onbedoeld kan
leiden tot maatschappelijk nuttige resultaten, zoals efficiënte productie en welvaart.
2. Wat is het differentieprincipe van Rawls?
Het differentieprincipe stelt dat ongelijkheden in inkomen en bezit alleen gerechtvaardigd zijn als ze het
meest voordelig zijn voor de minst bevoordeelden in de samenleving.
Voorbeeld:
Een dokter mag meer verdienen dan iemand met een laagbetaalde job, zolang een systeem waarin dokters
meer verdienen uiteindelijk ook de minst bevoordeelden ten goede komt, bijvoorbeeld doordat er voldoende
dokters zijn.
Examenantwoord:
Volgens het differentieprincipe zijn sociale en economische ongelijkheden slechts rechtvaardig als ze het
grootste voordeel opleveren voor de minst bevoordeelden.
3. Wat verstaat men onder de “originele positie” bij Rawls?
De originele positie is een denkbeeldige situatie waarin mensen samen de basisregels van de samenleving
kiezen.
Ze bevinden zich achter een sluier van onwetendheid: ze weten niet welke positie ze zelf in de samenleving
zullen innemen.
Ze weten bijvoorbeeld niet of ze:
rijk of arm zullen zijn;
hoogopgeleid of laagopgeleid zullen zijn;
gezond of ziek zullen zijn.
👉 Daardoor moeten ze eerlijke regels kiezen die voor iedereen aanvaardbaar zijn.
Examenantwoord:
, De originele positie is Rawls' hypothetische uitgangssituatie waarin rationele personen achter een sluier van
onwetendheid de rechtvaardigheidsprincipes voor de samenleving kiezen.
4. Wat is de “impartial spectator” bij Adam Smith?
De impartial spectator = de onpartijdige toeschouwer.
Het is een soort innerlijke morele beoordelaar die ons helpt om ons eigen gedrag objectief te beoordelen.
We vragen ons als het ware af:
“Wat zou een onpartijdige buitenstaander vinden van wat ik doe?”
Dit voorkomt dat we alleen vanuit ons eigenbelang handelen.
Examenantwoord:
De impartial spectator is bij Smith een innerlijke, onpartijdige beoordelaar waarmee mensen hun eigen gedrag
moreel leren beoordelen vanuit het perspectief van anderen.
5. Wat is de bijstandsplicht (“duty of assistance”) volgens Rawls in The Law of Peoples?
De duty of assistance is de plicht van welvarende, goed geordende volkeren om samenlevingen die het
moeilijk hebben te helpen zodat die zelf een rechtvaardige en stabiele samenleving kunnen opbouwen.
Belangrijk: het doel is niet om alle landen economisch gelijk te maken.
Het doel is dat arme samenlevingen de mogelijkheid krijgen om zelfstandig een rechtvaardige samenleving te
worden.
Examenantwoord:
De duty of assistance is de plicht van welvarende volkeren om burdened societies te helpen zodat zij zelf een
rechtvaardige en stabiele samenleving kunnen opbouwen.
6. Wat is het “borrowing privilege” volgens Thomas Pogge?
Het borrowing privilege houdt in dat regeringen namens hun land geld kunnen lenen en vervolgens de
bevolking van dat land aan die schulden kunnen binden, zelfs wanneer die regering niet democratisch of
rechtvaardig is.
Voorbeeld:
Een dictator leent miljarden bij buitenlandse banken. Daarna verdwijnt de dictator, maar de bevolking moet de
schulden blijven terugbetalen.