Achtergrondinformatie
In een aantal hoorcolleges leren jullie o.a. waarom men met de huidige antivirale
therapieën, HIV-geïnfecteerden niet kan genezen van een HIV-infectie; waarom
vroege diagnose en behandeling zo belangrijk is; welke immuunresponsen
beschermend zijn tegen een HIV-infectie en waarom er nog steeds geen effectief
vaccin is ontwikkeld.
De basisprincipes van de leer van infectieziekten zullen uitgelegd worden; jullie leren
pathogenen te classificeren, in het bijzonder het HIV virus. Jullie leren over de
pathologie van HIV: de biologische ontstaansmechanismen van- en bijbehorende
ziekteprocessen van HIV/AIDS worden uitgelegd, evenals de replicatiecyclus van
HIV en de verschillende stadia in het proces. De verschillende fasen in een HIV
infectie worden toegelicht, evenals de transmissieroutes van HIV. Jullie leren over
verschillende antivirale therapieën en wanneer en welke diagnostische test gedaan
moet worden.
Tot slot is er aandacht voor de verschillen tussen co-infecties en opportunistische
infecties en welke gevolgen HIV-co-infecties hebben voor de patiënt.
Hoorcolleges
HC HIV/AIDS 1
HC HIV/AIDS 2
HC HIV/AIDS 3
HC HIV/AIDS 4
Werkgroepen
WG 1 - Infectieziekten - HIV/AIDS en co-infecties
Leerdoelen
Basisprincipes vd leer van infectieziekten te kunnen beschrijven;
Pathogenen te classificeren en i.h.b. het HIV virus;
Pathologie: de biologische ontstaansmechanismen van- en bijbehorende
ziekteprocessen van HIV/AIDS uit te leggen; replicatiecyclus van HIV; de
verschillende stadia in het proces kunnen benoemen en uitleggen;
Immunologie: te kunnen benoemen welke immuuncellen HIV infecteert en uit
kunnen leggen welke immuunreacties effectief zijn tegen een HIV infectie;
HIV infectie: de verschillende fasen in een HIV infectie kunnen benoemen en
uitleggen;
Transmissieroutes van HIV te kunnen beschrijven;
Antivirale therapieën: classificatie antivirale middelen en bijbehorende
werkingsmechanisme uit te kunnen leggen;
Diagnostiek: te kunnen uitleggen wanneer en welke diagnostische test
gedaan moet worden;
Co-infecties: verschil aan te geven tussen co-infecties en opportunistische
infecties & gevolgen van HIV-co-infecties uit te leggen voor de patiënt;
HIV replicatiefilmpje
Targeting HIV replication:
,Multistaged (verschillende stadia)
Elke stap is cruciaal voor replicatie en dus een potentieel aangrijpingspunt voor
antivirale medicatie.
Stappen:
1. Infectie van een passende hostcel Bv: CD4+ Lymfocyt en co-receptors
CCX5…
1. Binding en binnendringen
Hechting (attachment):
HIV bindt met zijn gp120-eiwit aan de CD4-receptor van een doelcel (vooral T-
helpercellen, maar ook macrofagen en dendritische cellen).
Co-receptor binding:
Voor binnendringen is ook een co-receptor nodig, meestal CCR5 of CXCR4.
Fusie:
Na binding verandert gp41 van vorm, waardoor het virale membraan met het
celmembraan fuseert en het virale capside in het cytoplasma terechtkomt.
2. Reverse transcriptie
Het virale enzym reverse transcriptase (RT) zet het enkelstrengs virale RNA
(ssRNA) om in dubbelstrengs DNA (dsDNA).
Dit proces is foutgevoelig, waardoor veel mutaties ontstaan → hoge genetische
variatie en resistentie.
3. Integratie
Het gevormde virale DNA (ook wel provirus) wordt via het enzym integrase naar de
celkern gebracht.
Integrase knipt het gastheer-DNA open en voegt het virale DNA erin in → HIV wordt
onderdeel vh genoom vd cel.
Dit betekent dat de cel permanent geïnfecteerd is.
4. Transcriptie en translatie
Zodra de cel actief is, gebruikt de gastheercel haar eigen RNA-polymerase II om
virale mRNA’s te maken vanuit het geïntegreerde provirus.
Deze mRNA’s worden gebruikt voor:
o Virale eiwitten (zoals enzymen, structurele eiwitten en envelop-eiwitten).
o Nieuwe genoomkopieën van HIV-RNA.
5. Assemblage
In het cytoplasma worden de nieuw gemaakte RNA-genomen verpakt samen met
structurele eiwitten (p24 capsid) en enzymen (RT, integrase, protease) in onrijpe
virusdeeltjes.
Envelop-eiwitten (gp120, gp41) worden in het celmembraan ingebouwd.
6. Budding en rijping
, Het virus knopt af (budding) via het celmembraan → krijgt een lipidenmembraan
mee met de ingebouwde glycoproteïnen.
Het enzym protease knipt polyproteïnen in functionele eiwitten → virus wordt rijp
en infectieus.
, HC Inleiding HIV/AIDS
Oorzaak HIV:
Onbeschermd seksueel contact
Bloed geïnfecteerd
Moeder naar kind (MTCT: geboorte, borstvoeding)
Jaren 80 veel mensen overleden aan AIDS.
1994 enorme afname aantal doden van aids door medicatie.
Zonder medicatie: overleiden binnen een jaar.