• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 23 pages
Summary

Samenvatting Sociale zekerheidsrecht begrepen

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 23 pages

Deze uitgebreide en overzichtelijke samenvatting van Sociale Zekerheidsrecht Begrepen is ideaal voor studenten Rechten die zich voorbereiden op een tentamen, toets of herkansing Sociale Zekerheidsrecht. De belangrijkste leerstof, wetten, begrippen en regelingen zijn overzichtelijk uitgewerkt, zodat je de stof gericht en efficiënt kunt leren. In deze samenvatting worden de belangrijkste onderdelen van het sociale zekerheidsrecht behandeld, waaronder werknemersverzekeringen, volksverzekeringen, sociale voorzieningen, werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, ziekte en bijstand. Werknemersverzekeringen, volksverzekeringen en sociale voorzieningen Bezwaar en beroep binnen het sociale zekerheidsrecht Werkloosheidswet (WW) - Voorwaarden voor een WW-uitkering - Duur en hoogte van de WW-uitkering - Zelfstandige arbeid tijdens een WW-uitkering - Opleiding en scholing tijdens de WW - Vrijwilligerswerk tijdens de WW - Rechten en verplichtingen van de WW-gerechtigde Arbeidsongeschiktheid en ziekte - Arbeidsongeschiktheid - Doorbetaling van loon bij ziekte - Arbo en bedrijfsarts - Ziektewet (ZW) - Wet WIA - Verzekeringsarts - ADL-afhankelijkheid - Arbeidsdeskundige - Claimbeoordeling en het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) - Hoogte en duur van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen IVA en WGA - IVA-uitkering - WGA-uitkering - Verschillen tussen IVA en WGA - Voorwaarden voor een IVA- of WGA-uitkering - Hoogte en duur van de uitkering - Beoordeling van arbeidsongeschiktheid Toeslagenwet Bijstandsuitkering - Voorwaarden voor bijstand - Kostendelersnorm - Algemene bijstand - Bijzondere bijstand - Re-integratieverplichting - Medewerkingsplicht - Inlichtingenplicht Maatregelen, boetes en terugvordering - Maatregelen bij het niet nakomen van verplichtingen - Bestuurlijke boetes - Inlichtingenplicht en schending daarvan - Terugvorderen van uitkeringen - Verplichtingen van uitkeringsgerechtigden - Bezwaar en beroep tegen besluiten De samenvatting is gemaakt om de belangrijkste tentamenstof van Sociale Zekerheidsrecht Begrepen overzichtelijk bij elkaar te hebben. De verschillende sociale zekerheidsregelingen en bijbehorende verplichtingen worden per onderwerp behandeld, waardoor je de stof gemakkelijk kunt herhalen en verbanden tussen de verschillende wetten en uitkeringen kunt begrijpen.

Content preview

SOCIAAL ZEKERHEIDSRECHT

Begin van sociale zekerheid
Solidariteit en collectiviteit = door wetgeving wordt gezamenlijk zorg gedragen van
individuele risico’s
Verzorgingsstaat = overheid heeft verplichting om burger te vrijwaren tegen gebrek
gezondheid, inkomen enz.

Armenwet (eerste sociale zekerheid) = kerken en gegoede burgerij trokken lot van armen
aan en hielp hen
Ongevallenwet (eerste sociale verzekering) = overheid legde aan werkgevers de
verplichting op premie te betalen om werklieden in gevaarlijke bedrijven te verzekeren tegen
bedrijfsongevallen.

Na tweede wereldoorlog ontwikkelde sociale zekerheid zich snel  individu werd niet langer
zelf verantwoordelijk gehouden voor de ellendige omstandigheden waarin hij verkeerde, maar
werd erkend dat op de overheid plicht rustte om bestaanszekerheid van burger te garanderen
 Nu wel weer meer eigen verantwoordelijkheid  eigen oplossingen zoeken met inzet van
familie en vrienden

Inkomenszekerheid = als inkomen wegvalt, kan burger terugvallen op inkomen in vorm van
periodieke uitkering om verlies van inkomen op te vangen (AOW, WW, WIA, participatiewet
enz.)
Sociaal minimum = sociaal zekerheid garandeert inkomensminimum als inkomen lager is dan
geldende minimum  recht op aanvullende bijstand.
Minimumuitkering is gekoppeld aan minimumloon. Bij stijging loon, stijgt ook uitkering (=
koppeling)

Sociale partners = werkgevers- en werknemersorganisaties  zij overleggen met organen
van overheid over belangrijke advies: Stichting van Arbeid (STAR) en Sociaal-Economische
Raad (SER)

Werknemersverzekeringen (WW, WAO, WIA en ZW)
 Wie verzekerd: werknemers (= personen die op grond van arbeidsovereenkomst
werkzaam zijn  verplicht verzekerd)
 Territorialiteitsbeginsel = persoon die in België woont maar in Nederland werkt is
verzekerd voor Nederlandse werknemersverzekering
 Financiering: werknemers en werkgevers betalen premie dat is gebaseerd op het loon
 Uitvoering: UWV
 Hoogte uitkering: gerelateerd aan gemiddeld dagloonmag niet hoger dan
maximumdagloon zijn
 Uitkering heeft individuele werking  houdt geen rekening met vermogen of partner met
inkomen (= partnerinkomenstoets en vermogenstoets)
 Duur uitkering: afhankelijk van arbeidsverleden

Volksverzekering (AOW, Wlz, Anw, Zvw)
 Wie verzekerd: alle ingezetenen van Nederland
 Financiering: iedereen die inkomensbelasting betaald. Bij mensen in loondienst, gebeurt
dit door loonheffing op inkomen. Zelfstandigen krijgen van de Belastingdienst een
aanslag over het inkomen
 Uitvoering: Sociale Verzekeringsbank (AOW en Anw), zorgkantoren (Wlz) en
zorgverzekeraars (Zvw)
 Hoogte uitkering: minimumloon (AOW en Anw)  geen partnerinkomens- en
vermogenstoets
 Duur uitkering: hangt NIET af van arbeidsverleden  AOW duurt tot overlijden
Iedereen die in NL woont of werkt, betaald van rechtswege mee aan werknemers- en
volksverzekering.

,Sociale voorzieningen (participatiewet, AKW, Wet IOAW, IOW, TW,
Wajong, Wmo, zorgtoeslag en Wet kgb)
 Wie gerechtigd: iedere Nederlander en niet-Nederlander die hier rechtmatig verblijft
 Financiering: algemene middelen (belastingopbrengst)
 Uitvoering: gemeente (Pw, IOAW, Wmo), UWV (TW, Wajong, IOW) en SVB (AKW)
 Hoogte uitkering: gerelateerd aan minimumloon en afhankelijk van leefsituatie 
meestal wel partnerinkomen- en vermogenstoets
 Duur uitkering: zolang het inkomen onder het sociaal minimum ligt
 Uitkering van volksverzekering of werknemersverzekering gaat voor
Fraude handhaven sociaal stelsel
Inlichtingenplicht = verstrekken van inlichtingen over inkomsten, samenwonen. Door het
niet geven van juiste informatie kan onterecht (te veel) uitkering ontvangen worden. Geen
schending van plicht als:
 Beschikbaarheid = gegevens zijn al opgenomen in registraties waartoe instantie toegang
heeft
 Kwaliteit = gegevens voldoende actueel en volledig zijn ten aanzien van doel waarvoor ze
gebruikt worden
Inspanningsplicht = verplichtingen die inspanning van betrokkene vergen, bijv. meewerken
aan re-integratie of verzekeringsarts bezoeken.

Misbruik = mensen maken onterecht gebruik van uitkering  leidt tot fraude (= als er een
verwijtbare overtreding van inlichtingenplicht resulteert in onverschuldigde betaling en
verwijtbaarheid). Bij misbruik en fraude gaat het om informatieverplichtingen.
 Fraude kan via belastingdienst, UWV, SVB en gemeente (anoniem) gemeld worden 
wordt dan controle en opsporing gedaan.
 Vroeger waren kleine overtredingen als ‘fraude’. Dit zorgde voor schrijnende gevallen 
ontstaan fraudewet om sanctiesysteem aan te passen.

Handhaving omvat 4 fases:
1. Voorlichting = ter voorkoming van overtredingen en fraude (bijv. campagnes, reclame,
bijeenkomsten)
2. Dienstverlenging = goede afspraken maken en daaraan houden kan sanctioneren
voorkomen (bijv. eenvoudigere formulieren, duidelijk vermelden van rechten en plichten,
telefonisch/per mail bereikbaar zijn)  gaat om rechtmatig, doelmatig en klantgericht
handelen
3. Controle en opsporing = moet tijdig door medewerkers van uitkeringsinstanties
gesignaleerd worden (bijv. risicoprofielen vaststellen, trainingen op fraude-alertheid en
samenwerken met recherche)
- Uitvoeringsorgaan heeft algemene onderzoeksbevoegdheid. Er i geen voorafgaand
feit, signaal of vermoeden nodig voor onderzoek.
4. Sanctioneren en terugvorderen = te veel betaalde uitkering wordt teruggevorderd en
bij verwijtbaar overtreden van de regels wordt er gesanctioneerd
- Maatregel (herstellende sanctie) = niet of niet behoorlijk nakomen van
inspanningsplicht (verlaging of uitsluiting van uitkering)  kan niet samen worden
opgelegd met boete
- Boete (bestraffende sanctie) = niet of niet behoorlijk nakomen van
inlichtingenplicht  te veel gekregen uitkering wordt teruggevorderd (=
benadelingsbedrag)  kan niet samen worden opgelegd met maatregel
- Waarschuwing (herstellende sanctie) = als uitkeringsinstantie financieel niet is
benadeeld door gedraging  bij herhaling kan wel boete of maatregel volgen

Intrekken, herzien, terugvorderen, verrekenen en invorderen
 Intrekken = recht op uitkering heeft niet bestaan. Uitkering stopt dan met
terugwerkende kracht.
 Herziening = recht op uitkering blijft bestaan, alleen hoogte is lager.
 Terugvorderen = geen rechtsgrond waarop uitkering ontvangen mocht worden en
daarom moet (te veel) betaalde uitkering terugbetaald worden. Bij gemeente is alleen bij
schending van inspanningsverplichting geen verplichte terugvordering. Bij UWV en SVB is
op alle vlakken terugvordering verplicht.

, - Zesmaandenjurisprudentie = als door stilzitten van college de te veel/onterechte
betaling van uitkering te laat wordt opgemerkt, KAN er terugvordering zijn van
maximaal 6 maanden, tenzij inlichtingenplicht.
 Verrekenen = opgelengde boete wordt verrekend met uitkering. Kan alleen gedurende
tijd dat uitkering wordt ontvangen  instantie is in beginsel verplicht dit te doen bij
lopende uitkering.
 Invorderen = innen van de te veel betaalde uitkering met mogelijk om in termijnen af te
lossen

Bezwaar (appellabel = besluit waar je beroep op mag doen)
 Rechtmatigheidstoetsing = overeenstemming met geschreven en ongeschreven recht
 Doelmatigheidstoetsing = doeltreffend, efficiënt en effectief
 Ex nunc-toetsing = heroverweging beoordelen aan de hand van de situatie in het
heden (NU)
 Bezwaarde mag door het indienen van bezwaar niet slechter afzijn (= verbod van
reformatio in peius)  duidelijke fout in oorspronkelijke besluit mag wel worden
hersteld
 Geen bezwaar bij algemene verbindende voorschriften en beleidsregels
 Geen schorsende werking  besluit waartegen bezwaar is gemaakt, kan gewoon
uitgevoerd worden  je kan rechter verzoeken om voorlopige voorziening



Functies bezwaar
 Herkansing voor het bestuursorgaan  gemaakte fouten herstellen
 Rechtsbescherming voor de belanghebbende  doelmatigheid toetsen
 Uitkristallisering  alle feiten/argumenten komen op tafel, zodat eventuele gerechtelijke
procedure sneller gaat
 Zeeffunctie  bezwaar wordt ingetrokken door compromis of omdat de bezwaarde zich
bij de zaak neerlegt.

Procedure
 Indiening: bij het bestuursorgaan die het besluit heeft genomen  Doorzendplicht =
bezwaar wordt ingediend bij verkeerde bestuursorgaan en wordt doorgestuurd naar het
goede bestuursorgaan.
- Pro forma bezwaarschrift = bezwaarde geeft alleen aan dat hij bezwaar maakt en
geeft later pas redenen
 Ontvankelijkheidstoets: Nagaan of het aan de formele eisen is voldaan  kans geven om
dit alsnog te doen. Doet hij dit niet of niet tijdig, dan kan het bezwaar niet-ontvankelijk
worden verklaard.
 Indieningstermijn: binnen 6 weken na de dag waarop besluit bekend is gemaakt 
ontvangsttheorie = datum van ontvangst bestuursorgaan is bepalend en niet datum
van verzending bezwaar
 Ontvangstbevestiging: ontvangst van bezwaarschrift moet worden bevestigd aan de
indiener
 Hoorplicht: tenzij bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is, kennelijk ongegrond (gronden zijn
niet aangevuld), als belanghebbende niet gehoord wil worden of als beslissing na
heroverweging volledig aan bezwaar tegemoetkomt  tot 10 dagen mogen extra
gegevens/bewijsstukken worden verstuurd naar bestuursorgaan
 Hoorzitting: door bestuursorgaan of bezwaarcommissie  wordt verslag van gemaakt
 Advies: bezwaarcommissie geeft schriftelijk advies over rechtmatig- en doelmatigheid
van besluit

Beslissing op bezwaar
 Binnen 6 weken na ontvangst van bezwaar of binnen 12 weken als er bezwaarcommissie
is ingeschakeld  bij niet (tijdig) besluit verbeurt bestuursorgaan dwangsom aan
aanvrager  niet tijdig nemen van beslissing wordt aangemerkt als besluit  kan beroep
instellen tegen de fictieve weigering
 Contrair gaan = afwijken van advies van bezwaarcommissie  wel motiveren
 3 beslissingen mogelijk:
- Niet-ontvankelijk  bezwaarde is bijvoorbeeld geen belanghebbende

Table of contents

  1. 01 sociaal zekerheidsrecht 1
    1. Begin van sociale zekerheid 1
    2. Werknemersverzekeringen (WW, WAO, WIA en ZW) 1
    3. Volksverzekering (AOW, Wlz, Anw, Zvw) 1
    4. Sociale voorzieningen (participatiewet, AKW, Wet IOAW, IOW, TW, Wajong, Wmo, zorgtoeslag en Wet kgb) 2
    5. Fraude handhaven sociaal stelsel 2
    6. Bezwaar (appellabel = besluit waar je beroep op mag doen) 3
    7. Bestuursprocesrecht 4
    8. Speciale procedures 5
    9. Hoger beroep 5
    10. Werkloosheidswet 5
    11. Voorwaarden recht op WW 5
    12. Duur en uitkering 6
    13. Hoogte uitkering 6
    14. Zelfstandig arbeid bij WW (zzp’er) 6
    15. Opleiding/scholing bij WW 7
    16. Vrijwilligerswerk bij WW 7
    17. Geldend maken van recht op WW 7
    18. Werkloos zijn en blijven voorkomen 8
    19. Maatregelen (= belastend besluit) 8
    20. Boete 8
    21. Aanvraag en betaling van WW-uitkering 9
    22. Arbeidsongeschiktheid binnen 104 weken 9
    23. Ziektewet 10
    24. Wie vallen onder vangnet ZW? 10
    25. Hoogte en duur ZW-uitkering 11
    26. ZW-arbeidsongeschiktheidsbegrip 11
    27. Sancties bij ZW-uitkering 12
    28. Arbeidsongeschiktheid na 104 weken 12
    29. Verzekeringsarts 12
    30. Arbeidsdeskundige 13
    31. IVA-uitkering (80%-100% en duurzaam) 13
    32. WGA-uitkering (35%100% en NIET duurzaam) 13
    33. Aanvraag uitkering 14
    34. Toeslagenwet 14
    35. Bijstand 14
    36. Leefvormen bijstand 15
    37. Algemene bijstand 16
    38. Bijzondere bijstand 16
    39. Verplichtingen 16
    40. Maatregelen en boetes 17
    41. Maatregelen 17
    42. Als persoon arbeidsverplichtingen, medewerkingsplicht en tegenprestatie niet nakomt of tekortschietend besef van verantwoordelijkheid betoont voor de voorziening in het bestaan, verlaagt gemeente de bijstand (tenminste een maand met 100% vermindering  bij recidive 3 maanden). 17
    43. Terugvorderen en verhaal 18
  2. 02 Ethiek in kort bestek 19
    1. Moraliteit 19
    2. Normen, waarden en houding 19
    3. Moraliteit en recht 19
    4. Ethiek 19
    5. Plichtethiek (Kant) 19
    6. Gevolgenethiek / utilisme (Benthem) 20
    7. Deugdethiek (Aristoteles) 20
    8. Persoonlijke integriteit 21
    9. Professionele integriteit 21
    10. Rechtvaardigheid in de samenleving 22
    11. Distributieve rechtvaardigheid 22
    12. Vergeldende / retributieve rechtvaardigheid 22
    13. Procedurele rechtvaardigheid 23

Connected book
 image
Publisher: Unknown ISBN: 9789462907683 Edition: 8

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
September 17, 2026
Number of pages
23
Written in
2025/2026
Type
Summary
$8.04

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
14
Followers
10
Items
25
Last sold
5 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions