Week 1:
Verdachte:
Art. 27 lid 1 Sv
- Een (rechts)persoon
- Ten aanzien van wie, uit feiten en omstandigheden en redelijk vermoeden van schuld
- Aan een strafbaar feit, voortvloeit
- Arrest Hollende man van kleur; ‘er is geen sprake van feiten en omstandigheden waaruit een
redelijk vermoeden van schuld moest blijken’
- Arrest Stormsteeg: de hoge raad oordeelde dat er onder deze omstandigheden wel sprake
was van ernstige bezwaren en dat de verdachte rechtmatig is gefouilleerd
Opportuniteitsbeginsel (beschrijft wat het OM mag doen)
- Art. 167 lid 2 Sv
- Het OM mag besluiten om van vervolging af te zien, op gronden aan het algemeen belang
ontleend. Als het beter is voor het algemeen belang kan het OM besluiten om niet te
vervolgen.
Vervolgingsmonopolie (beschrijft dat alleen het OM deze keuze kan maken)
- Art. 124 Wet RO
- Het OM is belast met de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en andere bij de wet
vastgestelde taken. Het OM mag (als enige) of ze overgaan tot vervolging of niet.
Rechtelijk beslissingsschema
Vier formele vragen (art. 348 Sv)
- Dagvaarding geldig?
- Rechter bevoegd?
- OvJ ontvankelijk?
- Reden tot schorsing va de vervolging?
Vier materiele vragen (art. 350 Sv)
- Tll feit bewezen?
- Bewezenverklaarde strafbaar?
- Verdachte strafbaar?
- Welke straf en/of maatregel moet worden opgelegd?
Schulduitsluitingsgronden
Nemen verwijtbaarheid van de dader weg
- Noodweerexces
- Psychische overmacht
- Onbevoegd ambtelijk bevel
- Ontoerekeningsvatbaarheid
- Afwezigheid van schuld (AVAS)
- Ongeschreven (arrest melk en water)
Rechtvaardigingsgronden
Nemen wederrechtelijkheid weg van de daad (dus iedereen in deze situatie zou zo handelen)
- Noodweer
- Overmacht noodtoestand
- Bevoegd ambtelijk bevel
- Wettelijk voorschrift
- Ontbreken van materiele wederrechtelijkheid
, - Ongeschreven (arrest veearts)
Inleiding sanctierecht
1. Straffen en maatregelen die door de rechter worden opgelegd’
- Een straf (geldboete, taakstraf, gevangenisstraf) is gericht op bewust leedtoevoeging om het
aangerichte kwaad te vergelden, en om herhaling te voorkomen door afschrikking.
- Een maatregel (tbs) is gericht op de beveiliging van de samenleving of herstel van de
rechtmatige toestand, ook als er geen sprake is van schuld
2. De overige strafrechtelijke sancties
- Sancties die het strafproces beëindigen bv. Transacties/strafbeschikking
- Sancties die het strafproces begeleidingen bv. Dwangmiddelen
Algemene uitgangspunten:
- Ultimum remedium (laatste redmiddel)
- Strafdoelen
o Herstel van rechtsorde (vergelding en herstel ontstane leed, conflictoplossing)
o Generale (ten aanzien van de gehele samenleving) en speciale preventie (ten aanzien
van de specifieke dader)
o Normbevestiging
o Boetedoening
o Verhogen van de veiligheid van de samenleving (afschrikking, onschadelijkmaking,
resocialisatie)
Legaliteit:
Art. 16 Grondwet, art. 1 Sr
- Geen straf zonder voorafgaande, wettelijke strafbepaling
Voorwaardelijke veroordeling:
- Tenuitvoerlegging van de straf wordt opgeschort (deels of geheel)
- Voorwaarden
o Algemene voorwaarden (art. 14c lid 1 Sr)
o Bijzondere voorwaarden (art. 14c lid 2 Sr
- Proeftijd ex. Art. 14b Sr
- Art. 9 lid 2,3 en 4 Sr: hoofdstraffen en bijkomende straffen
o Taakstraf i.p.v. vrijheidsstraf of geldboete (behoudens in de wet bepaalde gevallen,
zie art. 22b Sr (lid 2)
o Tevens een geldboete (lid 3)
o Tevens een taakstraf (lid 4)
Maatregelen:
- Vrijheidsbenemende maatregelen
o Ter beschikking stelling (tbs), art. 37a Sr
o Inrichting voor Stelselmatige Daders (ISD), art. 38m Sr
- Vrijheidsbeperkende maatregel (bijv. gebiedsverbod, contactverbod, meldplicht)
- Gedragbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel (GVM)
- Vermogensmaatregelen
o Onttrekking aan het verkeer, art. 36b Sr
o Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel, art. 36 e Sr
o Schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr
,Slachtofferrechten:
Welke slachtofferrechten waren er al?
- Recht op correcte bejegening (art. 51aa Sv)
- Recht op informatie (art. 51ab, 51ac en 51b Sv)
- Recht op bijstand (art. 51c Sv)
- Spreekrecht (art. 51e Sv)
- Schadevergoeding (art. 51f SV)
- Schadevergoedingsmaatregel (art. 36f Sr)
Wat is er veranderd?
- Verschijningsplicht voor verdachten van ernstige gewelds- of zedenmisdrijven
- Uitbreiding kring spreekgerechtigden (stief familie ook spreekrecht)
- Spreekmoment op vast moment in strafproces
o Voor requisitoir van de OvJ
- Uitbereiding voorschotregeling
o Ook in het geval van overtredingen
Week 2: Rechterlijke straftoemeting en straffen
Rechterlijke straftoemeting:
Algemeen
- Straftoemeting = vrijheid van de rechter
Oriëntatiepunten voor de straftoemeting (LOVS)
ECLI:NL:RBOVE:2020:887 (betreft een voorbeeld van een uitspraak waarin naar de oriëntatiepunten
wordt verwezen en aldus geen verplicht voorgeschreven uitspraak)
Strafvorderingsrichtlijnen OM (niet bindend)
Motivering (algemeen)
Art. 121 Grondwet = ‘…. En houden de vonnissen de gronden in waarop zij rusten’
- Rechtvaardiging strafoplegging
- Afleggen verantwoording samenleving
- Inlichting procespartijen
- Rechtelijke controle
- (Interne verantwoording (betere straftoemeting))
Motvering in de wet = art. 359 SV
Motivering (art. 359 SV)
- Op straffe van nietigheid – lid 8
- Algemene regels (bewezenverklaring):
o Verweren van verdachte – lid 2
o Uitdrukkelijk onderbouwde standpunten/verweren – lid 2
o Ontkennende/bekennende verdachte en motivering – lid 3
- Maar ook (strafmotivering):
o Toepassing 9a Sr of 44a Sr – lid
, Motivering (rechtspraak)
Gold Flake-arrest (HR 25 februari 1947, 161): 20 sig. F 0,40 per stuk – werkelijke prijs was lager, straf
= f 50.000, - boete, sluiting zaak en 6 maanden stillegging bedrijfsmiddelen, verbod 3 jaar caféhouder
en publicatie vonnis
- Rb: ‘dat de straf in overeenstemming is met den ernst van het gepleegde misdrijf’
- HR: ‘uit den ernst van het bewezenverklaarde (…) de strafoplegging niet kan volgen en deze
redengeving dan ook die straf iet kan hebben bepaald’
Later, HR 13 februari 1951, NJ 1951, 476 = verbazingscriterium
- ‘De vraag is of de motivering een bevreemding wekt die nader verklaring zal behoeven;
- Zie ook conclusie ECLI:NL:PHR:2014:634 (onder punt 6) (is een conclusie op
ECLI:NL:HR:2014:1573
o “pas als de strafoplegging op zichzelf of in het licht van het verbazingscriterium
onbegrijpelijk is, of als de opgelegde straf dermate afwijkt van de door het OM
gevorderde straf dat de strafoplegging zonder opgave van de redenen die tot die
afwijking hebben geleid onbegrijpelijk zou zijn, bestaat voor de Hoge Raad tot
ingrijpen”
Ad Informandum-zaken
- HR 25 september 1984, NJ 1985, 317: ‘het door de verdachte begaan zijn van een niet
tenlastegelegd feit mag als bijzondere reden ter bepaling van de straf in aanmerking worden
genomen, wanneer op grond van verdachtes erkenning ter terechtzitting te dien aanzien
aannemelijk is geworden dat hij het feit heeft begaan, en wanneer ervan mag worden
uitgegaan dat ter zake van het feit tegen de verdachte geen vervolging meer zal worden
ingesteld’.
Sanctievormen: Straffen
- Rechtsgrond straf: verwijtbaarheid
- Straf is gericht op bewuste leedtoevoeging ….
Hoofdstraffen staan in art. 9 lid 1 Sr:
Gevangenisstraf, hechtenis, taakstraf en geldboete
Voorwaardelijke veroordeling/taakstraf/ geldboete i.p.v../naast gevangenisstraf)
- Tenuitvoerlegging van de straf wordt opgeschort (deels) voorwaardelijke straf)
- Voorwaarden
o Algemene voorwaarden (art. 14c lid 1 Sr)
o Bijzondere voorwaarden (art. 14c lid 2 Sr)
- Proeftijd ex art. 14b Sr
- Art 9, lid 2,3 en 4 Sr
- Taakstraf i.p.v. vrijheidsstraf of geldboete (behoudens in de wet bepaalde gevallen, zie art.
22b Sr (lid 2)
- Tevens een geldboete (lid 3)
- Tevens een taakstraf (lid 4)
Gevangenisstraf (hoofdstraf)
- Art. 10 Sr
- De vrijheidsbenemende hoofdstraf voor misdrijven
- Tijdelijk (minimaal 1 dag en maximaal 25 jaren ex. Art. 10 lid 2 Sr)
o Maar: max. 30 jaren indien lid 3 van toepassing is
Verdachte:
Art. 27 lid 1 Sv
- Een (rechts)persoon
- Ten aanzien van wie, uit feiten en omstandigheden en redelijk vermoeden van schuld
- Aan een strafbaar feit, voortvloeit
- Arrest Hollende man van kleur; ‘er is geen sprake van feiten en omstandigheden waaruit een
redelijk vermoeden van schuld moest blijken’
- Arrest Stormsteeg: de hoge raad oordeelde dat er onder deze omstandigheden wel sprake
was van ernstige bezwaren en dat de verdachte rechtmatig is gefouilleerd
Opportuniteitsbeginsel (beschrijft wat het OM mag doen)
- Art. 167 lid 2 Sv
- Het OM mag besluiten om van vervolging af te zien, op gronden aan het algemeen belang
ontleend. Als het beter is voor het algemeen belang kan het OM besluiten om niet te
vervolgen.
Vervolgingsmonopolie (beschrijft dat alleen het OM deze keuze kan maken)
- Art. 124 Wet RO
- Het OM is belast met de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en andere bij de wet
vastgestelde taken. Het OM mag (als enige) of ze overgaan tot vervolging of niet.
Rechtelijk beslissingsschema
Vier formele vragen (art. 348 Sv)
- Dagvaarding geldig?
- Rechter bevoegd?
- OvJ ontvankelijk?
- Reden tot schorsing va de vervolging?
Vier materiele vragen (art. 350 Sv)
- Tll feit bewezen?
- Bewezenverklaarde strafbaar?
- Verdachte strafbaar?
- Welke straf en/of maatregel moet worden opgelegd?
Schulduitsluitingsgronden
Nemen verwijtbaarheid van de dader weg
- Noodweerexces
- Psychische overmacht
- Onbevoegd ambtelijk bevel
- Ontoerekeningsvatbaarheid
- Afwezigheid van schuld (AVAS)
- Ongeschreven (arrest melk en water)
Rechtvaardigingsgronden
Nemen wederrechtelijkheid weg van de daad (dus iedereen in deze situatie zou zo handelen)
- Noodweer
- Overmacht noodtoestand
- Bevoegd ambtelijk bevel
- Wettelijk voorschrift
- Ontbreken van materiele wederrechtelijkheid
, - Ongeschreven (arrest veearts)
Inleiding sanctierecht
1. Straffen en maatregelen die door de rechter worden opgelegd’
- Een straf (geldboete, taakstraf, gevangenisstraf) is gericht op bewust leedtoevoeging om het
aangerichte kwaad te vergelden, en om herhaling te voorkomen door afschrikking.
- Een maatregel (tbs) is gericht op de beveiliging van de samenleving of herstel van de
rechtmatige toestand, ook als er geen sprake is van schuld
2. De overige strafrechtelijke sancties
- Sancties die het strafproces beëindigen bv. Transacties/strafbeschikking
- Sancties die het strafproces begeleidingen bv. Dwangmiddelen
Algemene uitgangspunten:
- Ultimum remedium (laatste redmiddel)
- Strafdoelen
o Herstel van rechtsorde (vergelding en herstel ontstane leed, conflictoplossing)
o Generale (ten aanzien van de gehele samenleving) en speciale preventie (ten aanzien
van de specifieke dader)
o Normbevestiging
o Boetedoening
o Verhogen van de veiligheid van de samenleving (afschrikking, onschadelijkmaking,
resocialisatie)
Legaliteit:
Art. 16 Grondwet, art. 1 Sr
- Geen straf zonder voorafgaande, wettelijke strafbepaling
Voorwaardelijke veroordeling:
- Tenuitvoerlegging van de straf wordt opgeschort (deels of geheel)
- Voorwaarden
o Algemene voorwaarden (art. 14c lid 1 Sr)
o Bijzondere voorwaarden (art. 14c lid 2 Sr
- Proeftijd ex. Art. 14b Sr
- Art. 9 lid 2,3 en 4 Sr: hoofdstraffen en bijkomende straffen
o Taakstraf i.p.v. vrijheidsstraf of geldboete (behoudens in de wet bepaalde gevallen,
zie art. 22b Sr (lid 2)
o Tevens een geldboete (lid 3)
o Tevens een taakstraf (lid 4)
Maatregelen:
- Vrijheidsbenemende maatregelen
o Ter beschikking stelling (tbs), art. 37a Sr
o Inrichting voor Stelselmatige Daders (ISD), art. 38m Sr
- Vrijheidsbeperkende maatregel (bijv. gebiedsverbod, contactverbod, meldplicht)
- Gedragbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel (GVM)
- Vermogensmaatregelen
o Onttrekking aan het verkeer, art. 36b Sr
o Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel, art. 36 e Sr
o Schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr
,Slachtofferrechten:
Welke slachtofferrechten waren er al?
- Recht op correcte bejegening (art. 51aa Sv)
- Recht op informatie (art. 51ab, 51ac en 51b Sv)
- Recht op bijstand (art. 51c Sv)
- Spreekrecht (art. 51e Sv)
- Schadevergoeding (art. 51f SV)
- Schadevergoedingsmaatregel (art. 36f Sr)
Wat is er veranderd?
- Verschijningsplicht voor verdachten van ernstige gewelds- of zedenmisdrijven
- Uitbreiding kring spreekgerechtigden (stief familie ook spreekrecht)
- Spreekmoment op vast moment in strafproces
o Voor requisitoir van de OvJ
- Uitbereiding voorschotregeling
o Ook in het geval van overtredingen
Week 2: Rechterlijke straftoemeting en straffen
Rechterlijke straftoemeting:
Algemeen
- Straftoemeting = vrijheid van de rechter
Oriëntatiepunten voor de straftoemeting (LOVS)
ECLI:NL:RBOVE:2020:887 (betreft een voorbeeld van een uitspraak waarin naar de oriëntatiepunten
wordt verwezen en aldus geen verplicht voorgeschreven uitspraak)
Strafvorderingsrichtlijnen OM (niet bindend)
Motivering (algemeen)
Art. 121 Grondwet = ‘…. En houden de vonnissen de gronden in waarop zij rusten’
- Rechtvaardiging strafoplegging
- Afleggen verantwoording samenleving
- Inlichting procespartijen
- Rechtelijke controle
- (Interne verantwoording (betere straftoemeting))
Motvering in de wet = art. 359 SV
Motivering (art. 359 SV)
- Op straffe van nietigheid – lid 8
- Algemene regels (bewezenverklaring):
o Verweren van verdachte – lid 2
o Uitdrukkelijk onderbouwde standpunten/verweren – lid 2
o Ontkennende/bekennende verdachte en motivering – lid 3
- Maar ook (strafmotivering):
o Toepassing 9a Sr of 44a Sr – lid
, Motivering (rechtspraak)
Gold Flake-arrest (HR 25 februari 1947, 161): 20 sig. F 0,40 per stuk – werkelijke prijs was lager, straf
= f 50.000, - boete, sluiting zaak en 6 maanden stillegging bedrijfsmiddelen, verbod 3 jaar caféhouder
en publicatie vonnis
- Rb: ‘dat de straf in overeenstemming is met den ernst van het gepleegde misdrijf’
- HR: ‘uit den ernst van het bewezenverklaarde (…) de strafoplegging niet kan volgen en deze
redengeving dan ook die straf iet kan hebben bepaald’
Later, HR 13 februari 1951, NJ 1951, 476 = verbazingscriterium
- ‘De vraag is of de motivering een bevreemding wekt die nader verklaring zal behoeven;
- Zie ook conclusie ECLI:NL:PHR:2014:634 (onder punt 6) (is een conclusie op
ECLI:NL:HR:2014:1573
o “pas als de strafoplegging op zichzelf of in het licht van het verbazingscriterium
onbegrijpelijk is, of als de opgelegde straf dermate afwijkt van de door het OM
gevorderde straf dat de strafoplegging zonder opgave van de redenen die tot die
afwijking hebben geleid onbegrijpelijk zou zijn, bestaat voor de Hoge Raad tot
ingrijpen”
Ad Informandum-zaken
- HR 25 september 1984, NJ 1985, 317: ‘het door de verdachte begaan zijn van een niet
tenlastegelegd feit mag als bijzondere reden ter bepaling van de straf in aanmerking worden
genomen, wanneer op grond van verdachtes erkenning ter terechtzitting te dien aanzien
aannemelijk is geworden dat hij het feit heeft begaan, en wanneer ervan mag worden
uitgegaan dat ter zake van het feit tegen de verdachte geen vervolging meer zal worden
ingesteld’.
Sanctievormen: Straffen
- Rechtsgrond straf: verwijtbaarheid
- Straf is gericht op bewuste leedtoevoeging ….
Hoofdstraffen staan in art. 9 lid 1 Sr:
Gevangenisstraf, hechtenis, taakstraf en geldboete
Voorwaardelijke veroordeling/taakstraf/ geldboete i.p.v../naast gevangenisstraf)
- Tenuitvoerlegging van de straf wordt opgeschort (deels) voorwaardelijke straf)
- Voorwaarden
o Algemene voorwaarden (art. 14c lid 1 Sr)
o Bijzondere voorwaarden (art. 14c lid 2 Sr)
- Proeftijd ex art. 14b Sr
- Art 9, lid 2,3 en 4 Sr
- Taakstraf i.p.v. vrijheidsstraf of geldboete (behoudens in de wet bepaalde gevallen, zie art.
22b Sr (lid 2)
- Tevens een geldboete (lid 3)
- Tevens een taakstraf (lid 4)
Gevangenisstraf (hoofdstraf)
- Art. 10 Sr
- De vrijheidsbenemende hoofdstraf voor misdrijven
- Tijdelijk (minimaal 1 dag en maximaal 25 jaren ex. Art. 10 lid 2 Sr)
o Maar: max. 30 jaren indien lid 3 van toepassing is