Methoden van Kwalitatief Onderzoek
College 1
Kwalitatief onderzoek legt de nadruk op woorden en heeft drie verschillende
assumpties die er eigenlijk voor zorgen dat je woorden nodig hebt:
1. Inductieve benadering
- Kwalitatief onderzoek toetst (vaak) geen theorieën, maar genereert ze. Op
basis van gegevens/bevindingen wordt een theorie gebouwd.
- Kwantitatief onderzoek werkt vaak deductief: op basis van een theorie
worden gegevens gezocht en hypothesen getoetst.
2. Constructivistische visie
- Visie gericht op het idee dat wij met elkaar een sociale werkelijkheid
creëren.
- Ontologie: Tak van filosofie die zich bezighoudt met de vraag: Hoe
beschouwen wij de werkelijkheid?
3. Interpretatieve visie
- Visie gericht op kennis op basis van interpretaties van ‘actoren’.
Onderzoekers willen kijken door de ogen van een ander en hoe diegene de
werkelijkheid ziet & dingen interpreteert.
- Positivisme: stroming die stelt dat alleen kennis verkregen via
zintuigelijke waarneming/wetenschappelijke methoden betrouwbaar is. Dit
past bij kwantitatief onderzoek en is de tegenhanger van het
interpretativisme.
Een voorbeeld van hoe dit wordt toegepast in de praktijk is het onderzoek
‘Blackfoot’ van Lea Zuyderhoudt. Zij heeft onderzoek gedaan naar de Power of
storytelling binnen een gemeenschap in Noord-Amerika/Zuid Canada met hele
andere gebruiken. Binnen deze cultuur bleek storytelling erg belangrijk en werd
er veel gebruikgemaakt van gebarentaal. Alleen kwantitatief onderzoek had in
deze situatie veel informatie misgelopen, omdat je echt met de mensen in
gesprek moet en de gebarentaal een beetje moet kennen.
Kwalitatieve onderzoekers gaan anders te werk dan kwantitatieve onderzoekers:
- Ten eerste geloven ze (vaak) niet in 1 werkelijkheid en 1 waarheid.
- Ze kijken vaak door de ogen van de onderzochten (emic perspectief).
- Ze moeten ze erg flexibel zijn en werken ze vaak zonder vast
schema/vragenlijst. In hun ogen, ‘besmetten’ ze dan de participanten.
- De setting moet ook zo natuurlijk mogelijk zijn (niet meenemen naar lab
en daar interviewen). De nadruk ligt vaak juist op de context en de
beschrijving hiervan.
- Nadruk ligt ook vaak op processen in de loop van de tijd en niet op 1
momentopname.
Kwalitatieve onderzoekers gebruiken diverse onderzoeksmethoden, deze komen
de volgende colleges aan bod.
Ook het gebruik van concepten en het onderzoeksproces is voor kwantitatief
onderzoek erg anders. In kwantitatief onderzoek is operationaliseren erg
gebruikelijk: het heel goed definiëren van hoe je dingen doet en welke specifieke
concepten je gebruikt. Kwalitatieve onderzoekers doen dit niet en gebruiken juist
College 1
Kwalitatief onderzoek legt de nadruk op woorden en heeft drie verschillende
assumpties die er eigenlijk voor zorgen dat je woorden nodig hebt:
1. Inductieve benadering
- Kwalitatief onderzoek toetst (vaak) geen theorieën, maar genereert ze. Op
basis van gegevens/bevindingen wordt een theorie gebouwd.
- Kwantitatief onderzoek werkt vaak deductief: op basis van een theorie
worden gegevens gezocht en hypothesen getoetst.
2. Constructivistische visie
- Visie gericht op het idee dat wij met elkaar een sociale werkelijkheid
creëren.
- Ontologie: Tak van filosofie die zich bezighoudt met de vraag: Hoe
beschouwen wij de werkelijkheid?
3. Interpretatieve visie
- Visie gericht op kennis op basis van interpretaties van ‘actoren’.
Onderzoekers willen kijken door de ogen van een ander en hoe diegene de
werkelijkheid ziet & dingen interpreteert.
- Positivisme: stroming die stelt dat alleen kennis verkregen via
zintuigelijke waarneming/wetenschappelijke methoden betrouwbaar is. Dit
past bij kwantitatief onderzoek en is de tegenhanger van het
interpretativisme.
Een voorbeeld van hoe dit wordt toegepast in de praktijk is het onderzoek
‘Blackfoot’ van Lea Zuyderhoudt. Zij heeft onderzoek gedaan naar de Power of
storytelling binnen een gemeenschap in Noord-Amerika/Zuid Canada met hele
andere gebruiken. Binnen deze cultuur bleek storytelling erg belangrijk en werd
er veel gebruikgemaakt van gebarentaal. Alleen kwantitatief onderzoek had in
deze situatie veel informatie misgelopen, omdat je echt met de mensen in
gesprek moet en de gebarentaal een beetje moet kennen.
Kwalitatieve onderzoekers gaan anders te werk dan kwantitatieve onderzoekers:
- Ten eerste geloven ze (vaak) niet in 1 werkelijkheid en 1 waarheid.
- Ze kijken vaak door de ogen van de onderzochten (emic perspectief).
- Ze moeten ze erg flexibel zijn en werken ze vaak zonder vast
schema/vragenlijst. In hun ogen, ‘besmetten’ ze dan de participanten.
- De setting moet ook zo natuurlijk mogelijk zijn (niet meenemen naar lab
en daar interviewen). De nadruk ligt vaak juist op de context en de
beschrijving hiervan.
- Nadruk ligt ook vaak op processen in de loop van de tijd en niet op 1
momentopname.
Kwalitatieve onderzoekers gebruiken diverse onderzoeksmethoden, deze komen
de volgende colleges aan bod.
Ook het gebruik van concepten en het onderzoeksproces is voor kwantitatief
onderzoek erg anders. In kwantitatief onderzoek is operationaliseren erg
gebruikelijk: het heel goed definiëren van hoe je dingen doet en welke specifieke
concepten je gebruikt. Kwalitatieve onderzoekers doen dit niet en gebruiken juist