in the Netherlands, Hengeveld & Balkom.
Chapter 12.1; Somatic Symptom and Related Disorders
Syndromen
Somatic Symptom Disorder Conversion Disorder
Illness anxiety disorder Psychological factors affecting other medical
conditions
● Somatic Symptom disorder
Betreft zowel onverklaarde of functionele somatische syndromen zoals fybromyalgia, CFS, IBD
etc. Het kenmerk is dat de fysieke symptomen worden bijgewoond door abnormale gedachten,
gevoelens en gedrag. Criteria volgens de DSM-5 zijn;
A. Één of meer somatische klachten die leiden tot een significante verstoring van het
dagelijks leven.
B. Overmatige gevoelens, gedachten en gedrag dat gerelateerd is aan deze symptomen.
- Persistente gedachten over de ernst van de symptomen
- Persistente angst over gezondheid en symptomen
- Overmatig veel tijd en energie die aan deze symptomen wordt besteed
Naast angstklachten kunnen ze ook leiden tot passief of actief vermijdingsgedrag.
● Illness anxiety disorder
Het belangrijkste kenmerk van deze stoornis is de preoccupatie met het hebben of krijgen van
een ernstige ziekte. Hierbij zien we extreme zorgen over persoonlijke gezondheid en ziekte. Er
is vermijdingsgedrag, anxiety, zorgen en frequente doktersbezoeken. Criteria volgens de DSM-
5
A. Preoccupatie over het hebben van/krijgen van een ernstige ziekte
B. Somatische symptomen zijn niet of mild aanwezig.
C. Een hoog level van angst over de gezondheid.
D. Er is overmatig gezondheids-gerelateerd gedrag
● Conversion disorder
Er zijn functionele veranderingen in de vrijwillige sensorische of motorische functie. Hierdoor
wordt het ook wel “functional neurological symptom disorder genoemd”. Voorbeelden hiervan
zijn onverklaarbare zwakte of paralyse van een ledemaat, onvermogen te staan of lopen etc.
Sensorische pseudoneurologisch verlies zien we ook, denk hierbij aan plots verlies van gehoor
of zicht. Criteria volgens de DSM-5 zijn met name;
A. Één of meer symptomen van veranderde vrijwillige motorische/sensorische functie
B. Klinische bevindingen geven bewijs van incompatibiliteit tussen symptomen en
herkende neurologische/medische condities.
, Development, Course and Impact
Het is een heterogene categorie van aandoeningen die een variërend verloop hebben gezien de
ernst en de factoren. Milde gevallen duren vaak kort en komen door stressoren. Hevige
casussen kunnen juist chronisch en fluctuerend zijn. Illness anxiety disorders kunnen ook een
mild, chronisch of episodisch verloop hebben.
Diagnose
Dit berust niet op het uitsluiten van aandoeningen maar het aantonen van disfunctionele
gedachten, gevoelens en gedrag, evt geassocieerd met gezondheidsvragen. Exploratie van
fysieke en psychologische factoren en de interactie ertussen is een vereiste. Er dient gekeken
te worden naar comorbide depressie en anxiety, evenals persoonlijkheidsstoornissen.
DD
Er dient natuurlijk uitsluiting van andere oorzaken te zijn.
Epidemiologie
Het is een compleet nieuwe categorie, waardoor er weinig epidemiologisch onderzoek naar
verricht is. De prevalentie van somatic symptom disorder in de algemene populatie wordt
geschat op zo’n 6%, waarbij vrouwen vaker zijn aangedaan dan mannen. Aan de hand van
hypochondria wordt de prevalentie van illness anxiety disorder geschat rond de 5% bij de
huisarts. Echter zal dit waarschijnlijk hoger liggen gezien patiënten zorg kunnen vermijden.
Etiopathogenese
Er is hier complexe interactie tussen neurobiologische, psychosociale en sociale factoren. Het
stress-vulnerability model is hier geschikt voor. We maken hierdoor onderscheid in
predisponerende factoren, precipiterende factoren en bestendige factoren. Er zijn verschillende
factoren die een verhoogd risico geven waaronder;
- Traumatische ervaringen in kindertijd, Cluster B en C persoonlijkheidsstoornissen,
beperkte regulatie van emoties en chronische stress etc.
Behandeling
De voorkeursbehandeling is psychotherapie, eventueel in combinatie met psychotropische
medicatie als er comorbide anxiety of depressie is. Pijnstilling kan een uitkomst zijn bij
pijnklachten.
Neurobiologische behandeling
Antidepressiva schijnen hiervoor effectief te zijn. Bij klassieke hypochondria zijn er goede
resultaten bij het gebruik van TCA’s (imipramine, clomipramine) en SSRI’s (paroxetine,
fluoxetine). Antidepressiva zijn ook effectief voor chronische pijn en fibromyalgie (amitriptyline).
Psychologische behandeling
In het geval van somatische symptoom disorder is het toepassen van CGT erg zinvol. Problem-
solving-therapy (PST) kan men betere strategieën geven om hun symptomen aan te pakken. Bij
interpersoonlijke problemen kan er IPT worden toegepast.
MBT is gebaseerd op het idee dat het het vermogen van mensen verbeterd om beter met
stressoren en de perceptie van hun fysieke symptomen om te kunnen gaan.
Samenvatting
● Bij somatische symptomen en gerelateerde aandoeningen zijn fysieke symptomen de
voornaamste klacht die patiënten presenteren. Deze fysieke symptomen kunnen ofwel