Naam: Irma van der Heijden-Smeulders
Studentnummer: 502516
Groep: Palliatieve zorg Maart 2018
Leerperiode: 2
Datum: 15-12-2018
Instelling: Zorggroep Elde
Werkbegeleiders: Jorien Bosker / Mariska Langenhuizen
1
,Inleiding:
Waarom heb ik voor deze casus gekozen?
Ik heb voor deze casus gekozen omdat deze persoonlijk heel dicht bij mij in de buurt komt.
Het is een casus die niet alleen complex is vanwege het ziektebeeld van dhr. maar ook door zijn
situatie die er rondom heen heeft afgespeeld. Het was een situatie waar je verpleegtechnisch
handelingen moest uitvoeren, maar waar een goede palliatieve begeleiding ook erg van belang was.
Dhr. (57 jr.) was ziek, maar ook zijn partner (59 jr.) was toen ziek. Het is een jong echtpaar met
uitwonende kinderen (begin 30e).
Juist omdat er zoveel verschillende factoren speelde binnen het gezin was de palliatieve begeleiding
van het gezin erg belangrijk.
Deze casus heeft voor mijn opleiding plaats gevonden. Ik kies voor deze casus, omdat deze indruk op
mijn heeft gemaakt en ik voor mezelf graag deze situatie kritisch wil bekijken.
Ik wil deze casus graag nalopen en achterhalen of er goed gehandeld is en wat er eventueel anders
zou kunnen. Ook vind ik dit en goede casus om op mezelf te kunnen reflecteren. Heb ik goed
gehandeld in deze situatie en hoe kan ik in de toekomst in soort gelijke situaties dingen misschien
anders of beter aanpakken na mijn opleiding als palliatief zorg verpleegkundige.
2
,Inhoudsopgave:
Inleiding Blz. 2
Inhoudsopgave Blz. 3
Casuïstiek Blz. 4
Ketenzorg Blz. 5
Fase 1A + B Gezondheidspatroon van Gordon Blz. 6
Fase 2 & 3 Problemen via PES + Resultaat & Interventies Blz. 26
Fase 4 Evaluatie van de zorg Blz. 29
Fase 5 Reflectie via stuurvragen Blz. 31
Literatuurlijst Blz. 36
Bijlage Blz. 37
3
, Casuïstiekbeschrijving: Dhr. S is 57 jr. en komt uit een gezin van 2 kinderen. Dhr. is getrouwd en
heeft 2 dochters en 1 kleinzoon. Beide dochters werken in de zorg en 1 dochter woont tegenover dhr.
en de andere woont iets verder uit de buurt. Dhr. is katholiek opgevoed, maar niet meer praktiserend.
Dhr. is werkzaam in de bouw en werkt daar al vanaf zijn 16 jr. In het verleden heeft dhr. met een
medisch vrijwillig onderzoek meegedaan. Dhr. kon hieraan meedoen, omdat hij in het verleden met
zoutzuur producten heeft gewerkt. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat dhr. een longaandoening
had, longemfyseem. Na enkele jaren is dhr. deels afgekeurd i.v.m. verschillende lichamelijke klachten,
schouderklachten, benauwdheidsklachten. Dhr. is wel altijd blijven werken in de bouw. Dhr. gebruikt
voor de schouderklachten een TENS apparaat.
Opname indicatie: Dhr. komt met benauwdheidsklachten die acuut toenemen op de SEH. Dhr. heeft
een stekende pijn op de borst. Dhr. blijkt een pneumothorax te hebben aan de re-long.
Gezondheidstoestand: Dhr. heeft een pneumothorax. Er blijkt ook veel vocht bij de longen te zitten.
Dhr. krijgt een thoraxdrainage in zijn re-long. Dhr. krijgt O2 i.v.m. benauwdheidsklachten. Tijdens
onderzoeken blijkt dat dhr. een grote hematoom op zijn rug heeft zitten. Dhr. wordt opgenomen en er
worden verder onderzoeken gedaan. Er wordt bij dhr. een pleurodese (plakken van de pleurabladen)
uitgevoerd, maar deze is helaas niet gelukt. Dhr. krijgt uiteindelijk in het ZKH de uitslagen te horen van
zijn onderzoeken en krijgt te horen dat hij SCLC (kleincellig longcarcinoom) heeft en dat hij niet meer
in aanmerking komt voor enige behandeling tot herstel. Dhr. heeft verschillende uitzaaiingen die ook
op het borstvlies zitten.
Voorgeschiedenis:
2017 -> SCLC
2014 -> Plaveiselcelcarcinoom op de borst
2000 -> Longemfyseem
1994 -> OK aan re-schouder
1993 -> Artrose re-schouder
Huidige situatie / Verloop / Ontslag:
Dhr. mag naar huis als de thoraxdrainage eruit is. Dhr. wil graag naar huis, omdat hij uitbehandeld is.
In de avond belt dhr. dat hij met de slang achter de klink van de deur is blijven hangen waardoor de
drain eruit getrokken is! Vermoeden is er dat dhr. zelf de drainage met opzet heeft verwijderd om zo
sneller naar huis te kunnen. Thuiszorg wordt geregeld voor wondzorg/ADL/en begeleiding, O2 en
hulpmiddelen worden geregeld zodat dhr. snel naar huis kan. Dhr. gaat naar huis met de intentie om
daar te overlijden. Dhr. gebruikt fentanyl pleisters en oxynorm voor de pijn en movicolon voor de
stoelgang.
Verloop van zorg:
Thuiszorg start de zorg en ondersteund dhr. bij ADL zorg en wondzorg. De zorg wordt steeds
aangepast op de situatie van dhr. en waar de behoeft ligt. Op langer termijn wordt er ook nachtzorg
ingeschakeld ter ontlasting van de mantelzorg.
Situatie na ontslag:
Als dhr. thuis komt uit het ZKH dan is zijn vrouw net 1 dag uit het ZKH. Zijn vrouw is geopereerd aan
een nier-carcinoom. Mw. kan dus fysiek dhr. niet ondersteunen, omdat ze zelf een buikwond heeft en
nog moet herstellen.
4