• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 4 pages
Class notes

hoe schrijf je een folder met storytelling

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 4 pages

Collegedictaat van 4 pagina's voor het vak writing aan de Fontys

Content preview

Les 7 folder/brochure en storytelling

Verschil tussen folders, brochure flyer
Flyer
 Een papiertje dubbelzijdig bedrukt
Brochure
 Met nietje gelijmd genaaid
 vaak meer als 8 pagina's
Folder
 'to fold' vouwblad
 Tweeluik, drieluik

Doelen
 Product en dienstgericht
 Assortimentgericht
 Organisatiegericht
 Themagericht

Veel voorkomende elementen
 Titel(s) en evt. ondertitel(s)
 Eén of meerdere tekstblokken
 Kop(pen), tussenkoppen en streamers
 Illustraties en/of afbeeldingen inclusief onder-/bijschriften
 Feedbackstimulus: antwoordkaart of andere responsmogelijkheid
 Beeldmerk/logo
 Omslag
 Slagzin/pay-off
 Colofon (met name brochure)

Voorkeursplaatsen
 Veel voorkomende elementen op vaste plaatsen
 Krijgen als eerste de aandacht van de lezer
 Afhankelijk van type folder/brochure


Schrijven
 Doel en doelgroep
 Structuur
 volgorde, opbouw
 Stijl
 doelgroepgericht, helder taalgebruik, woordkeus
 Effect
 herhaling, pay-off, scangedrag
 relatie met beeld
 veel voorkomende elementen
 voorkeursplaatsen

,Samenhang
1. signaalwoorden Signaaltekens
 Van tijd  Inspringen aan het begin van een alinea
 Eerst, vervolgens, toen…  Gebruik van witregels en verschillende
 Van plaats marges
 Hier, daar, waar…  Gebruik van vet of cursief gedrukte letters
 Van tegenstelling  Gebruik van cijfers, letters en
 echter, maar, toch… opsommingen
 Van opsomming
 En, ook, bovendien…
 Van samenvatting
 Dus, concluderend…
 Van argumentatie
 Want, omdat, daarom…

2. Voorkom vaagmakers
 Houd het concreet en exact geen moeilijk woorden.

3. wees explisiet

verspreiden
 Overhandigen
 Versturen op aanvraag
 Verspreiden via centrale punten
 Huis aan huis verspreiden
 Versturen per e-mail
 Op website plaatsen
 Combinatie van (twee of meer van) bovenstaande methoden

, Storytelling
 Storytelling in het algemeen: het vertellen van een verhaal.
 Storytelling in de marketing: het overbrengen van een boodschap aan de hand van een verhaal
waarmee je de lezers intrigeert of vermaakt. (bron: marketingfacts.nl)
 Storytelling begint bij het DNA van de organisatie of het merk; in elk verhaal komen de missie en
doelstellingentot uiting.

Wanneer inzetten
Voor het uitwerken van:
 een concept in ruime zin: het grote, overkoepelende idee over het wezen van een merk of
organisatie = corporate story
 een concept in enge zin: het creatieve themavan een campagne = brand story
 Concreet: jaarverslag, bedrijfsfilm, jubileumboek, webtekst, direct mail, advertentie,
reclamespot, folder, brochure, app, stageverslag of p een placemat

Waarom storytelling
 Je onderscheiden t.o.v. de concurrent.
 Verduidelijken wat jouw organisatie of product voor de klant kanbetekenen.
 Emotie raakt meer dan feiten: sympathie, empathie, ergernis, woede. Daarom wordt een
verhaal beter onthouden dan feiten.
 Je neemt je lezer mee in een beleving. Zo kun je ook een publiekbereiken dat anders niet in jouw
product geïnteresseerd zou zijn.
 Mensen identificeren zich graag met een dienst of product.
 Consumenten vertellen jouw verhaal verder, bijvoorbeeld door liken en delen op Facebook.

Nieuw of oud
 Sinds een jaar of tien in opmars als techniek in de marketing.
 Nu heel populair en veelgebruikt.
 Maar: verhalen vertellen zo oud als de mensheid.

Ingrediënten
 Een held (persoon, dier, bedrijf, merk, voorwerp)
 Een plot (verhaallijn): opeenvolgende gebeurtenissen die met elkaar samenhangen
 Verhaallijn is vaak (maar niet altijd)
 Held wil iets bereiken
 Tegenslag
 Oplossing of overwinning
 en hij/zij leefde nog lang en gelukkig

verschillende soorten
 Transmediale stortelling
 een manier om een verhaal ‘door’ verschillende media heen te vertellen.
 Transmedia = telkens andere delen van het grotere verhaal worden via verschillende media
verteld.
 Alle verhalen samen vormen het grotere geheel= de storyworld.
 Consumenten kunnen ook een rol spelen in de storyworld
 Transmedia: telken een ander verhaal op verschillende media die samen een groot verhaal
maken.
 Multimedia: In meerde media het zelfde verhaal verteld wordt

Document information

Study
Uploaded on
December 17, 2014
Number of pages
4
Written in
2014/2015
Type
Class notes
Professor(s)
Unknown
Contains
All classes
Free
Download

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
stefaniedejongh
4.0
(2)
Sold
39
Followers
12
Items
0
Last sold
2 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions