Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 104 pages
Summary

Samenvatting Ethiek | Bart Raymaekers | KU Leuven | 2025/26 | 16/20

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 104 pages

Samenvatting Ethiek – Bart Raymaekers | KU Leuven | Bachelor 1 Rechten Uitgebreide en overzichtelijke samenvatting van Ethiek van Bart Raymaekers voor 1e bachelor Rechten aan de KU Leuven. De belangrijkste filosofen, begrippen, theorieën en ethische vraagstukken zijn duidelijk en gestructureerd samengevat, zodat je de leerstof efficiënt kunt instuderen en herhalen. Ik heb deze samenvatting zelf gebruikt voor het examen en behaalde hiermee een 16/20. Ideaal als volledige basis voor je examenvoorbereiding of als aanvulling op je eigen notities.

Content preview

SAMENVATTING ETHIEK BART
RAYMAEKERS
HOOFDSTUK 0: INLEIDING

1. EEN EERSTE ORIËNTATIE


1.1. TERMINOLOGISCHE VERDUIDELIJKING
Een etymologische aanloop
 om over het goede voor individu en gemeenschap te spreken gebruikt men substantieven die
teruggaan op een drietal wortels

 Moraal – moreel – moraliteit : Latijnse wortels
 Sommige uitdrukkingen zijn met elkaar verbonden en worden door elkaar gebruikt
 Ethos – ethisch – ethiek : Griekse wortels
 Zeden – zedelijk – zedelijkheid : Germaanse wortels

 adjectieven: min of meer hetzelfde, substantieven: verschillende niveaus van reflectie



Bron: het Grieks

 Ons denken is nog steeds bepaald door wat de Grieken dachten
 2 woorden die dezelfde betekenis lijken te hebben
1. Ethos1: verblijfplaats van dieren (cfr. ethologie), vandaar gewoonte, zede, gebruik; een geheel van
regels en gedragsvormen eigen aan een groep (cfr. Habitude-habiter, moeurs-demeurer)
 datgene wat een groep gemeenschappelijk heeft, de normen en de waarden in die groep,
omgeving waarin we ons goed voelen
 ethiek gaat niet uitsluitend over wat mag en wat niet mag
 sociaal, collectief, cultuur
2. Ethos2: karakter, gezindheid, grondhouding
 innerlijke overtuiging
3. Ethnos:: groep levende wezens, kudde dieren of een groep mensen, volk, natie

 de 3 zijn verwant door verband tussen een sociale groep zijn verblijfplaats en zijn levensgewoontes
wonen- gewoonte, habitude-habituer (in elke taal terug te vinden )

 Zeden, moraal, ethos: neutrale en beschrijvende betekenis
 Zedelijkheid, moraliteit: normatieve, evaluatieve betekenis  verwijzen naar zedelijke normen of
idealen die in het handelen (niet) bereikt worden


Ethiek is een samenstelling van:

1. ethos 1(moraal): een objectief beschrijfbaar systeem van gedragsregulering mbt wat goed of
slecht is, geoorloofd of verboden bij individu of groep
 karakteriseert de groep en je voelt je hier als individu in thuis of net niet
2. ethos 2 (moraliteit): hier wordt de klemtoon gelegd op het kwalitatief niveau of gehalte van
handelen en handelingsbewustzijn
 standpunt van het subject
 bv in hoeverre moet het recht rekening houden met gewetensbezwaar
 ethiek = een sytematisch-kritische reflectie over moraal en moraliteit




1

,Praktische wijsbegeerte vs theoretische wijsbegeerte

 Praktische wijsbegeerte/ethiek: handelt over zedelijke begrippen en gedragingen, over wat goed en
kwaad is
o Weten omwille van het handelen, ze wil onze praxis met de werkelijkheid en of die WH zelf
verbeteren
o Werkelijkheid zoals ze zou moeten zijn, WH onder het aspect van het goede, wat nog niet is,
maar moet zijn
o Sollen - Ought
 Theoretische wijsbegeerte: weten om het weten, ze willen onze kennis vermeerderen zonder zich
om directe bruikbaarheid of toepassing ervan te bekommeren
o De werkelijkheid weer zoals ze is als voorwerp, WH onder aspect van het ware, van wat is
o Sein – Is


VORMEN VAN ETHIEK


1. DESCRIPTIEVE/BESCHRIJVENDE ETHIEK/MORAALWETENSCHAPPEN
= brengt het morele veld in kaart en probeert te beschrijven hoe mensen zich gedragen en
waardoor ze zich laten begeleiden in hun gedrag en proberen dit vaak wetenschappelijk te
verklaren
 zowel historisch als actuele oogpunten
 evalueert in principe de beschreven morele systemen niet
 risico: onbewuste morele aannames gebruiken

Vaak terug te vinden in menswetenschappen
 bv psychologie leert ons iets over de motieven waarom mensen dingen doen

Case: L. Kohlberg (het Heinz-dilemma)
 Hij gebruikte hiervoor morele dilemma’s
 hij kon zoveel mensen bevragen omdat hij gelinkt was aan het Amerikaanse leger
 door een dilemma aan veel personen te stellen kreeg hij een typologie

 Heinz werkt als assistent in een apotheek en hij verneemt dat er een nieuw medicijn is uitgevonden
om een bepaald geval van kanker te genezen. Zijn vrouw is ernstig ziek en zij zou hierdoor
geholpen zijn. Dit medicijn is echter heel duur, waardoor hij dit normaal niet zou kunnen kopen.
Vindt u het geoorloofd is om dit medicijn mee naar huis te nemen voor zijn vrouw of niet

 Op basis van empirisch onderzoek keek hij hoe de morele ontwikkeling van mensen tot stand kwam
en ontdekte dat er 3 verschillende stadia van morele ontwikkeling waren
1. Pre-conventionele niveau: gedrag gericht op vermijden van een straf
I. Regels volgen uit gehoorzaamheid tov autoriteiten
 omdat mama en papa dit zeggen
II. Goed is eigenbelang volgen
2. Conventionele niveau: sociale erkenning door conformiteit
 ik tel mee omdat ik doe wat er van mij gevraagd wordt
I. Goed is de verwachtingen van anderen vervullen en loyaal zijn
II. Goed is de wetten respecteren zijn plichten vervullen
3. Postconventioneel: zich richten op algemene morele principes vanuit het oog voor algemeen
maatschappelijk belang of vanuit inzicht in de geldigheid van algemene morele principes
I. Zich houden aan onderlinge afspraken en vermeerdering van het nut voor zoveel mogelijk
mensen
II. Goed is het volgen van autonoom gekozen, universele rechtvaardigheidsprincipes

 Zijn conclusie: mannen objectief gemeenschappelijk hoogstaander waren dan vrouwen
2

, o Vrouwen kwamen gemiddeld tot stap 4, mannen tot stap 6
o Dit gaat in tegen onze spontane opvattingen
 Zijn onderzoek ligt aan de basis van feministische kritiek
 Hij gebruikt een impliciete opvatting over wat moreel goed is
= het moraal goede bestaat uit het volgen van autonoom gekozen universele principes
 dit kan je obv onderzoek niet zeggen
 Is het niet beter dat mensen zich inzetten voor concrete individuen dan algemene principes



2. NORMATIEVE ETHIEK/MORAALFILOSOFIE
= filosofische reflectie op het morele die op zoek gaat naar de legitimering van de morele normen
 gaat over de vraag: waar komen onze normen vandaan/waar zijn die op gebaseerd
 wil een redelijke verantwoording geven van de normen en fundamenten van een bepaalde moraal,
waarbij redelijk breder is dan het strikt wetenschappelijk-rationele

Algemene en bijzondere ethiek

 Algemene: bestudeert de normatieve en meta-ethische problemen in hun algemeenheid, zonder
specifieke situaties
o Individuele ethiek
 Menselijke handelen, legitimerende normen en funderende beginselen van een individu,
over zijn individueel geluk
 Ethiek van lichamelijkheid, seksuele ethiek, morele verantwoordelijkheid, …
o Sociale ethiek
 Menselijke handelen als een gemeenschapswezen, de mens zoals hij leeft in een wereld
van dingen/anderen/…
 Ethiek van liefde, van de arbeid, …
 Bijzondere/toegepaste: brengt algemene principes in verband met bijzonder situaties



3. META-ETHIEK
= analyseert de taal van de normatieve ethiek in haar semantische en logische aspecten
= 2de-moraalfilosofie: taal over een ethische taal
 reflectie van de wijze waarop in de ethiek geredeneerd

2 richtingen die van belang zijn

i. Logica
 zijn logische regels in morele uitspraken op dezelfde manier van toepassing als in een
redenering
ii. Semantiek
 de betekenis van woorden
 bv het woord onnozel is vandaag niet positief, in het middeleeuws Nederlands betekende dit
onschuldig
 betekenissen verschuiven



Deel 1. Basisthema’s uit de ehtiek

HOOFDSTUK 1: PROBLEMEN VOOR EEN NORMATIEVE ETHIEK
Schets ethiek kan niet zonder de moeilijkheden van de normatieve ethiek in kaart te brengen

 Hachelijke onderneming  je kan geen afstand nemen van je tijd
 Doordat we deel zijn van onze tijd, kunnen we grote lijnen moeilijk onderscheiden

3

, 1. LEGITMERINGSCRISIS

 het is niet zo makkelijk om te tonen waarop ethiek gebaseerd is


1.1. DE PARADOX VOOR EEN ACTIELE ETHIEK
De hedendaagse normatieve ethiek heeft te maken met een paradox (= een schijnbare tegenstelling,
ziet eruit als een tegenstelling, maar is in feite oplosbaar)

Hedendaags vaak verwezen naar ‘morele crisis’ (naast economische, politieke, culturele crises)
= een crisis volgend uit een morele beleving

Wat wordt er niet bedoeld met een morele crisis:

 een louter aantasting van traditionele moraalcodex
‘vroeger was het beter’
o nieuwe wetenschappelijke inzichten/wijzigende elementen  waarden onderhevig aan
verandering
 betekent ook dat mensen hiermee om moeten kunnen  risico op fundamentalisme
 de wereld wijzigt zo snel dat mensen dreigen af te haken
 wat altijd zo geweest is lijkt in voortdurende beweging te zijn
 bv. bij 80+ is de digitale kloof hoog, ze kunnen niet die wij als normaal beschouwen
o het ontbreken van een dergelijke herformulering
 een ruime context blijkt te bestaan over een aantal ethische grondovertuigingen
 dat we vandaag niet zouden beschikken over wat we als moraal goed beschouwen, want
deze lijsten bestaan
 term voor wat wij als waardevol beschouwen: fundamentele verklaring van de rechten van
de mens


De crisis moet worden bekeken als een legitimeringscrisis  de grondslag van normativiteit lijkt ter
discussie te staan

 Feitelijke consensus niet gerechtvaardigd vanuit objectieve grondslag


De paradox wordt vaak aangeduid als de paradox van Apel (Duitse ethicus):

„Een universele, dwz. Intersubjectief (=voor alle mensen) geldige ethiek op basis van solidaire
verantwoording schijnt tegelijk noodzakelijk en onmogelijk te zijn‘“

1. Noodzakelijk: problemen zijn wereldomvattend. Voor het eerst wordt de mens geconfronteerd met
een planetaire verantwoordelijkheid. Wetenschap en technologie hebben effecten die dehele
mensheid raken.
Vb 1986 Tsjernobyl: de wolk met nucleaire deeltjes werd door de wind naar hier geblazen
o De weermannen op tv kregen de instructie om dit niet door te vertellen, omdat mensen anders
in paniek zouden slagen  deze nucleaire wolk was hoog technische technologie
Vb. kapping Regenwoud
2. Onmogelijk: die intersubjectieve geldigheid blijkt precies mogelijk als positief-
wetenschappelijke objectiviteit. Alles wat verbonden is met waarden en normen dreigt terecht te
komen op het terrein van de irrationaliteit
o De taal van wiskunde zegt niets, want is formeel leeg en is altijd waarom omdat ze leeg is,
ethiek is niet leeg en heeft inhoud
 Daarin ligt de paradox: diezelfde kracht waarmee we die hele technologische evolutie op
gang hebben gebracht, houdt ook een aantal elementen in zich die de universaliteit lijkt te
betrekken mbt tot universele ethiek
 de reden waarom we vandaag nood hebben aan een ethiek, is ook de reden dat het niet
kan
4

Document information

Study
Uploaded on
September 10, 2026
Number of pages
104
Written in
2025/2026
Type
Summary
$11.95

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
6
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions