1.1
Gebit van de mens bestaat uit 2 generaties: 2 dentities
- Het temporaire gebit = melkgebit
- Het permanente gebit = het blijvende gebit
Het temporaire gebit bestaat totaal uit 20 elementen:
- 8 incisoren: 4 per kaak, 2 per kwadrant (kaakhelft) (1 wortel per
element)
- 4 canines: 2 per kaak, 1 per kwadrant (1 wortel per element)
- 8 molaren: 4 per kaak, 2 per kwadrant (meerdere wortels per
element)
Het permanente gebit bestaat totaal uit 32 elementen:
- 8 incisoren: 4 per kaak, 2 per kwadrant (1 wortel per element)
- 4 canines: 2 per kaak, 1 per kwadrant (1 wortel per element)
- 8 premolaren: 4 per kaak, 2 per kwadrant (meestal 1 wortel per
element, m.u.v. de 1e premolaar bovenkaak vanaf de mediale lijn)
- 12 molaren: 6 per kaak, 3 per kwadrant (meerdere wortels per
element) (m.u.v. mensen die geen verstandskiezen aanleggen:
agenesie, genetisch bepaald)
1.2
Elementen ontwikkelen zich binnen het kaakbot, ontstaan in de
‘tandkiemen’. Mesenchymaal weefsel vormt grotendeels toekomstige
kaken v embryo. Meerlagig plaveiselepitheel groeit binnen dit weefsel
en vormt de tandlijst. In de tandlijst ontstaan tandknoppen, die
ontwikkelen tot klokvormige glazuurorganen. In het glazuurorgaan
beginnen mesenchymale cellen met de vorming van dentine
(tandbeen) waarna ameloblasten (cellen v epitheel) het glazuur van
een kroon vormen. Wanneer de kroon compleet is, begint de
wortelvorming. Nu kan eruptie beginnen. Dus:
Plaveiselepitheel → tandlijst → tandknop → glazuurorgaan →
mesenchymale cellen vormen dentine → ameloblasten vormen glazuur →
kroon klaar → wortelvorming → doorbraak → wortelvorming gaat na de
doorbraak verder tot de wortel volledig af is. 🦷
De kroon is onder normale omstandigheden na doorbraak
vrijwel volledig zichtbaar in de mond, behalve een smal
met glazuur bedekt deel dat onder het tandvlees verborgen
blijft.