psychologie
Deel 1
Kelly Martens
2025-2026
,Verschillende hoofdstukken
Inleiding
Hoofdstuk 1: methodes van sociaal psychologisch
onderzoek
Hoofdstuk 7: pro-sociaal gedrag
Hoofdstuk 3: de aanwezigheid van anderen
Hoofdstuk 4: impliciete sociale invloed
Hoofdstuk 5: expliciete sociale invloed
Hoofdstuk 9: stereotypes
Hoofdstuk 8: attitudes
Hoofdstuk 6: agressief gedrag
1
,Kleine inleiding van sociale psychologie
- The negativity bias (negativiteitsdenkfout): meer oog voor het
negatieve dan voor het positieve
o het zit in onze hersenen ingebakken
o vroeger had dat veel zin voor de overleving (bv. Als ze geritsel
hoorden dat ze niet kenden, moesten ze er aandacht aan
besteden, want wie weet was het een roofdier)
o die bias is dus goed, we moeten alert zijn voor alles om te
kunnen overleven
o Media belicht dat ook heel hard, het gaat ook vaak niet goed
met onze wereld, maar de media gaat buiten proportioneel
aandacht geven aan dingen die fout gaan en geven minder
aandacht aan het positieve in de wereld
o Realiteit komt niet vaak overeen met wat de media toont (bv.
Een vliegtuig stort neer en de media maakt er een artikel over,
dan gaan ze erin overdrijven, normaal is een vliegtuig het
veiligste voertuig dat er bestaat)
- Tweede bestemming = soms moeten we een belemmerende
gedachte omzetten in een positieve gedachte, soms moeten we
dingen vanuit een ander perspectief bekijken
- Buba en kiki (welke figuur krijgt welke naam) fenoneem van
synesthesie, zintuigelijk komt buba overeen met een afgeronde
figuur door de klanken, kiki klinkt iets scherper en daardoor geven
we een puntig figuur
- Op basis van een naam (kan ook de wijze van uitspraak zijn, als je je
naam heel nerveus en stil uitspreekt dan kan dat een invloed
hebben) kan je veel beslissingen nemen op basis van intelligentie,
persoonlijkheidskenmerken… (vooroordelen) zo gaat men mensen
kunnen discrimineren, we moeten ons bewust zijn van die
vooroordelen
- Aangeleerde hulpeloosheid = vanalles proberen, verschillende
gedragen stellen, op den duur weet je niet meer wat je moet doen
want niets helpt, je gedrag wordt passief (je gaat dingen ondergaan)
o De wijze waarop ouders hun kinderen opvoeden, kan er voor
zorgen dat een kind hulpeloosheid gaat ervaren
- We hebben allemaal onze eigen paaltjes, dit vormt vooroordelen
t.o.v. jezelf en andere, je moet eens proberen om aan die paaltjes te
trekken
- Co-de-roos blackbox = co-de-roos is ontstaan door code rood bij
corona, dat is code roos geworden omdat we dingen aangenamer
willen maken bv. Liedjes tijdens de pauze
2
, Inleiding “onze levens zijn door duizend onzichtbare draden met
elkaar verbonden”
- Mapo bridge = plaats waar er de meeste zelfdodingen waren,
verschillende ingrepen gedaan om de brug aantrekkelijker te maken,
zelfdoodcijfer steeg omdat mensen de brug toegankelijk vonden en
men gaf er steeds meer aandacht aan
o De mens zit zo complex in elkaar, dat je door een plaatje of
quote de menselijke gevoelens niet ongedaan maken
- deprivatie (ontbering): een dier geen eten geven waardoor men er
conditioneringsproeven mee kan doen
- sociale deprivatie: wanneer we geen toegang hebben tot andere
mensen/ gedepriveerd zijn dan gebeurt er iets bij ons (we hebben
anderen nodig om te kunnen functioneren)
o kinderen werden sociaal gedepriveerd in een weeshuis
o die kinderen hadden minder verbindingen in grijze massa van
hersenen (kinderen met veel connecties hadden meer
verbindingen)
- sociale paradox (we hebben de andere nodig maar toch gaan we er
geen contact mee zoeken): vroeger gingen we sneller praten met bv.
mensen op de trein, nu vermijden we dat, we laten zelfs een plek er
tussen
o mensen kunnen vaak niet inschatten hoe ze zich gaan voelen,
dus we vermijden het contact, we schatten vaak verkeerd in
wat connecties met ons doen (bv. 2 studenten die elkaar
aanspraken in de aula die een koppel zijn geworden)
o het is een heel kleine stap van we hebben de anderen nodig
naar de anderen hebben ook een invloed op ons (of wij
beïnvloeden hen)
voorbeeld van die invloed: je wil naar huis maar je
vrienden sporen je aan om nog te blijven en nog eentje
mee te drinken dus je blijft
- je hebt verschillende ruimtes
o Intieme ruimte
o Persoonlijke ruimte
o Sociale ruimte
o Publieke ruimte
- Als mensen in onze intieme ruimte komen of persoonlijke ruimte
komen, en we willen dat niet dan gaat ons dat beïnvloeden in ons
gedrag bv. je schuift op of gaat naar achter
- De ene kan meer verdragen dan de ander amygdala (deel in ons
hersenen) staat in voor reguleren voor emoties, als we angst voelen
3