statistics
Inhoudsopgave
Lecture 2 - Methods.......................................................................................1
Lecture 2 - Statistics......................................................................................6
Lecture 3 – Methods.......................................................................................7
Lecture 3 – Statistics......................................................................................9
Lecture 4 – Methods.......................................................................................9
Lecture 4 – Statistics....................................................................................12
Lecture 5 – Methods.....................................................................................14
Lecture 5 – statistics....................................................................................16
Lecuture 6 – methods...................................................................................17
Lecture 6 – Statistics....................................................................................19
Lecture 2 - Methods
!! Spuriousness explanation:
Spuriousness effect = Dit is een schijnverband. Twee variabelen lijken
met elkaar samen te hangen, maar die samenhang komt niet doordat ze
elkaar beïnvloeden, maar doordat er een derde variabele is die beide
veroorzaakt.
De gamma laat zien dat het een positief effect is (de 1-1 is het grootste
effect).
De gamma is negatief wanneer de 0-1 meer is.
,De gamma laat de sterkte van het effect zien niet of hij significant is.
Je denkt dat hier het effect groot is, maar om dit echt te weten te komen
voeg je een derde variable toe.
De linkse tabel is alleen met de twee variabelen. Rechts zie je twee
tabellen onder elkaar staan. Bij de ene is T = 0 en bij de andere T = 1. Hier
zie je dat het effect veranderd als je er een derde variabele aan toevoegt.
Kijk hier naar de gamma en het significantie level. Gamma is nu 0 en het
significantie level is nu 1. Dit betekent dat er geen effect is tussen de
variabelen wanneer je een derde variabele (education level) toevoegd.
!! Moderation: suppressor
Suppressor effect = Dit is een verhullend effect. Een variabele (de
suppressor) verbergt een verband tussen twee andere variabelen. Als je
die suppressor toevoegt aan je analyse, wordt het verband juist sterker
of duidelijker.
Dit ziijn de gegevens voordat je een derde variable hebt toegevoegd aan
de tabel.
, Je ziet zodra er een 3e variabele is toegevoegd aan de tabel, dat de
gegevens veranderen.
!!Moderation: distorter (Simpson’s paradox)
Distorter effect = Een distorter effect betekent dat een derde
variabele het verband vervormt tussen twee andere variabelen.
Zonder de derde variabele zie je één verband
Met de derde variabele verandert het verband van sterkte of
richting
Het verband verdwijnt niet (zoals bij spuriousness), maar wordt
anders
De derde variabele tekent het verband scheef.
Simpson’s paradox = Simpson’s paradox is een speciaal (extreem)
geval van vertekening.
Hier zie je:
In de totale groep: een bepaald verband (bijv. positief)
In alle subgroepen (op basis van een derde variabele): het
tegenovergestelde verband
Het totale verband is dus misleidend. (bijvoorbeeld, het effect verdraaid
ineens).