Strafprocesrecht
Analyse vraag
Het voorgestelde nieuwe Wetboek van Strafvordering bevat een aantal vernieuwingen ter
verbetering van het wettelijk systeem van het strafproces. Een van de onderdelen die met de
voorgestelde vernieuwing wordt aangescherpt, is het uitgangspunt dat een vooronderzoek
voorafgaat aan de berechting en zo veel mogelijk wordt afgerond voordat de zaak voor de
zittingsrechter komt. Strafzaken moeten dus beter voorbereid bij de zittingsrechter komen.
Hierdoor komt de nadruk in het strafproces in de voorfase te liggen, waarin onderzoek en
bewijsverzameling grotendeels worden afgerond voordat de zaak ter zitting komt.
De voorgenomen beweging naar voren zet uiteen hoe dit uitgangspunt effectiever tot uiting
kan komen met als doel het terugdringen van doorlooptijden en het verbeteren van de
motivering van beslissingen. De positie van de RC wordt hierbij afgestoft en scherper
gedefinieerd ter verbetering van het vooronderzoek. Een taak van de RC is de regievoering
waarbij hij onderzoekwensen beoordeelt en indien gewenst ook uitvoert. De wetgever
beoogt met een betere aansluiting van de berechting op het vooronderzoek d.m.v. de
'beweging naar voren', de doorlooptijden van het strafproces terug te dringen en het
uitgangspunt dat het vooronderzoek zo veel mogelijk afgerond is voor de zitting correct te
verwerken in het wettelijk systeem.
Inquisitoire procestraditie: rol van de rechter is actief en hij doet aan waarheidsvinding. De
positie van rechter commissaris wordt versterkt. Waarheidsvinding in een inquisitoire
procestraditie vindt plaats in de voorfase; voor onderzoek ter terechtzitting. Er is dus al een
nadruk op het vooronderzoek.
Auditu: als een getuige verklaart, dan kan dit in het dossier en geldt het als bewijs.
Getuige hoeft dan niet ter zitting te verschijnen. Hierbij is de nadruk op
vooronderzoek nog meer versterkt.
Implicaties verdachte: Het is de bedoeling dat verdachte proactief wordt en in een eerder
stadium onderzoek wensen door te geven. Hiervoor is het essentieel dat de verdachte weet
waar hij precies van wordt verdacht. De verdachte heeft dus informatie nodig, maar dit is
niet goed geregeld. Hij is afhankelijk van OvJ. Dat de informatievoorziening op orde is, is een
voorwaarde voor beweging naar voren.
De Nederlandse inquisitoire procestraditie sinds het auditu-arrest houdt in dat het
inhoudelijke zwaartepunt van waarheidsvinding zich in de voorfase van het proces bevindt.
Het is toegestaan om verklaringen van horen zeggen als bewijs te gebruiken, waardoor
getuigen al vroeg in het proces moeten worden gehoord. De beweging naar voren sluit aan
bij de bestaande procescultuur: versterking van de rol van de voorfase en bevordert het
proces en efficiëntie. Zaken komen zo onmiddellijk bij de zittingsrechter, wat bijdraagt aan
snellere doorlooptijden en een voorspelbaarder procesverloop. Dit is een voordeel voor
zowel de verdachte als de samenleving.
, Deze beweging naar voren zal leiden tot betere rechtsbescherming van de verdachte aan de
ene kant. Aan de andere kant wordt een actieve rol van de verdachte verwacht in de
voorfase waarin hij zijn onderzoekwensen al vroeg kenbaar maakt. Zo moeten bijv. getuigen
eerder opgeroepen worden, omdat van horen zeggen argumenten ook meegenomen mogen
worden. Dit volgt uit het auditu arrest.
Argumenten voor de beweging naar voren
Betere bescherming van het verhoorrecht
Procesefficiëntie leidt tot snellere doorlooptijden, dus het proces is sneller afgerond
Proceseconomie
In het belang van alle partijen
Betere rechtsbescherming: verdachte krijgt eerder duidelijkheid over de verdenking
en bewijslast.
Argumenten tegen de beweging naar voren
Vrijheid procesverhouding
Verdachte zou zelf proceshouding moeten mogen bepalen
Het is niet vreemd om als verdachte het procesdossier af te willen wachten alvorens
onderzoek wensen te formuleren
Randvoorwaarde
Informatie
Grote verwachting rol verdachte om onderzoek wensen al in voorfase rond te
hebben
Rechtsbijstand
Effectiviteit R-C
Het idee is dat de R-C de regie voert over de voorfase en dit efficiënt houdt. De R-C
kan echter geen termijnen of regiebijeenkomsten afdwingen. Weinig concrete
instrumenten
Capaciteitsgebrek R-C
Consequenties bij gebrek aan actieve houding verdachte
Rechter mag rekening houden met inactieve houding verdachte in voorfase en hier
consequenties aan verbinden
Rechter als waarborg
R-C kan de werkdruk van het nieuwe systeem niet aan
Actieve proceshouding op het moment waarbij nog onvoldoende informatie is om
weloverwogen een keuze te maken. Het is de vraag of informatievoorziening op orde
gaat komen.
Werkdruk neemt toe beoogde efficiëntie komt juist in gevaar.
Rechtsbijstand.
Als informatie er niet is, dan zal de verdachte weinig/niet verklaren en houdt een
passieve houding aan.