Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 8 pages
Summary

Samenvatting MD-K 5.13 Bloedgroepincompatibiliteit | Verloskunde | InHolland | 2026/2027

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 8 pages

Studiemateriaal voor MD-K Module 5 Medisch Deskundige aan Hogeschool InHolland, gericht op bloedgroepincompatibiliteit in de zwangerschap. Het document behandelt de pathofysiologie, diagnostiek en beleidsopties van bloedgroepincompatibiliteit, met aandacht voor begrippenkader, etniciteit, bloedgroepsystemen (ABO, Rhesus, Kell) en de cascade van hemolytische ziekte van foetus en pasgeborene (HZFP). Ideaal voor examenvoorbereiding op dit onderdeel van de verloskundige module, met heldere uitleg van complexe immunohematologische processen en klinische relevantie.

Content preview

MD-K 5.13 Bloedgroepincompatibiliteit | Onderwijsdocument




MD-K 5.13 Bloedgroepincompatibiliteit

Moduledoel 14. Je legt de pathofysiologie, diagnostiek, risico's en
beleidsopties uit van bloedgroepincompatibiliteit in de zwangerschap.

1. Begrippenkader, Etniciteit en Bloedgroepsystemen
Voor een goed begrip van de problematiek rondom bloedgroepincompatibiliteit in de zwangerschap is
een scherpe afbakening van de gehanteerde terminologie essentieel. In de verloskundige praktijk en
immunohematologie worden drie kernbegrippen onderscheiden (Kennisclip MD-K 5.13 Intro; De Jonge
et al., 2025; NVOG, 2025):
Bloedgroepincompatibiliteit: Er is uitsluitend sprake van een verschil (mismatch) in
erytrocytenantigenen tussen de zwangere en haar foetus. Dit is een puur serologische constatering en
betekent op zichzelf nog niet dat er een immuunrespons of ziektebeeld aanwezig is.
Bloedgroepimmunisatie (Sensibilisatie): De situatie waarin een zwangere aantoonbare irregulaire
erytrocytenantistoffen (IEA) van de IgG-klasse heeft gevormd tegen lichaamsvreemde
erytrocytenantigenen. Dit ontstaat na eerdere expositie aan lichaamsvreemd bloed via een
foetomaternale transfusie (FMT) of een bloedtransfusie.
Bloedgroepantagonisme: De klinische situatie waarin de door de moeder gevormde IgG-antistoffen de
placenta actief passeren, zich binden aan foetale erytrocyten (of voorlopercellen) en daadwerkelijk
leiden tot fysiologische bloedafbraak (hemolyse) of remming van de bloedaanmaak. Dit is de directe
oorzaak van Hemolytische Ziekte van de Foetus en Pasgeborene (HZFP).

Er bestaan wereldwijd meer dan 300 verschillende erytrocytenbloedgroepen, verdeeld over tientallen
bloedgroepsystemen (NVOG, 2025; Mfnp H13). Het bekendst zijn het ABO-systeem, het Rhesussysteem
(met de hoofdantigenen D, C, c, E, e) en het Kellsysteem (K, k). De prevalentie van specifieke
bloedgroepantigenen varieert sterk per etniciteit. Zo is in de Kaukasische/Europese populatie circa 15
tot 16% van de vrouwen Rhesus D-negatief, terwijl dit percentage onder mensen van Aziatische
afkomst lager is dan 0,1% en in de Afrikaanse populatie rond de 3 tot 5% ligt (De Jonge et al., 2025;
Mfnp H13).


2. Etiologie en Pathofysiologie van HZFP
Erytrocytenimmunisatie ontstaat wanneer de maternale circulatie in aanraking komt met
lichaamsvreemde erytrocytenantigenen. Dit proces van sensibilisatie vindt primair plaats via twee
routes (NVOG, 2025; De Jonge et al., 2025):
1. Foetomaternale Transfusie (FMT): Tijdens de zwangerschap, en in het bijzonder tijdens de baring,
passeren foetale erytrocyten de placentabarrière naar de moederlijke bloedbaan. Zelfs een
minuscuul volume foetaal bloed (< 0,1 ml) kan bij een eerste expositie een primaire immuunrespons


Pagina 1

, MD-K 5.13 Bloedgroepincompatibiliteit | Onderwijsdocument



uitlokken met de aanmaak van IgM- en vervolgens IgG-antistoffen. Bij een volgende zwangerschap
van een antigeen-positief kind leidt hernieuwde expositie tot een snelle, secundaire
geheugenrespons (boostering) met hoge IgG-titers (NVOG, 2025; Mfnp H13).
2. Incompatibele Bloedtransfusie: Toediening van donorbloed dat niet volledig gematcht is op
nevenbloedgroepen. Om dit risico te minimaliseren worden vrouwen onder de 45 jaar in Nederland
sinds 2004 preventief K-compatibel getransfundeerd, en sinds 2011 ook c- en E-compatibel (NVOG,
2025; De Jonge et al., 2025).

Algemene Cascade van Hemolytische Ziekte van de Foetus en Pasgeborene
Wanneer maternale IgG-antistoffen (via de FcRn-receptor op de trophoblast) de placenta passeren en
binden aan foetale erytrocytenantigenen, ontstaat de volgende pathofysiologische ketenreactie
(Kennisclip MD-K 5.13 Intro; NVOG, 2025; Mfnp H13):
Extravasculaire Hemolyse: De met IgG-antistoffen beladen foetale erytrocyten worden herkend door
Fc-receptoren op macrofagen in de foetale milt en lever, waar ze gefagocyteerd en afgebroken worden.
Compensatoire Extramedullaire Hematopoëse: Om de bloedafbraak te compenseren, stimuleert de
foetale hypoxie de afgifte van erytropoëtine. De bloedaanmaak breidt zich massaal uit buiten het
beenmerg naar de lever en de milt, wat leidt tot hepatosplenomegalie.
Leverfunctiestoornis & Hydrops Foetalis: Door de extreme extramedullaire hematopoëse in de lever
raakt de parenchymatueuze structuur en de eiwitsynthese van de lever verstoord. Dit leidt tot ernstige
hypoalbuminemie. De combinatie van verlaagde oncotische druk en anemische decompensatio cordis
veroorzaakt hydrops foetalis (vochtophoping in meerdere compartimenten: ascites, pleuravocht,
pericardvocht en subcutaan huidoedeem). Zonder ingrijpen leidt dit tot intra-uteriene vruchtdood.
Postnatale Hyperbilirubinemie & Kernicterus: Antenataal wordt het bij de hemolyse vrijkomende
ongeconjugeerde bilirubine efficiënt via de placenta door de moeder afgevoerd. Direct na de geboorte
valt deze placentaire klaring weg. De onrijpe neonatale lever (met name het enzym UDP-
glucuronosyltransferase) kan de massale bilirubine-aanbod niet verwerken. De snel stijgende
ongeconjugeerde hyperbilirubinemie kan de bloed-hersenbarrière passeren en neurotoxische schade
veroorzaken in de basale ganglia (kernicterus / bilirubine-encefalopathie).

Pathofysiologische Verschillen per Antistofspecificiteit
De klinische ernst en het pathofysiologische mechanisme variëren sterk afhankelijk van het type antistof
(NVOG, 2025; Slootweg et al., 2018):
• Anti-RhD (Rhesus D): Verwekt klassieke, ernstige extravasculaire hemolyse. Het RhD-antigeen is
sterk immunogeen en komt al vanaf week 6 van de zwangerschap tot expressie op foetale
erytrocyten. Bij een geïmmuniseerde zwangere met een RhD-positieve foetus is de kans op ernstige
HZFP (noodzaak tot IUT of wisseltransfusie) 30 tot 40% (NVOG, 2025).
• Anti-K (Kell-antistoffen - UNIEK MECHANISME): Kell-antistoffen veroorzaken een fundamenteel
ander ziektebeeld. Het K-antigeen komt al zeer vroeg in de zwangerschap (vanaf week 12–16) tot
expressie op erytroblasten en pro-erytroblasten (de voorlopercellen in het foetale beenmerg). Anti-
K antistoffen binden zich aan deze voorlopercellen en induceren complement-gemedieerde


Pagina 2

Document information

Study
Uploaded on
September 1, 2026
Number of pages
8
Written in
2026/2027
Type
Summary
$5.37

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
RenateVIO
4.0
(1)
Sold
1
Followers
0
Items
121
Last sold
1 week ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions