hoofdstuk DEEL 2
Hoofdstuk 9 – Nucleus & Gated Transport
50. Hoe herkent het immuunsysteem een viraal geïnfecteerde cel?
Syllabus: Hoofdstuk 6, p. 202–203
Synopsis: p. 52–53
• Wanneer een cel geïnfecteerd is door een virus, worden virale eiwitten in
het cytosol gesynthetiseerd op basis van viraal RNA of DNA.
• Sommige van deze virale eiwitten worden door het proteasoom afgebroken
tot korte peptiden.
• Deze virale peptiden worden vervolgens door een ATP-afhankelijke ABC-
transporter getransporteerd naar het lumen van het endoplasmatisch
reticulum (ER).
• In het ER binden de virale peptiden op MHC klasse I moleculen (MHC-I).
• Het MHC-I-peptidecomplex wordt verder getransporteerd via het Golgi-
apparaat naar het plasmamembraan van de cel.
• Aan het celoppervlak presenteert het MHC-I-complex het virale peptide
aan de extracellulaire zijde.
• Cytotoxische T-cellen bezitten een T-celreceptor (TCR) die specifiek het
MHC-I-complex met gebonden viraal peptide herkent.
• Na herkenning zal de cytotoxische T-cel de geïnfecteerde cel elimineren,
bijvoorbeeld via de secretie van perforines en granzymes.
• Indien één van de stappen in dit herkenningsproces defect is, bijvoorbeeld
door een probleem met peptideverwerking of MHC-I-expressie, kan dit
leiden tot een verminderde antivirale immuunrespons en verhoogde
gevoeligheid voor infecties.
• Hint: Nobelprijs Geneeskunde (Zinkernagel & Doherty).
,51. Hoe kan een virus dat zich in de cel verbergt toch worden geëlimineerd?
• Zie hierboven
52. Wat is de rol van antigen-presenterende cellen (bv. MHC) bij
virusdetectie?
• Antigeen-presenterende cellen (APC’s) spelen een essentiële rol in de
detectie van virussen via antigeenpresentatie aan T-cellen.
• Zie hierboven
,53. Wat is de rol van GTPases bij nucleair transport?
Syllabus: Hoofdstuk 2.5, p. 135–137
Synopsis: p. 30–31
• GTPases, en in het bijzonder Ran GTPase, spelen een centrale rol bij het
reguleren van directioneel nucleair transport.
• Ran GTPase functioneert als een moleculaire schakelaar die afwisselt
tussen een GTP-gebonden actieve toestand en een GDP-gebonden inactieve
toestand.
• In de nucleus is Ran voornamelijk in de GTP-gebonden vorm aanwezig, door
de activiteit van Ran-GEF, een guanine exchange factor gelokaliseerd in de
nucleus.
• In het cytosol domineert de GDP-gebonden vorm, door de aanwezigheid
van Ran-GAP, een GTPase-activating protein dat Ran-GTP hydrolyseert tot
Ran-GDP.
• Deze ongelijke verdeling zorgt voor een Ran-GTP gradiënt die essentieel is
voor de directionele import en export van macromoleculen.
• Tijdens nucleaire import bindt een cargo-eiwit met een NLS (Nuclear
Localization Signal) op een importreceptor, waarna het complex via
interactie met NPC-eiwitten (Nuclear Pore Complex) naar de nucleus
getransporteerd wordt.
• In de nucleus bindt Ran-GTP op de importreceptor, wat leidt tot
dissociatie van het cargo-eiwit.
• Het Ran-GTP–importreceptorcomplex keert terug naar het cytosol, waar
Ran-GTP wordt gehydrolyseerd tot Ran-GDP, waardoor de importreceptor
vrijkomt voor een nieuwe cyclus.
• Bij nucleaire export werkt Ran-GTP juist als stabiliserend element voor
het cargo-exportreceptorcomplex, dat in het cytosol dissocieert door de
hydrolyse van Ran-GTP tot Ran-GDP.
• Het eiwit met het nucleaire export signaal zal pas binden op de nucleaire
export receptor als Ran-GTP eveneens op de nucleaire export gebonden is.
• Deze dynamiek van Ran GTPase is dus fundamenteel voor de
energielevering, directionele controle en recyclage van
transportreceptoren binnen nucleair transport.
,