Neurofysiologie
1. Een man van 60 jaar wordt ’s ochtends wakker met een rechtszijdige
verlamming waarbij zijn arm meer is aangedaan dan zijn been. Zijn
rechter mondhoek hangt af. Ook lijkt hij aan één kant minder goed te
zien en spreekt hij onverstaanbaar. Hij wordt naar de
spoedgevallendienst gebracht alwaar de spoedgevallenarts een
beroerte (CVA) vermoedt en een dringende CT hersenen aanvraagt.
Vragen:
A. Ervan uitgaande dat dit inderdaad een CVA is, welke arterie is dan
waarschijnlijk betrokken? Als er meerdere mogelijkheden zijn,
vermeld dan de verschillende arteriën. Geef zeker ook de kant aan.
• De waarschijnlijke betrokken arterie is de linker arteria cerebri
media (ACM).
• De symptomatologie (rechtszijdige verlamming en spraakstoornis)
wijst op een laesie in de linker hemisfeer, aangezien de motorische
banen (tractus corticospinalis) kruisen en de linker hemisfeer bij
de meeste mensen dominant is voor taal.
• Het distributiegebied van de arteria cerebri media omvat de
laterale zijde van de frontale, pariëtale en temporale kwabben,
waar de motorische cortex voor het gelaat en de arm en de
taalgebieden (zoals het gebied van Broca) gelegen zijn
B. Aan welke kant ziet hij slecht? Benoem en verklaar de gestoorde
visus.
• De patiënt heeft een rechter homonieme hemianopsie.
• Dit betekent dat er sprake is van visusverlies in de rechterhelft
van het gezichtsveld van beide ogen.
• De laesie bevindt zich retrochiasmaal in de linker hemisfeer,
waarschijnlijk ter hoogte van de tractus opticus of de radiatio
, optica (of de visuele cortex), die deel uitmaken van het
vascularisatiegebied van de arteria cerebri media.
• Hierdoor wordt de informatie afkomstig van de nasale hemiretina
van het rechteroog en de temporale hemiretina van het linkeroog
onderbroken, wat resulteert in uitval van het contralaterale
(rechter) gezichtsveld
C. Hoe verklaar je de verstoorde spraak? Leg uit.
• De verstoorde spraak wordt verklaard door afasie en/of dysarthrie
(articulatie en verstaanbaarheid verminderd).
• Gezien de lokalisatie in de linker hemisfeer is er waarschijnlijk
schade aan het gebied van Broca (area 44 en 45), gelegen in de
frontale kwab, wat leidt tot een motorische of expressieve afasie
waarbij de patiënt moeite heeft met het vormen van taal.
• Daarnaast kan er sprake zijn van een cerebellaire dysarthrie of een
dysarthrie ten gevolge van zwakte van de spraakmusculatuur
(bulbaire spieren) door een laesie van de tractus corticobulbaris.
• Bij een cerebellaire dysarthrie is er sprake van coördinatiestoornis
van de bulbaire spieren, wat leidt tot gescandeerde spraak (traag,
, lettergreep per lettergreep en met onnatuurlijke pauzes), hoewel
dit vaker geassocieerd is met cerebellaire pathologie.
• In de context van een hemisferisch CVA is afasie door corticale
schade of dysarthrie door unilaterale uitval van de motorische
innervatie van de spraakspieren de meest plausibele verklaring.
D. Hoe komt het dat de krachtsvermindering meer uitgesproken is thv
de arm dan thv het been?
• Het verschil in parese tussen arm en been wordt verklaard door de
somatotopische organisatie (de motorische homunculus) van de
primaire motorische cortex (gyrus precentralis)
• De neuronen die de motoriek van het gelaat en de arm aansturen,
bevinden zich aan het dorsolaterale oppervlak van de hemisfeer; dit
gebied wordt van bloed voorzien door de arteria cerebri media.
• Het beengebied bevindt zich in de fissura longitudinalis cerebri aan
de mediale zijde van de hemisfeer en wordt gevasculariseerd door
de arteria cerebri anterior.
• Aangezien de arteria cerebri anterior in deze casus gespaard is,
blijft de beenfunctie relatief intact, terwijl de armfunctie, die
afhankelijk is van de arteria cerebri media, zwaar is aangedaan.
, E. Hoe verklaar je de afhangende mondhoek? Leg uit.
• De afhangende mondhoek rechts wijst op een centrale
facialisparese ten gevolge van een laesie van het bovenste
motorneuron (upper motor neuron) in de linker hemisfeer.
• De corticobulbaire vezels die projecteren naar de nucleus nervus
facialis voor de innervatie van de spieren van het bovengezicht (m.
frontalis, m. orbicularis oculi) zijn bilateraal georganiseerd.
• De vezels die de motorneuronen aansturen voor de spieren van het
ondergezicht zijn echter volledig gekruist.
• Door de unilaterale laesie links valt de aansturing van de
contralaterale (rechter) onderste gelaatsspieren weg, terwijl de
spieren van het voorhoofd functioneel blijven door de intacte
ipsilaterale innervatie.