Persoonlijkheid Persoonlijkheidsstoornis
Verzameling van psychologische trekken en Duurzaam patroon van innerlijke ervaringen
mechanismen en gedragingen die duidelijk afwijken van de
norm
Relatief stabiel en consistent Patroon is star en uit zich in heel wat
situaties
Mensen lopen vast op verschillende
levensdomeinen
Vaak dezelfde soorten problemen
Invloed op onze interacties en hoe we ons Lijden of beperkingen in het functioneren
aanpassen aan de omgeving
Je slaagt erin om normaal te functioneren en Stabiel en van lange duur
je aan te passen Met behandeling of ouder worden, is
verandering wel mogelijk
Les 13 & 14: Persoonlijkheidsstoornissen
1. Persoonlijkheidsstoornissen in DSM-5
DSM: Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders van de American Psychiatric
Association (boek)
= opsomming van alle mogelijke psychische stoornissen (opgedeeld in 19
hoofdstukken)
Het meest aanvaarde en gebruikte classificatiesysteem in de VS en Europa
Ander classificatiesysteem: International Classification of Diseases (ICD-11) van de
Wereldgezondheidsorganisatie
Wordt minder gebruikt
DSM-5-TR: 3 secties
Sectie 1: uitgangspunten
o.a. indeling, gebruik, wijzigingen t.o.v. DSM-IV-TR, …
Sectie 2: diagnostische criteria voor 19 hoofdcategorieën van mentale stoornissen
o.a. depressieve stoornissen, persoonlijkheidsstoornissen, …
Sectie 3: opkomende meetinstrumenten en theoretische modellen (nog niet officieel, maar
wordt wel gebruikt in praktijk)
o.a. nader te onderzoeken aandoeningen, alternatief hybride dimensionaal-
categoriaal model voor persoonlijkheidsstoornissen
1
, Pedagogie
Algemene criteria voor PS (sectie 2)
Opgesteld vanuit Westers onderzoek
Altijd eerst nagaan!
Het is enkel een PS als:
a) Een duurzaam patroon van innerlijke ervaringen en gedragingen dat duidelijk afwijkt
van de verwachtingen binnen de cultuur van betrokkene
Dit patroon wordt zichtbaar op twee of meer van de volgende terreinen:
- Cognities
- Affecten
- Functioneren in het contact met anderen
- Beheersing van de impulsen
b) Het duurzaam patroon is star en uit zich op een breed terrein van persoonlijke en
sociale situaties
Mensen kunnen het heel moeilijk aan te passen
Als mensen op andere domeinen wel slagen in goede relaties: schuld van
omgeving/situatie
c) Het veroorzaakt in significante mate lijden of beperkingen in het sociaal en
beroepsmatig functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen
Lijden van persoon zelf en/of omgeving
d) Het is stabiel en van lange duur en het begin kan worden teruggevoerd naar ten
minste de adolescentie of vroege volwassenheid
Soms ook al zichtbaar in de kindertijd
e) Het is niet eerder toe te schrijven aan een uiting of de consequentie van een andere
psychische stoornis
f) Het is niet het gevolg van de directe fysiologische effecten van een middel (bv. drug,
geneesmiddel) of een somatische aandoening (bv. schedeltrauma)
3 clusters
CLUSTER A CLUSTER B CLUSTER C
Gelijkenissen: vreemd, Gelijkenissen: egoïsme, Gelijkenissen: angstig,
excentriek, zonderling, dramatisch, emotioneel, vreesachtig
moeilijke communicatie wispelturig
Paranoïde Antisociale Vermijdend
Schizoïde Borderline Afhankelijk
Schizotypische Histrionische Dwangmatig
Narcistische Manieren om angst in
controle te houden
Gestoorde ‘ik’ centraal beleefd Klemtoon op negatieve
interpersoonlijke beleving + moeilijkheden met emotionaliteit
impulscontrole
Binnen cluster:
- Vaker sprake van comorbiditeit
- Meer overlap tussen stoornissen
2