• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 5 pages
Summary

Samenvatting - Arts en maatschappij 4 (2014GENGE1) - Leerdoelen - Module Diversiteit

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 5 pages

Dit is een samenvatting van het onderdeel Diversiteit (Arts en Maatschappij 4). In plaats van ellenlange documenten te kopen, heb ik deze samenvatting gemaakt die alle essentiële informatie bevat in een zo kort mogelijk formaat (4,5 pagina's !!!). De inhoud is volledig gebaseerd op de colleges en is systematisch per officieel leerdoel uitgewerkt. Het bestand is direct printklaar en zo gestructureerd dat het meteen foutloos kan worden ingestudeerd. Aangezien de samenvatting per module wordt aangeboden, profiteert u van een voordelige aanschaf zonder de verplichting om het gehele opleidingsonderdeel te moeten kopen. Optimaliseer uw studietijd tijdens de blokperiode en bereid u doelgericht voor het examen met mijn samenvatting !

Content preview

Arts en Maatschappij 4 – partim diversiteit (leerdoelen)
1. Theoretisch concept van kruispuntdenken

Microniveau (Individu): persoonlijke identiteitsdimensies/ deelidentiteiten* achterhaald obv relatie tot indicatoren van gender, ethniciteit, opleiding, …
• caleidoscoopmodel: door te draaien aan eenzelfde caleidoscoop ziet u verschillende beelden → Wie zie ik voor mij ? (vebreden)
• ijsbergmodel: → Wie zie ik onder water ? (verdiepen)
• communicatiekompas → Hoe ga ik om met jou ? (verbinden)

Mesoniveau (Context): directe omgeving/interacties (bv. arts-patiëntrelatie)
Macroniveau (Maatschappij)*: grote maatschappelijke structuren, wetgeving, culturele normen → structurele (gezondheids)verschillen

*NB: Identiteiten ≠
• unidimensioneel → combinatie verschillende deelidentiteiten die ze zelf belangrijk vinden ± anderen voor hen naar voren schuiven
o → mensen ≠ reduceerbaar: bv. politieman: identiteit < maatschappelijke eenheid (opleidingsniveau, tewerkstelling, inkomen, gender,
etniciteit) + Niet-maatschappelijk eenheid (ouder)
• statisch → identiteitsevolutie → stabielere identiteit (bv. geslacht, opleidingsniveau) + evolutief (bv. leeftijd, ouderrol…)
• universele oordeling over identiteit:
o Bv. negatieve perceptie over oud zijn in EU ≠ in Azië
Kruispuntdenken = intersectionaliteit; analytisch model dat beschrijft hoe verschillende identiteitsdimensies met elkaar verweven zijn:

→ Essentie = coexistentie & mutele versterking van identiteitskenmerken* (etniciteit, klasse, gender, seksualiteit, leeftijd, …) bepaalt unieke sociale positie
(*werken niet los van elkaar)
→elke identiteit: bepaalde voor-/ nadelen in onze samenleving
→ maatschappelijk kwetsbare mensen: negatieve inwerking identiteitsaspecten (inkomen, tewerkstelling, opleiding …)
MAAR ze zijn ook veel méér dan enkel maatschappelijk kwetsbaar + evolutief karakter identiteit




2. De determinanten van gezondheid via het model van Dahlgren en Whitehead

Regenboogmodel van Dahlgren & Whitehead

= visualisatie beïnvloedding individuele gezondheid door gelaagd systeem van determinanten (bijdrage in %)
→ gezondheid ≠ individuele verantwoordelijkheid, maar resultaat van wisselwerking tussen verschillende factoren:

→model opgebouwd in concentrische cirkels (hoe verder naar buiten, hoe minder directe controle het individu over de determinant heeft)

A. KERN = Leeftijd, geslacht, erfelijke factoren (genetische predispositie: 22%):
o Bv. COVID-19: Behoort iemand tot een risicogroep op basis van leeftijd of de aanwezigheid van multimorbiditeit?
B. LAAG 1 = Individuele leefstijlfactoren < persoonlijke keuzes & gedragingen (individueel gedrag: 36%)
o NB: keuzes sterk gestuurd door omliggende lagen
o Bv. COVID-19: Kiest iemand ervoor om een mondmasker te dragen of zich te laten vaccineren?
C. LAAG 2 = familiale, sociale, en gemeenschapsinvloed (peer group) → sociale druk/steun + normbepaling (sociale omgeving: 24%):
o Bv. COVID-19: Wat denkt de vriendengroep (peer group) over de ernst van het virus en de betrouwbaarheid van het vaccin? Wat is het
opleidingsniveau binnen de familie (ongelijkheid in opleidingsniveau)?
D. LAAG 3 = Leef- en werkomstandigheden → toegang tot essentiële voorzieningen (gezondheidszorg: 11%):
o Bv. COVID-19: Biedt de werkomgeving de mogelijkheid om onder werktijd te vaccineren? Is er een structureel tekort aan personeel door ziekte? Is
de gezondheidszorg zo georganiseerd dat er een betrouwbare zorgverstrekker dichtbij en persoonlijk beschikbaar is?
E. LAAG 4 = Algemene socio-economische, culturele, omgevingsfactoren (fysieke omgeving: 7%)
o = macrocontext < economische status land, politieke stabiliteit, culturele waarden, wetgeving/overheidsbeleid
o Bv. COVID-19: Is er een hoge maatschappelijke en politieke druk om de economie draaiend te houden? Wordt het maatschappelijk verkeer
gereguleerd via een COVID-certificaat (wetgeving)? Heeft de burger fundamenteel vertrouwen in de politiek en overheidsinstanties?

, 3. ‘Analyse Model Armoede’ op micro-meso-macroniveau (Jan Vrancken)

= analysis oorzaken armoede door 2 assen te kruisen: (1) niveau van oorzaak (micro, meso, macro) en (2) aard van oorzaak (intern of extern)

1. Microniveau: oorzaak ligt bij individu of diens directe levensloop:
• Individueel schuldmodel (Intern):
o Kern: Armoede is de eigen schuld door persoonlijke tekorten, gebrek aan motivatie of onverantwoordelijk gedrag
▪ → negeren bredere maatschappelijke context
o Bv.: fraude, onverantwoord/te dure aankopen, niet willen werken, …
• Individueel ongevalmodel (Extern):
o Kern: Armoede ontstaat door onvoorziene persoonlijke tegenslag ⇆ kapitalistische ideaal (‘werk biedt kansen tegen armoede’)
o Bv.: Langdurige ziekte, echtscheiding, ongeval, faillissement, …
2. Mesoniveau: oorzaak ligt bij groepen/ gemeenschappen/ instanties/ organisaties:
• Institutioneel schuldmodel (Intern):
o Kern: interne structuur of falende functioneren van specifieke groep, organisatie of instantie veroorzaakt de uitsluiting
o Bv.: discriminatie op de werkvloer door een bedrijf, ontoegankelijke procedures bij een lokale hulpdienst
• Institutioneel ongevalmodel (Extern):
o Kern: organisatie/gemeenschap wordt van buitenaf getroffen door externe instantie/beslissing → mensen komen in de problemen
o Bv.: sluiten van lokale fabriek door buitenlands moederbedrijf, stopzetting van subsidies voor een wijkcentrum
3. Macroniveau: oorzaak ligt bij brede maatschappelijke systemen of mondiale verschuivingen
• Maatschappelijk schuldmodel / Structureel model (Intern):
o Kern: samenleving is zo georganiseerd dat ze armoede zelf in de hand werkt → Machthebbers beschermen eigen kapitaal & normen →
kloof tss arm & rijk blijft bestaan
o Bv.: lage minimumlonen, hoge huurprijzen, tekort aan kinderopvang, Mattheüseffect (voordelen komen vooral terecht bij wie al bevoorrecht is)
• Maatschappelijk ongevalmodel / Conjunctureel model (Extern):
o Kern: Armoede ontstaat door grote, onvoorziene verschuivingen of crisissen in de samenleving → verdwijnen van crisis lost niet per se de
armoede op
o Bv.: energiecrisis, coronacrisis, oorlogen, inflatie, natuurrampen


4. Begrippen
a. Multidimensionele benadering van kwetsbaarheid:

= kwetsbaarheid PT niet uitsluitend vanuit zuiver medisch (biologisch) perspectief → holistische benadering

→ rationale = kwetsbaarheden op verschillende domeinen → versterking via multiplicatie- & levensloopeffect → slechtere algehele gezondheid
= toepassing multidimensionele benadering als zorgverlener
→ identificatie specifieke drempels + via gerichte proportionele acties op maat gezondheidsverbetering voor patiëntgerichte behandeling
(patient centered care) & adequate opvolging (BelRAI Sociaal Supplement)

→ Dimensies:
1. Fysiek = biologische component:
o lichamelijke beperkingen, chronische aandoeningen, krachtsverlies, beperkte mobiliteit, …
2. Cognitief = intellectuele & communicatieve vaardigheden:
o beperkte verstandelijke vermogens, dementie, taalbarrières, laag niveau gezondheidsvaardigheden (health literacy), …
3. Psychisch = mentale & emotionele toestand:
o angst, schaamte (bv. falen, obesitas), depressie, insomnia, …
4. Sociaal = relationele netwerk & mate van sociale steun:
o beperkt sociaal netwerk, afwezigheid familie/vrienden, sociaal isolement, …
5. Omgeving = materiële & externe randvoorwaarden waarin iemand leeft:
o directe woonomstandigheden, huisvestingskwaliteit, …


b. Multiplicatie- en levensloopeffect

1) Multiplicatie-effect (stapelingseffect): Horizontale momentopname

= kwetsbaarheden op verschillende levensdomeinen (fysiek, psychisch, sociaal, financieel, omgeving)
→ geen simpele optelsom, maar vermenigvuldigend & versterkend
→ 1 probleem lokt nieuwe problemen uit → vicieuze cirkel → exponentiële verslechetring algemene gezondheid

Voorbeeldcasus:
1. Fysiek = milde knieartrose
2. Omgeving = beweging ↓ → niet goed trap appartementsgebouw af zonder lift
3. Sociaal = isolement
4. Psychisch = eenzaamheid & klinische depressie → geen energie voor gezond koken → obesitas → arthrose ↑

Document information

Study
Uploaded on
August 25, 2026
Number of pages
5
Written in
2026/2027
Type
Summary
$4.59

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
0
Items
5
Last sold
1 week ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions