Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 78 pages
Summary

Samenvatting Anatomie en fysiologie v/h dier, alle hoofdstukken, zonder afbeeldingen | Hogeschool Gent | 2026/27

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 78 pages

Studienotities voor het eerste hoofdstuk van Anatomie en fysiologie van het dier aan Hogeschool Gent, gericht op de opleiding Agro en biotechnologie Dierenzorg. Het document behandelt de fundamentele begrippen zoals cellen, weefsels, organen en stelsels, aangevuld met anatomische terminologie (mediane snedes, richtingsaanduidingen) en een inleiding tot het endocriene stelsel met focus op hormonen en glandulaire functies zoals de hypofyse, bijnieren en schildklier.

Content preview

ANATOMIE EN FYSIOLOGIE V/H DIER
HOOFDSTUK 1: INLEIDING

SITUERING

EEN CEL

 Vormt anatomische eenheid van een levend wezen

EEN WEEFSEL

 Een dergelijk geheel van analoge cellen
 Deel van een organisme dat steeds dezelfde taak uitvoert
 Vb. vetweefsel

EEN ORGAAN

 Verschillende weefsels samen
 Werken allemaal samen tot ze eenzelfde fysiologische taak verwezenlijken

EEN STELSEL

 Een geheel van organen met eenzelfde fysiologische functie
 Vb. maag, lever,..

TERMINOLOGIE VOOR LIGGING EN RICHTING

VERSCHILLENDE DOORNSEDES

MEDIANE SNEDE OF VERTICALE OVERLANGSE SNEDE

 Doorheen de lengteas van de wervelkolom
 Van voor naar achter, exact in het midden

SAGITTALE SNEDE

 Snede evenwijdig met de mediane snede
 Loopt naast de mediane
 Bv. centimeter ernaast

DWARSE SNEDE OF TRANSVERSALE SNEDE

 Snede loodrecht op de lengteas van wervelkolom of ledematen

HORIZONTALE SNEDE

 Horizontale snede evenwijdig met wervelkolom

,RICHTINGSAANDUIDINGEN

CRANIAAL

 Naar de kop toe

CAUDAAL

 Naar de staart toe

LATERAAL

 Weg van het mediaanvlak

MEDIAAL

 Naar het mediaanvlak

DORSAAL

 Richting bovenzijde

VENTRAAL

 Richting onderzijde

TERMINOLOGIE KOP

DORSAAL

 Richting bovenzijde van de kop

VENTRAAL

 Richting onderzijde

CAUDAAL

 Naar de staart

ROSTRAAL

 Naar de neustop

TERMINOLOGIE INGEWANDEN

PARIETAAL

 Naar de lichaamswand toe

VISCERAAL

 Naar de ingewanden toe

TERMINOLOGIE LEDEMATEN

,PROXIMAAL

 Dichter bij de romp

DISTAAL

 Verder bij de romp

MEDIAAL

 Binnenzijde lidmaat

LATERAAL

 Buitendzijde lidmaat

DORSAAL

 Voorzijde lidmaat

PALMAIR

 Achterzijde van het voorbeen

PLANTAIR

 Achterzijde van het achterbeen

AXIAAL

 In de as van de voet

ABAXIAAL

 Weg van de aslijn

HOOFDSTUK 2: OSTEOLOGIE

FUNCTIES VAN HET SKELET

1. Steun en vormgeving aan het lichaam
2. Aanhechtingsplaats voor spieren
3. Bescherming van vitale organen

STRUCTUUR VAN HET BOT

Beentypes:

1. Lang been of os longum
2. Kort been of os breve
3. Onregelmatig been of os irregulare
4. Plat been of os planum

HET LANG BEEN OF PIJPBEEN

, MIDDENSTUK OF DIAFYSE

 Wand  compact been  omgeven door beenvlies of periost
 Compact been  bij lichtmicroscoop  in beenweefsel een ingewikkeld kanalensysteem  haverse
kanalen
 Lumen of centrale holte  mergholte  bevat wit of geel beenmerg


2 UITEINDEN OF EPIFYSEN

 Dunne laag compact been  naar binnen overgaat in spongieus been
 Spongieus been  opgebouwd uit beenbalkjes of beentrabekels  omsluiten kleine ruimtes
 Buitenzijde  bekleed met gewrichtskraakbeen + resterende deel bekleed met periost
 Centrale mergholte, kleinere openingen in spongieus been + kanalensysteem  bekleed met endost =
dun celrijk bindweefsellaagje waarin osteoclasten, osteoblasten en kleinere bloedvaten in voorkomen


PERIOST OF BEENVLIES

 Vlies rondom het been
 Groeifase  binnenkant bevat beenvormende laag (osteoblasten)


BEENMERG

 Centraal kanaal van lange beenderen – in holtes van het spongieus beenweefsel
 Bindweefselcellen, vetcellen, bloedvaten, witte bloedcellen, rode bloedcellen


GEWRICHTSKRAAKBEEN

 Hyalien of glasachtig kraakbeen (zeer buigzaam en elastisch)
 Kraakbeencellen + intercellulaire substantie


BEENWEEFSEL


COMPACT BEENWEEFSEL BESTAAT UIT

TUSSENCELSTOF

 Hard, ondoorschijnend en wit. Bestaat uit een eiwitachtige stof  osteoid (30%), doortrokken met
calciumfosfaatzouten.
 Osteoid  bestaat uit collageenvezels + gevormd door osteoblasten
 Osteoblasten  jonge beencel die collageenvezels aanmaakt
 Osteocyt of volwassen beencel  ingesloten osteoblast

KANALEN VAN HAVERS

 Cilindrische kanalen waarin bloedvaten liggen van verschillende doorsnede.
 Gericht volgens lengteas van het been
 Onderling verbonden door dwarskanalen
 Bloedvaten brengen de voedende stoffen

BEENCELLEN

Document information

Study
Uploaded on
August 25, 2026
Number of pages
78
Written in
2025/2026
Type
Summary
$10.80

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
3
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions