PLANNING 1
WAT IS RUIMTELIJKE ORDENING? LES 1
“De ruimtelijke ordening is gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling waarbij de
ruimte beheerd wordt ten behoeve van de huidige generatie, zonder dat de behoeften
van de toekomstige generaties in het gedrang gebracht worden. Daarbij worden de
ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig
tegen elkaar afgewogen. Er wordt rekening gehouden met de ruimtelijke draagkracht,
de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en
sociale gevolgen. Op deze manier wordt gestreefd naar ruimtelijke kwaliteit.”
VCRO (art. 1.1.4)
RUIMTELIJK BELEID IN EEN NOTENDOP
Vroeger:
o een persoon
o had een grond
o en bouwde daarop
Nu:
o een persoon
o heeft een grond
o en wil daarop bouwen
o …
o dient een omgevingsvergunning in bij de overheid
o overheid beoordeel de aanvraag, op basis van:
geldende regelgeving
goede ruimtelijke ordening
RUIMTELIJK BELEID: WAAROM?
• Ruimte is beperkt
• Ruimteclaims zijn veelvuldig
• Nood om ruimte goed en juist te verdelen
RUIMTELIJK BELEID: HOE? VAN VISIE TOT BOUWEN
1. Overheid werkt visie uit over gewenste ruimtelijke ontwikkeling
2. Verankering in wetgeving en plannen
3. Omgevingsvergunningen aftoetsen aan wetgeving en visie
4. Handhaving
VAN TREINSTALPLAATS TOT BRUISEND PARK MET TORENS
Hoe is deze transformatie tot stand gekomen?
o Geen toeval
o Vooraf reeds jaren aan gewerkt alvorens de eerste veranderingen op
terrein zichtbaar werden
Idee gestart einde jaren 1990
2008: opening park
Heden: volop nieuwbouw
1
,DOOR DE TIJD LES 2
WAT IS EEN STAD?
Geen vaste definitie
Afhankelijk van context
Niet 1 beeld van de stad
• Buitengewoon complex
• Grote mate van variatie in ruimte en tijd
• Criteria:
o Juridisch;
o Demografisch
o Functioneel
o Morfologisch
o Sociaal mentaal
MIDDELEEUWEN: RELATIE STAD EN OMMELAND
Stad = epicentrum van handel, …
o Rondom = leegte voor beveiliging
Stad = belastingen
o Rondom = vrijgesteld van belastingen
Stad = bevolkingsdruk van arbeiders met grote aandacht voor rijken
o Rondom = nijverheid, herbergen, kloosters, leprahuizen
Stad heeft ommeland nodig:
o Water:
Bevoorrading
Scheepsvaart
o Bescherming van steden
KENMERKEN STAD
JURIDISCH:
Middeleeuwen: nederzettingen met stadsrecht:
o Vorst verleent recht om eigen bestuur en rechtspraak op te maken;
Huidige regeling: gelijkstelling stad en land
o Vraag naar aangepaste regels;
o Frictie tussen stad en land bij generieke regels
DEMOGRAFISCH:
• Getalmatig criterium
o Aantal inwoners;
o Relatief cijfer:
In verhouding tot ommeland;
Londen: 8,982 miljoen inwoners (2021)
Antwerpen: 0,565 miljoen inwoners (2025)
FUNCTIONEEL:
• Aanbod aan economische, sociale, politieke en culturele functies;
• Verweven met elkaar
• Schaalgrootte opmerkelijk hoger
2
,MORFOLOGISCH:
• Stadsplan bevat vaak historische verwijzingen
• Typologie
o Woningen
o Appartementen
o Herenhuizen
o Begijnhoven
o …
• Bouwhoogte
• Bouwdichtheid
SOCIAAL-MENTAAL:
• Stadscultuur
• Cf L. WIRTH: “urbanism as a way of life”
• Stadsleven
• Diversiteit aan mensen
• Superdiversiteit
• Hyperdiversiteit
WAT IS EEN STAD?
• Concentratiepunt van economische, sociale, politieke, culturele activiteiten
• Aanleiding tot:
o (relatief) omvangrijke bevolking;
o diverse bevolking
o hoge (woon)dichtheid
o compact bouwwijze
o eigen mentaliteit
BELGISCHE STEDEN
• Stadstitel vnl. bekomen KB 30 mei 1825
• Inwonersaantal weinig bepalend
• Stadstitel ook van toepassing bij fusie van gemeenten:
o Tussen 1982 en 2000
o Omwille van:
Historische reden
Huidige centrumfunctie
ALGEMENE RUIMTELIJKE WETGEVING IS RECENT
1ste Wet op de Stedenbouw in 1962
Voorheen: wetten en regels ad hoc:
o vnl aandacht voor steden;
o omwille van specifieke behoefte;
o omwille van problemen
o gevolg van een gebeurtenis
GESCHIEDENIS:
3
, MIDDELEEUWEN:
• Veel gebouwen in hout en stro
• Brandgevaar > stadsbranden
• Verbod voor vervanging in baksteen en stro
17 D E EEUW:
In steden 1ste bouwaanvragen:
• aandacht voor esthetiek van steden
• aanvraag beperkt tot gevels
19 D E EEUW:
• Franse invloed
• Wetgeving gecentraliseerd
• Bouwen beperkt langs openbare wegen
=> start van onteigening eigendomsrecht
20 S T E EEUW:
Steeds meer overheidsinmenging
Wederopbouw na Wereldoorlogen:
• aanleiding voor specifieke wetten:
WOI: steden met oorlogsschade (vnl West- Vlaanderen)
Verplicht om APA op te maken
APA als basis voor toekennen van vergunning
Maar: enkel Aarschot opgemaakt
Tussen WOI en WOII:
o Verwoede pogingen voor opmaak algemene wetgeving
Pas in 29 maart 1962: Wet op stedenbouw:
o Tot 1962: geen vergunningen maar bouwtoelatingen
o Geldig voor heel België
WET OP DE STEDENBOUW (MIJLPAALWET)
ALGEMEEN
• Stedenbouwwet = “Wet houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening en van
de stedenbouw”
• 29 maart 1962
• Mijlpaal in land met zwakke planologische traditie
• Doel: ordening wordt ontworpen uit zowel economisch, sociaal en esthetisch oogpunt
met het doel ‘s lands natuurschoon ongeschonden te bewaren (art. 1)
DOELSTELLING
• Verankering ruimtelijke visie
o Ruimte beter en efficiënter ordenen
• Juridisch aftoetsingskader
• Van toepassing voor heel grondgebied
• Natuur en open ruimte beschermen tegen verdere
speculatie
• Planhiërarchie:
o Hogere plannen toetsingskader lagere plannen
o Beëindigen van politieke willekeur
PLANHIËRARCHIE ->
4