Hoofdstuk 2 — Pavlovs hond en
Thorndikes kat
Klassieke en operante conditionering — gebaseerd op de collegeslides bij Een
inleiding in de psychologie in 11 ¾ hoofdstukken (G. Storms)
★ Rood kader = zeer belangrijk: definities en kernbegrippen die je letterlijk moet kennen
■ Groen kader = experiment: opzet + resultaat + conclusie, uitgelegd om goed te begrijpen
Grijs kader = voorbeeld of illustratie ter verduidelijking (begrijpen, niet vanbuiten leren)
✎ Geel kader = examentip: hoe dit op het examen gevraagd wordt
Dit hoofdstuk behandelt twee vormen van leren die de hele psychologie van de 20ste eeuw
hebben gedomineerd. Houd bij elk experiment de vraag voor ogen: leert het organisme hier een
verband tussen twee prikkels (klassiek) of tussen zijn eigen gedrag en de gevolgen ervan
(operant)? Dat onderscheid is de as waarrond alle examenvragen draaien.
1. Drie openingscasussen
VOORBEELD / ILLUSTRATIE
Johan Museeuw, 'de Leeuw van Vlaanderen' — profcarrière van 1988 tot 2004:
wereldkampioen, 2× UCI World Cup, 2 ritten in de Tour, 3× de Ronde van Vlaanderen, 3×
Parijs-Roubaix, 1× Amstel Gold Race… en nog veel vaker niét gewonnen. Die laatste zin is
de clou: succes komt onregelmatig — precies het schema dat gedrag het hardnekkigst
maakt, en de voedingsbodem voor rituelen en bijgeloof (paragraaf 9).
'Filip' (Humo, 6 mei 2008) — hogeschooldiploma, huis gekocht en verbouwd, dan
privéproblemen (twee miskramen). Uit nieuwsgierigheid naar de speelzaal, 2 à 3 keer per
week, 3000 € vergokt, in behandeling; een jaar later herval, op drie maanden 12.000 € kwijt;
zelfs na de geboorte van zijn dochter dagelijks gokken; scheiding na drie jaar; 7000 € winst op
één dag — en de dag erna alles weer verloren. Gokverslaving als schoolvoorbeeld van een
variabel-ratioschema.
APOPO — Bart Weetjens: als kind verzot op knaagdieren, studeerde opsporingstechnologie,
en zette na de campagne van prinses Diana tegen landmijnen (1995) Afrikaanse
buidelratten in om mijnen op te sporen. Bekroond met de World Bank Development
Marketplace Global Competition (2003) en de Skoll Award voor sociaal ondernemerschap
(2009); twee belangrijke artikels over tbc-detectie; prinses Astrid is erevoorzitter. Dit is
toegepaste leerpsychologie die levens redt — de casus komt uitgebreid terug in paragraaf
8.
2. Twee vormen van leren: Pavlov en Thorndike
, ★ ZEER BELANGRIJK — KENNEN VOOR HET EXAMEN
Ivan Pavlov (1849–1936) — onderzocht oorspronkelijk de spijsvertering en kreeg daarvoor
de Nobelprijs in 1904. Hij ontdekte bij toeval dat zijn honden al begonnen te kwijlen vóór het
voedsel er was, en beschreef dat als een 'psychische reflex' in zijn Nobelvoordracht. Dit
associatieve leerproces heet klassieke of Pavloviaanse conditionering.
Edward Thorndike (1874–1949) — bestudeerde het instinctieve en 'intelligente' gedrag van
kippen, later van katten in puzzelboxen. Zijn 'wet van het effect': positieve gevolgen
versterken het gedrag, negatieve gevolgen verzwakken het gedrag. Hij benadrukte ook de
temporele contiguïteit: gevolg en gedrag moeten kort na elkaar komen. Dit heet operante of
instrumentele conditionering.
3. Klassieke conditionering
★ ZEER BELANGRIJK — KENNEN VOOR HET EXAMEN
De vier begrippen — ken ze perfect, ze komen élk jaar terug:
Onvoorwaardelijke prikkel (OP) — lokt van nature al een reactie uit (voedsel).
Onvoorwaardelijke reactie (OR) — de aangeboren reactie daarop (speeksel).
Voorwaardelijke prikkel (VP) — een aanvankelijk neutrale prikkel (belgeluid) die enkel een
oriëntatiereactie uitlokt.
Voorwaardelijke reactie (VR) — de aangeleerde reactie op de VP (speeksel bij de bel).
Klassieke conditionering is een passief proces: het organisme hoeft niets te dóen; de twee
prikkels worden gewoon samen aangeboden.
Fase Prikkel Reactie
Vóór conditionering belgeluid (neutraal) oriëntatie
Vóór conditionering voedsel (OP) speeksel (OR)
Ná conditionering belgeluid (VP) speeksel (VR)
■ EXPERIMENT — Aversieve conditionering — let op de adder onder het gras
Opzet: belgeluid (VP) wordt gekoppeld aan een elektrische schok (OP).
Onvoorwaardelijke reactie op de schok: versnelde hartslag.
Voorwaardelijke reactie op de bel na conditionering: spierspanning en een vertraagde
hartslag.
Waarom is dit belangrijk? De VR is hier niet dezelfde als de OR — ze is zelfs tegengesteld.
De VR is dus geen zwakke kopie van de OR, maar een voorbereidingsreactie op wat komen
gaat. Een klassieke instinker op het examen.
De vier basisverschijnselen