+65 jaar
• De vroege ouderdom (60-65j tot 70-75j)
• Middenouderdom (70-75j tot 80-85j)
• Hoge ouderdom (+ 80-85j)
Derde leeftijd (60+)
Vierde leeftijd (80+)
1.Lichamelijk
1.1 Lichamelijke veranderingen
Rimpels, pigmentvlekken, ouderdomswratten, seniele
angiomen
Grote neus en oren
Lichaamspostuur (botten worden brozer)
Zintuigen & motoriek
Zien ↓
Horen↓
Voelen ≈
Smaken≈
Ruiken ≈
+ toenemde bewegingsonzekerheid
1.2 Reactie op lichamelijke verandering
Verschillende reactiewijzen
- Copingstrategieën
Externe hulpmiddelen
Aanpassing van de eigen levensstijl
, 2.Cognitief
2.1 Intelligentie bij ouderen
= intellectuele achteruitgang
- Deficit-model: achteruitgang
- Rust-roest-model: het niet trainen van het brein zorgt voor
achteruitgang
2.2 Het geheugen
Gevoelig voor ouderdom:
- Episodische herinneringen: herinneringen die verband
houden met specifieke ervaringen in het leven
- Korttermijn- of werkgeheugen
- Prospectieve geheugen: herinneren dat we iets van plan
waren om te doen
2.3 Dementie
= ernstig geheugenverlies en afname van andere geestelijke
vermogens
3.Sociaal
3.1 Sociale gerichtheid
Sociale relaties