Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 16 pages
Summary

Biologie VWO 5 – Hoofdstuk 9 & 10 Bloedsomloop, voeding en vertering – complete samenvatting

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 16 pages

Deze samenvatting behandelt hoofdstuk 9 Bloedsomloop en hoofdstuk 10 Voeding en vertering voor Biologie VWO 5. De stof omvat onder andere de werking van het hart, bloeddruk, ECG, bloedtransport, bloedvaten, weefselvloeistof en lymfe, gevolgd door voedingsstoffen, het verteringsstelsel, enzymen, darmbacteriën en de opname van voedingsstoffen. Ook onderwerpen als hemoglobine, het Bohr-effect, bloedstolling, overgewicht, vetvertering, resorptie, HDL en LDL worden uitgebreid behandeld.

Content preview

Biologie




Klas: Vwo 5
Stof: H9 & H10

,Hoofdstuk 9 Bloedsomloop


9.1 Hart en bloedsomloop


Niet alle bloedsomlopen zijn gelijk
Insecten hebben een open bloedsomloop met een groot bloedvat aan de rugzijde. De
kamers pompen het bloed, dat geen bloedcellen heeft, naar de kop toe. Vanaf de kop gaat
het bloed door de lichaamsholte en omspoelt het de organen en de weefsels. Door het
ritmische bewegen van de hartkamer ontstaat er een pomp- en zuigbeweging die het bloed
wegpompt en weer aanzuigt door via openingetjes in de hartbuis. O2 gaan niet via het bloed,
maar wordt opgenomen via tracheeën.
Een vissenhart heeft maar één boezen en één kamer. Vissen hebben een gesloten
bloedsomloop, hun bloed komt niet buiten de bloedvaten, maar stroomt rond binnen een
enkelvoudige (enkele) bloedsomloop. De zwembewegingen van de vissen verhogen de
stroomsnelheid van het bloed.
Amfibieën, reptielen, vogels en zoogdieren (en dus ook mensen) hebben een dubbele
bloedsomloop. Bij vogels en zoogdieren zijn de linker- en de rechterharthelft volledig
gescheiden door een tussenschot. De rechterpomp, de rechterkamer, pompt O 2-arm bloed
door de longslagaders naar de longen, waar het bloed in de longhaarvaten O2 opneemt en
CO2 afgeeft. Het O2-rijke bloed stroomt via de longaders naar de linkerboezem van het hart.
Dit is de kleine bloedsomloop. De linkerkamer pompt het O2-rijke bloed via de aorta en de
slagaders naar de organen, waar (een deel van) de O2 naar de cellen diffundeert. Het O2-
arme bloed stroomt vervolgens via de aders naar één van de holle aders en komt terecht in
de rechterboezem. Dit is de grote bloedsomloop. Samen vormen de grote en kleine
bloedsomloop een dubbele bloedsomloop. De aorta is een slagader die al het O 2-rijke bloed
vanuit het hart het lichaam instroomt. De aorta vertakt zich in slagaders naar de organen
toe. De eerste vertakking van de aorta is de kransslagader. Die voert O2-rijk vloed aan dat
voor de hartspierzelf is. Via aders stroomt het O2-arme bloed weer terug naar het hart.
Vanuit de hoofd en de armen komt het via de bovenste holle ader terug bij het hart en
vanuit de borst en lagergelegen delen gebeurt dat via de onderste holle ader. Aders en
slagaders zijn vaak vernoemt naar het orgaan waar ze naar toe of vanaf komen. In de
weefsels stroomt het bloed door haarvaten. Hier vindt de uitwisseling van stoffen plaats
tussen bloed en de cellen van een weefsel.


Een leven lang pompen
Een hart bestaat uit twee helften. Elke helft bestaat uit een boezem en een kamer. De
boezems ontvangen het bloed uit de aders en de kamers persen het weer het hart uit naar
de slagaders. Een hartslag kent drie fasen: het vullen van de kamers, het leegpersen van de
kamers en een korte pauze. Deze fasen lopen in beide harthelften synchroon en er wordt

, ook evenveel bloed weggepompt. De drie fasen herhalen zicht voortdurend en vormen de
hartcyclus. Aan het begin van de vulfase zijn zowel de kamers als de boezems ontspannen:
de diastole. Het bloed stroomt vanuit de aders via de boezems de kamers in. Dan trekken de
boezems samen: de boezemsystole. De boezems persen hier hun bloedvolume de kamers in.
Vlak daarna trekken ook beide kamers samen: de kamersystole. De druk van het bloed
tijdens de kamersystole sluit de hartkleppen tussen de kamers en boezems. Tegelijkertijd
gaan daardoor de slagaderkleppen (longslagaderklep en aortaklep) open en stroomt bloed
de longslagader en de aorta in. Hierna daalt de druk en sluiten de slagaderkleppen. Als je
naar het hart luistert hoor je twee tonen. De eerst toon voor het sluiten van de hartkleppen
en de tweede toon door het sluiten van de slagader kleppen. Hierna volgt een korte pauze.
Hartslagfrequentie: het aantal hartslagen per minuut. Dit kun je trainen d.m.v. cardio.
Hierdoor wordt de hartspier dikker en krachtiger.


Embryonale bloedsomloop
In de embryonale bloedsomloop spelen de longen nog geen rol bij de gaswisseling. Een
ongeboren baby krijgt O2 en voedingsstoffen van de moeder via de navelstreng uit de
placenta. Het O2-rijke bloed uit de navelstreng mengt zich in de leven en in de onderste holle
ader van de ongeboren baby met bloed dat O2-arm is. In de rechterharthelft van het embryo
komt daardoor gemengd bloed binnen met voldoende O2. Ongeveer twee derde van het
bloed uit de rechterhart helft stroomt bij een ongeborene niet via de longslagaders naar de
longen. Het bloed stroomt via een verbinding tussen de rechter- en linkerboezem, het ovale
venster, van de rechter naar de linkerharthelft. Ook stroomt er bloed via de ductus Botalli,
een verbinding tussen de longslagader en de aorta, van de kleine bloedsomloop naar de
grote. Na de geboorte, als de navelstreng is afgebonden, gaan de grote en de kleine
bloedsomloop volledig scheiden.
- De bloedvaten tussen de navelstrengader, de holle ader en de lever sluiten na het
afbinden van de navelstreng.
- Een pasgeboren baby huilt: de longen vullen zich met lucht en ontvouwen zich
- De druk in de linkerharthelft stijgt boven die van de rechterharthelft. Het ovale
venster sluit. Binnen een paar weken zijn de boezems volledig gescheiden.
- De verbinding tussen de aorta en de longslagader, de ductus Botalli, sluit een paar
dagen na de geboorte.
Bij 20% van de pasgeborenen sluit het ovale venster niet helemaal. Op latere leeftijd kunnen
hierdoor problemen ontstaan doordat de organen bij inspanning onvoldoende O2-rijk bloed
krijgen.


9.2 Bloeddruk


Bloed gaat in golven

Document information

Level
School year
5
Uploaded on
August 19, 2026
Number of pages
16
Written in
2025/2026
Type
Summary
$10.21

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
7
Followers
2
Items
56
Last sold
3 days ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions