4 besluiten staan centraal:
Beschikkingen
Cebas (concretiserende norm van besluiten van algemene strekking)
Beleidsregels
Avv
Belangrijke wetsartikelen:
1)Belanghebbende/besluit
Uitzonderingen Art. 8:3, 8:4 en 8:5 en Art. 6:3 Awb
Uitbreidingen Art. 6:2 Awb en art. 8:2 Awb
2) Welke bestuursrechter?
Art. 8:6 Awb rechtbank tenzij Bijlage 2 Awb
Staat in het besluit een aanwijzing over de plek of tijd dan gaat het om een
cebas van een avv (voor cebas geen uitzondering beroep bij bestuursrechter, dus
hij kan wel in beroep gaan krachtens art. 8:1 Awb)
Kernenergiewet staat in art. 2 Afdeling RvS, omdat het in de opsomming van de
wetten staat zioals bedoeld in de bijlage 2 van de Awb, DUS IS ER BEROEP
MOGELIJK BIJ DE BESTUURSRECHTER
DUS: STAAT ER EEN SPECIFIEKE WET (ZOALS DE KERNENERGIEWET), DAN GAAN
NAAR BIJLAGE 2 AWB, WANR DAAR STAAT BIJ WELKE RECHTER JE DAN IN BEROEP
KAN GAAN. Alleen bij specifieke wet dus.
ANTWOORD 1.
De rechtbank toetst hier ex tunc, omdat zij de stukken (het conceptrapport van
de Raad voor de Kinderbescherming, de brief van de Belastingdienst en een
aangifte van de politie) die de eiser na het besluit heeft ingediend niet
meeneemt in haar oordeel. Zij kijkt dus niet naar de actuele stand van zaken.
Zij kijkt slechts naar het recht ten tijde van het te nemen besluit, dus aan de
hand van wetgeving, beleid en feitelijke omstandigheden die gold ten tijde van
het nemen van het primaire besluit.
In beroep wordt in beginsel steeds ex tunc getoetst, omdat hierdoor wordt
voorkomen dat de rechter op de stoel van het bestuursorgaan gaat zitten.
En nunc = naar huidige regels