Schooljaar 2025-2026
Thomas More – Antwerpen
Doordat het programma de landscape pagina’s met tabellen afkapt, zijn de tabellen omgezet naar
afbeeldingen. Als je graag de originele tabellen hebt zodat je deze kan aanpassen, stuur dan een review nadat je
deze samenvatting gekocht hebt. Ik geef een antwoord op de review waar je de aanpasbare versie kan
terugvinden.
Succes!
,1 MEDISCHE TERMINOLOGIE
Woordvorming
Voorvoegsel (prefix) + stam + achtervoegsel (suffix)
Affix = prefix + suffix
Stam:
▪ Centrale deel van het woord
▪ Bepaalt de basisbetekenis
▪ Is vaak een lichaamsdeel, orgaan of functie
▪ Medische termen hebben minstens 1 stam, maar kunnen ook meer dan 1 stam hebben
Betekenis voorvoegsels (prefix):
▪ Aantal (tri-somi = drie chromosomen)
▪ Gelijkenis (homo-zygoot = met dezelfde erfelijke eigenschappen >< hetero-zygoot)
▪ Negatie (an-oposie = niet-zien)
▪ Positie (ad-ren(aline) = bij-nier)
▪ Tijd (pre-nataal = voor de geboorte)
▪ Snelheid (brady-cardie = trage hartslag)
Betekenis achtervoegsels (suffix):
▪ Aandoening (-itis = ontsteking)
▪ Specialist (-loog = specialist, -logie = studiedomein of specialisme)
▪ Procedures (-ectomie = heelkundige verwijdering)
▪ Toestand (-ose = een aandoening of ziekte)
Verbindingsklank:
▪ Tussenklank na de stam: vergemakkelijkt de uitspraak
▪ Komt voor als het suffix begint met een medeklinker (vb. ad-rena-line maar epi-nephr-ine)
Meervoudsvorming (enkelvoud → meervoud)
▪ -a → -ae
▪ -ans → -antia
▪ -ens → -entia
▪ - io → -iones
▪ -is → -es
▪ - itis → -itides
▪ -um → -a
▪ -us → -i
Uitzondering: -us (enkelv.) → -us (meerv.) of in het Ndl: -en (meerv.) (vb. casus → casus of casussen)
-a (enkelv.) → -ata (meerv.) (vb. trauma → traumata)
a- niet – geen - zonder
ab- weg van
acou- of acu- (geh)oor
ad- (merk op dat de MK afhankelijk is naar – in de richting van
van de stam)
aer- lucht
ambi- beide – aan of naar beide zijden
andr- man
angi- (bloed, lymfe,…)vat
ante- of anter- voor
anti- of ant- tegen
apic- top - piek
,apert- open
arch- of archi- begin - oorsprong
arthr- of arthro- gewricht
audi- gehoor
aur- oor
bar- druk
bi- twee
basi- bodem - basis
braci- of brachi arm
brachy- kort
Brady- traag
bucc- kaak
capill- haar
capit- hoofd
carcin- kanker
cav- hol
cel- of -cel tumor
centi- honderd
cerebr- hersenen
chondr- of chondrio- of chondro- kraakbeen
chord- of chordo- koord – snoer
chro- of chrom kleur
cicum- rond
clav- of clavi- sleutel
- cle of – cule klein
cleido- of cleid- m.b.t. het sleutelbeen
clon- spasme
co- samen
coel- of -cele hol
com- samen – met
cortic- schors
cost- rib
cox- heup
crani- schedel
crico- of cric- ring
cut- huid
cyst- of cysto- zak
cyto- of cyt- cel
de- onder – van - negatie
demi- half
dendr- boom – tak
dent- tand
derm- huid
des- of desmo- of -dem ligament – verbinding - band
deuter- tweede
dextro- of dextr- rechts(zijdig)
di- twee
dia- of di- door – tussen
diplo- dubbel
dis- of dif- of di- weg – gescheiden – negatie
dorso- of dorsi- rug
dur- of dura- hard – duurzaam
dyna- of dyn- kracht
dys- ziekte – uitval - deficiëntie
e- of ec- uit
ecto- aan de buitenkant
-ectomie heelkundig verwijderd
-el klein
embolo- of emboli- blokkeren – verstoppen
en- of em- in
, encephalo- hersenen
endo- of end in – binnen
entero- of enter- ingewanden – darm
ento- binnen - in
epi- of ep- op – boven – bij
erythro- rood
eso- in - binnen
ethmo- of ethm- geperforeerd
etio- oorzaak
eu- goed
ex- weg van – buiten
exo- buiten – uit
extero- buiten
extra- buiten – supplementair
falc- sikkelvormig
-flect of -flex buigzaam
for- voor
-form vorm
fronto- voor
gangli- of ganglio- knopvormig
gastro- of gastr- maag - buik
gemin- dubbel
genio- kin
genu- gebogen – als een knie
ger- of gero- oud
-glia lijm
glosso- of gloss- tong
gonio- hoek
gyr- of gyro kring – ring
haplo- enkelvoudig
hapto- of hapt- tast
helico- spoel of spiraal
hemi- half
hemo- of hema- bloed
hetero- of heter- ander – verschillend
holo- volledig – heel
homeo- gelijk - constant
homo- gelijk
hydro- of hydr- water – waterstof
hygro- vocht
hyo- U-vormig
hyper- over – boven
hypno- slap
hypo- onder – weinig - laag
idio- persoonlijk – eigen
in- of im- in – binnen of niet
infra- onder
inter- tussen - samen
intra- in - binnen
intro - binnen - in
ipsi- zelf - zelfde
ischio- heup
iso- gelijk
-itis ontsteking
juxta- naast
kat- of kata- onder – tegen
kerato- hoornachtig
kinesio- of kine- of kino- beweging
koilo- (zie coel- of -cele) hol
kyto- (zie cyto-) cel