Organen
1. Het ovarium
A: wordt bevloeid door de a. ovarica, een eindtak van de a. uterina
B: heeft veneuze drainage van gelijkaardig aan de testis
C: ligt anterieur van het lig. latum
D: hangt vast aan de bekkenwand
Correct antwoord: B: heeft veneuze drainage van gelijkaardig aan de testis
• Uitleg: De veneuze afvoer van het ovarium verloopt via een plexus (plexus
pampiniformis) naar de v. ovarica. Net als bij de testis (v. testicularis) mondt de
linker v. ovarica uit in de linker v. renalis, en de rechter v. ovarica rechtstreeks
in de v. cava inferior. Dit patroon is identiek aan de mannelijke anatomie.
• Waarom fout:
◦ A: De a. ovarica is geen eindtak van de a. uterina, maar ontspringt
rechtstreeks uit de aorta abdominalis (niveau L2). Ze anastomoseert wel met de
ramus ovaricus van de a. uterina.
◦ C: Het ovarium ligt aan de achterste (posterieure) helling van het
ligamentum latum uteri, bevestigd door het mesovarium.
◦ D: Hoewel het ovarium via het lig. suspensorium ovarii verbonden is met de
wand, wordt de ligging in de bronnen beschreven als "vrij mobiel" in relatie tot
de laterale bekkenwand, en is de veneuze gelijkenis met de testis een meer
specifiek anatomisch kenmerk,.
, 2. De v. azygos
A:Ligt links paravertebraal
B: mondt uit in de angulus venosus van de subclavia sinistra
C: mondt uit in de v. cava inf
D: Vindt zijn oorsprong retroperitoneaal
Correct antwoord: D: Vindt zijn oorsprong retroperitoneaal
• Uitleg: De v. azygos vindt zijn oorsprong meestal ter hoogte van de vena
lumbalis ascendens (rechts), wat zich in het abdomen/retroperitoneum bevindt,
vaak op niveau van de rechter nierader.
• Waarom fout:
◦ A: De v. azygos ligt rechts van de wervelkolom (de v. hemiazygos ligt links).
◦ B/C De v. azygos mondt uit in de v. cava superior
3. De ramus interventricularis anterior
,A: is meestal een aftakking van de rechter coronaire
B: van de linker
C: van de ramus circumflexa
Correct antwoord: B: van de linker
• Uitleg: De a. coronaria sinistra splitst in de ramus circumflexus en de ramus
interventricularis anterior (ook wel LAD genoemd).
• Waarom fout:
◦ A: De rechter coronaire geeft doorgaans de ramus interventricularis
posterior af (bij een rechts dominante circulatie).
◦ C: De ramus circumflexus is de andere hoofdtak van de linker coronaire,
niet de oorsprong van de interventricularis anterior
4. Iets over de bronchus van de lingula van de long
A:deelt een stam met de bronchus voor de linker bovenkwab
B:geeft een bronchus aan de rechter onderkwab
C: Wordt bevloeid door de A. pulmonalis
Correct antwoord: A: deelt een stam met de bronchus voor de linker
bovenkwab
• Uitleg: De lingula is een onderdeel van de lobus superior (bovenkwab) van de
linkerlong. De linker hoofdbronchus splitst in een bronchus lobaris superior en
inferior. De bronchus voor de lingula (B4 en B5) ontstaat dus uit de bronchus
lobaris superior, dezelfde stam die de apicoposterieure en anterieure segmenten
van de bovenkwab voorziet.
• Waarom fout:
◦ B: De rechter onderkwab wordt verzorgd door de bronchus lobaris inferior
dexter.
◦ C: Bronchi worden van zuurstofrijk bloed voorzien door de aa. bronchiales
(uit de aorta)
, 5. Vraag over zenuwplexus van de long (opbouw)
De plexus pulmonalis bevindt zich voor en achter de longsteel en is
opgebouwd uit vezels van het autonome zenuwstelsel:
• Parasympatisch (N. Vagus):
◦ Zorgt voor bronchoconstrictie (vernauwing bronchi).
◦ Vasodilatatie van longbloedvaten.
◦ Stimulatie van bronchiale secreties.
• (Ortho)sympatisch (Truncus Sympathicus):
◦ Zorgt voor bronchodilatatie (relaxatie gladde spieren).
◦ Vasoconstrictie van longbloedvaten.
◦ Inhibitie van secreties