1) Hoe sterven cellen?
1.1 onderscheid tussen apoptose en necrose
celdood is meer dan een mechanische panne want er zijn steeds weerkerende patronen
▪ apoptose = geregelde/actieve celdood
→ single cellen aangetast
1. chromatine in kern gaat
samenkomen en naar de rand
van de kern gaan + cel krimpt
2. cel krijgt uitstulpingen die gaan
afsnoeren = blebbing
3. apoptose bodies komen vrij en
kunnen in andere cellen komen
door fagocytose
▪ necrose = cel barst waardoor cel inhoud
vrijkomt en het immuunsysteem ziet dit
als lichaamsvreemd en zo ontstaat er
inflammatie
→ groep cellen aangetast
ook bij necrose zijn er moleculaire processen!
ziekten bij beroerte: bloedvat in hersenen verstopt → meerdere vormen van celdood tegelijk
▪ gebied dat enkel bloed krijgt door verstopt bloedvat heeft necrose
▪ gebied daarrond die ook bloed van andere vaten kreeg maar niet veel heeft apoptose
➔ gezien bij ratten: geven van caspase-inhibitoren beperkt schade tot necrose-gebied
1.2 apoptose in belangrijk in de normale fysiologie
geregelde celdood is belangrijk in verschillende lichaamsprocessen
▪ zenuwcellen te veel voor doelwitcellen: gecontroleerde celdood om de één-op-één
relatie te krijgen
▪ sculpturen van het lichaam tot wat het is (metamofrose bij een kikker, onze vingers eerst
vliezen en die worden verwijderd)
▪ beschadiging van cellen oplossen door de cel te laten sterven
▪ T-cellen moeten rijpen zodat ze lichaamseigen cellen niet aanvallen → gebeurt door
apoptose (als ze lichaamseigen cel aanvallen)
▪ afsterven van baarmoederslijmvlies
▪ schade in darmen: darm heeft heel lage drempel voor apoptose waardoor bij weinig
beschadiging al apoptose optreedt (nadeel: erg gevoelig voor bestraling en chemo)
▪ borstklier: als geven van borstvoeding stopt dan sterven de kliercellen af
, biochemie: hoofdstuk 8b apoptose
2) apoptose
2.1 basismechanisme van apoptose
1. pro-apoptosische stimulus (verschillende mogelijkheden)
2. vastgesteld door schadesensoren die 2 dingen kunnen doen:
o celdood machinerie in gang zetten
o herstelmachinerie in gang zetten (als de schade op te lossen is)
er bestaan ook celdoodfactoren (proteïnefactoren gesecreteerd door cellen) die andere cellen
aanzetten om in apoptose te gaan
basismechanisme = cascade van knippen door proteasen ‘caspasen’ die geactiveerd worden
door een signaal (van binnen of van buiten de cel)
➔ hiërarchie tussen caspasen: initiator, amplifier en execution caspasen
➔ cascade geeft mogelijkheid tot amplificatie (vergroting) van het signaal
onderdelen van de apoptose
▪ triggers: DNA-beschadiging, celdoodreceptoren, cytokine dood, hypoxie
(zuurstoftekort), temperatuur, onthechting van een cel uit een groep, tekort aan GF
▪ regulators: zijn in signaaltransductie richting caspasen gericht
vb: p53, kinase cascade, dood domein proteïnen, cytochroom C, Bcl-2 familie, APAF1
▪ uitvoerders: de caspasen
2 soorten pathways:
▪ extrinsieke pathway wordt op gang
gebracht door iets van buiten de cel
→ celdoodligand op celdoodreceptor
→ activeert caspase 8
▪ intrinsieke pathway op gang gebracht
door iets van in de cel
→ mitochondriën van groot belang
→ activeert caspase 9
bij allebei: proCasp3 en 7 worden geknipt naar
Casp3 en 7 door de geactiveerde caspasen 8/9
Casp1 geactiveerd door cytokine activatie: leidt niet tot apoptose!
2.2 ontdekking van het mechanisme van apoptose
C. Elegans is geheel doorschijnend en onder de microscoop zie je alle cellen
→ bestuderen van de ontwikkeling: welbepaalde cellen stierven altijd op zelfde momenten
→ op zoek naar de genen die hiervoor verantwoordelijk zijn