Kunst
Les 1:
Hoe en waarmee is het kunstwerk gemaakt?
Hoe is dit te achterhalen?
Gevolgen voor gevoeligheden & schade?
Gevolgen voor esthetische kwaliteiten?
Impressionisme = verf in tubes
Benaderingswijzen
• Kunstwerk bekijken als object in een moment van creatie
o Feitelijke gegevens
§ Bekijk dat als een object, feitelijke gegevens registreren
o Taal en begrippenkader
§ Instrument ontwikkelt om dingen te benoemen
o Inzicht in. Evoluties <> detail
§ Panelen 16e eeuw, dichte verf lagen = 18e – 19e eeuw transparanter
• Welke technische redenenen heeft dit?
o Chronologisch overzicht
o Creatief proces
§ Hoe compositie veranderen?
• Kunstwerk bekijken als object doorheen de tijd
o Materiële eigenschappen van het kunstwerk >> noden op vlak van conservatie
o Evolutie materiële eigenschappen << wijzigende (veranderlijke) esthetiek
o Algemene voorwaarden voor goede conservatie
, • Kunstwerk bekijken als object. Analysemethoden
o Traditionele en nieuwe methoden voor onderzoek
o Onderzoeksmethoden: casestudies door gastsprekers
o Introductie in de ‘technical art history’: brug tussen natuurwetenschappelijk
onderzoek en meer traditionele kunsthistorische studie of connoisseurship.
I. INLEIDING
____________________________________________
Historisch overzicht: materialen, toepassingen en de gevolgen op esthetisch vlak:
• Schilderkunst van de 15e – 21e eeuw
o Tempera, olieverf op paneel, olieverf op doek, acryl en mixed media
• Beeldhouwkunst van de 15e – 21e eeuw
o Steen, hout, brons, metaal, montage, installaties, plastics, efemere (vergangkelijke
materialen) en organische materialen (plantenresten etc…)
• Werken op papier van de 15e – 21e eeuw
o Aquarel, inkt, potlood, houtskool, krijt
SCHILDERKUNST
• Onze benaderingswijze = deze van de opbouw van het schilderij
o Van drager tot vernislaag
o Van idee tot vernissage
• Van de technieken van de oude meesters tot vandaag
o Accent op de West-Europese schilderkunst
o Onderscheid tussen kunst Noord-Zuid
Page 2
,Schema opbouw schilderij:
1. De Drager
I. De houten drager of het paneel
• Oudst gekende schilderijen op houten dragers = Byzantijnse iconen
• Strakke religieuze traditie icoonschiloderkunst
• Iconen naar Ravenna, Italië gekomen en handel als voorbeeld
• Ontstaan van EU schilderkunst: terug tot 12e/13e eeuw, in Italië
• Panelen gekomen in religieuze omgeving, maar ook decoratieve kunst
• Verplaatsbare panelen met voorstellingen op vergulde achtergrond
• Liturgische functie
o Populieren hout
o Antependium
o Retabel
Tot in de 15e e alleen houten dragers
• Info erover gekend via Tractaten:
o Afzonderlijke planken, gelijmd tot een groot paneel
o Opp glad gemaakt met een tweehandig haalmes
o Beplakt met een ongelooide dierenhuid (paard, rund, ezel)
Cenino Cennini, eind 14e eeuw: Traktaat over de schilderkunst
o Uitvoerigste traktaat dat bewaard is gebleven over oude schilderkunst
o Houtsoorten: populier, wilg en linde = zacht
o Nieuw: panelen overtrokken met doek = ipv met huiden
o Techniek gevonden bij vroeg-Italiaanse, Spaanse en Duitse panelen
§ Overgangsfase
Page 3
, o Evolutie naar een techniek waarbij de houten panelen niet gans worden overtrokken,
maar enkel naden en andere zwakke plekken die versteviging vragen: knoesten en
harsgallen
o Perkament en huidstroken, vezels en dierlijk haar
o Type hout, wijze van egaliseren: levert info
§ Italië: zachte populier
• Neemt makkelijker water op
§ Noorden: harde eik
Eikenhout Populierenhout
o Toegepaste houtsoorten:
§ Hout uit eigen streek
§ Transportkosten zijn hoog
§ Uitzonderingen zijn betekenisvol:
• Zich willen onderscheiden
• Luxegoederen/exotische houtsoorten vind men niet toevallig in
Amsterdam in de 17e eeuw
• Iemand als Rembrandt gebruikte af en toe mahonie en cederhout,
merendeel eik en ook populier
Algemeen 15e/16e eeuw:
• Italie: 90% populier
• Lage Landen: bijna uitsluitend eik, vanaf 17e eeuw = exotisch hout
• Frankrijk en Duitsland = varieert
Dikte van de panelen:
• LL: eik, 0.5 – 3 cm
• Italie: populier, 4-6 cm
• Panelen uit 15e/16e eeuw meestal dikker dan die van 17e eeuw
• Achterkant:
o Weinig zorg voor afwerking tot in de 16e eeuw, dit is pas vanaf de 17e eeuw en dan
in de LL
• Samestelling en grootte van panelen
• Grote = meerdere planken
• Planken met staande jaarringen = beste kwaliteit
Page 4