Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 166 pages
Summary

Recht samenvatting, begrijpbaar en voldoende,17/20, codexstrategie.

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 166 pages

Volledige samenvatting Recht (deel zelfstudie NIET), Volledig uitgelegde codexstrategie. Gemaakt met cursus + ppt!

Content preview

Inleiding tot het recht
Volledige cursus — regelproducenten, regelarsenaal, staatsstructuur,
basiscomponenten, familiaal vermogensrecht en verbintenissenrecht

Inhoudsopgave


Over dit document
Dit document brengt de volledige leerstof samen uit de PowerPointpresentaties van het vak en uit de
handboekpagina’s die voor het verbintenissenrecht werden aangeleverd. De volgorde volgt de opbouw van
de cursus.

Wat er in verwerkt is

Hoofdstuk Bron
1. Regelproducenten PPT 3 — Regelproducenten (55 slides, inclusief alle
sprekersnotities)
2. Regelarsenaal PPT 4 — Regelarsenaal (13 slides)
3. Staatsstructuur van België PPT 5 — Staatsstructuur België (65 slides)
4. Basiscomponenten van het recht PPT 6 — Basiscomponenten (47 slides)
5. Familiaal vermogensrecht PPT 7 — Familiaal vermogensrecht (35 slides)
6. Verbintenissenrecht PPT 8 — Verbintenissen (27 slides), PPT 9 —
Verbintenissen OD (27 slides), én het handboek:
Deel III Vorderingsrechten, Hoofdstukken II, III en IV
(randnrs. 358-402, boekpagina’s 247-283) en
Hoofdstuk VII Buitencontractuele aansprakelijkheid
(randnrs. 473 e.v.)
7. Codexstrategie werkplan om je codexen van die Keure examenklaar
te maken

Hoe het is opgebouwd

• De tekst van de slides en de sprekersnotities zijn samengevoegd tot doorlopende cursustekst. De
notities bevatten de eigenlijke uitleg en zijn integraal verwerkt.
• Schema’s, kaarten, stambomen en verdeeltabellen die zich niet in tekst laten weergeven, zijn als
afbeelding van de slide opgenomen, telkens met een beschrijving in de lopende tekst ernaast.
• In hoofdstuk 6 staat naast elk lesdeel het overeenkomstige handboekdeel, met de originele
randnummers en voetnoten van het handboek en met paginamarkeringen zoals — boek p. 247 —.
• Elk hoofdstuk sluit af met een overzicht “Wetgeving en rechtsbronnen”: elk artikel dat in dat
hoofdstuk voorkomt, met vermelding waarvoor het staat. Die lijsten vormen samen de basis voor het
werkplan in hoofdstuk 7.

Twee inhoudelijke kanttekeningen

• Van het handboekhoofdstuk over verbintenissen ontbreken de boekpagina’s 276-279 in het
aangeleverde fotomateriaal; randnummer 397 is daardoor onvolledig. Dat is in de tekst gemarkeerd.

1

,• Het handboekhoofdstuk over buitencontractuele aansprakelijkheid is gereconstrueerd uit
fotomateriaal van wisselende kwaliteit. Waar een passage niet betrouwbaar leesbaar was, staat dat
uitdrukkelijk vermeld in plaats van dat er iets is ingevuld.




2

,Hoofdstuk 1 — Regelproducenten
Afdeling 1. Wie zijn de regelproducenten?
Rechtsbronnen zijn de elementen die samen het recht uitmaken en waarop rechtssubjecten (personen en
organisaties die rechten en plichten kunnen hebben) zich kunnen baseren.

Regelproducenten zijn de instellingen die deze rechtsbronnen produceren. Het gaat om:

• de wetgever;
• de rechtspraak;
• de doctrine of rechtsleer;
• de gewoonte;
• de billijkheid;
• de algemene rechtsbeginselen;
• het vreemd recht;
• de private regelgeving.

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen bindende rechtsbronnen en gezaghebbende rechtsbronnen.
Bindende rechtsbronnen zijn bronnen waarop de rechter zich rechtstreeks kan baseren (bijvoorbeeld de
algemene rechtsbeginselen). Gezaghebbende rechtsbronnen worden daarentegen gebruikt als
ondersteuning van een redenering, zonder dat ze op zich bindend zijn.


Afdeling 2. Wetgever
§ 1. Begrip
Het begrip ‘wet’ kan op twee manieren worden opgevat: in formele en in materiële zin.

Wet in formele zin Wet in materiële zin
De wet in formele zin (Act of Parliament) is iedere De wet in materiële zin (Statute) is een akte,
akte die uitgaat van de wetgevende macht. Voor de ongeacht het orgaan dat de akte tot stand bracht,
federale wetgevende macht noemt men deze akten die een algemeen bindende regel inhoudt. De
‘wetten’. Voor de deelstatelijke wetgevende macht inhoud van de akte is doorslaggevend.
spreekt men van ‘decreten’ en ‘ordonnanties’. Bij
formele wetten kijkt men niet naar de inhoud van
de akte, maar naar het orgaan dat de akte gemaakt
heeft. Zo kan een koninklijk besluit nooit een wet in
formele zin zijn, hoewel de inhoud van bepaalde
koninklijke besluiten belangrijker kan zijn dan die
van bepaalde wetten of decreten.

Samengevat: bij wet in formele zin kijkt men niet naar de inhoud, maar naar welk orgaan de akte gemaakt
heeft (de akte is afkomstig van de wetgevende macht) — alleen de wetgevende macht kan een wet in
formele zin maken. Een akte is een officieel papier. Zo maakt het Federaal Parlement een wet, maken het
Vlaams, het Waals en het Franse Gemeenschapsparlement een decreet, en maakt het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest een ordonnantie. Een koninklijk besluit is dus geen wet in formele zin, want het is
gemaakt door de uitvoerende macht.

Bij wet in materiële zin kijkt men wél naar de inhoud van de akte: het gaat om aktes die een algemeen
bindende rechtsregel bevatten, ongeacht wie ze gemaakt heeft.




3

, § 2. Soorten wetten
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen supranationale en interne rechtsnormen. Supranationaal
betekent boven de staat (bijvoorbeeld de EU), terwijl intern verwijst naar normen die afkomstig zijn van de
eigen Belgische overheid.

A. Internationale normen

Internationale normen zijn normen die gemaakt worden door internationale organisaties, eventueel door
meerdere landen onderling.

A. Klassiek verdragsrecht

Het klassieke verdragsrecht wordt geregeld door het Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht (23 mei
1969), waarin de meeste internationale regels over verdragen zijn opgenomen.

Een verdrag is een overeenkomst tussen soevereine staten (of internationale organisaties). Er is geen
overdracht van soevereiniteit: de staten blijven zelf de baas over hun eigen grondgebied. Verdragen kunnen
bilateraal zijn (tussen twee staten) of multilateraal (tussen drie of meer staten). Er bestaan verschillende
benamingen voor verdragen.

Er is voorts een onderscheid tussen:

• verdragen met directe werking (normatieve verdragen, ook self-executing genoemd): burgers
kunnen rechtstreeks een beroep doen op de rechten en plichten die erin vervat zitten (bijvoorbeeld
een artikel uit het EVRM);
• verdragen zonder directe werking (contractuele verdragsbepalingen): de staat moet eerst nog een
wet maken vooraleer burgers er rechten of plichten aan kunnen ontlenen (bijvoorbeeld een verdrag
waarin staten afspreken hun milieuwetgeving aan te passen).

Naast het klassieke verdragsrecht bestaan er ook het Europese recht (zie hierna) en de Benelux-eenvormige
wetten.

B. Europees recht

I. Primair recht
Het primaire recht is de hoogste vorm van recht van de Europese Unie (EU). Het is hoofdzakelijk gebaseerd
op de oprichtingsverdragen, met name het Verdrag van Rome (ontwikkeld tot het Verdrag betreffende de
werking van de Europese Unie, VWEU) en het Verdrag van Maastricht (ook het Verdrag betreffende de
Europese Unie, VEU, genoemd).

Het primaire recht regelt de verdeling van bevoegdheden tussen de EU en de EU-lidstaten. Het geeft het
juridische kader aan waarbinnen de EU-instellingen hun beleid formuleren en uitvoeren. Het richt bovendien
de EU-organen op (bijvoorbeeld het Europees Parlement, de Commissie, …) en bepaalt hun werking, en geeft
die organen de bevoegdheid om bindende beslissingen te nemen (het secundaire EU-recht). Sommige
verdragsbepalingen hebben directe werking: burgers kunnen zich hier meteen op beroepen.

Het primaire recht, ook bekend als oorsprongsrecht, is afgeleid van:

1. de oprichtingsverdragen;
2. de wijzigingsverdragen;
3. de toetredingsverdragen;
4. de aan deze verdragen gehechte protocollen;
5. de aanvullende overeenkomsten waarbij voor bepaalde sectoren wijzigingen op de
oprichtingsverdragen werden aangebracht;
6. het Handvest van de grondrechten (sinds het Verdrag van Lissabon).



4

Document information

Study
Uploaded on
August 11, 2026
Number of pages
166
Written in
2026/2027
Type
Summary
$10.05

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
3
Last sold
-


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions