000384
2025 - 2026
COMMUNICATIEWETENSCHAPPEN – VRIJE UNIVERSITEIT BRUSSEL
Luna Van den Branden
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: intro: geschiedenis en conceptualisering vh publiek .............................................. 4
1.1 Wat is een (media)publiek? ................................................................................................ 4
1.2 Een korte geschiedenis van het publiek ............................................................................. 7
1.3 Het publiek en de noties van macht ................................................................................... 8
Hoofdstuk 2: Effecten en Mediaberichten ................................................................................... 9
Intro ......................................................................................................................................... 9
2.1 Media-effecttheorieën ..................................................................................................... 10
2.2 Massamaatschappijtheorie (Payne Fund Studies)............................................................ 11
2.3 Het paradigma van directe effecten: War of the worlds broadcast ................................... 11
2.4. Mediapropaganda en WO II ............................................................................................. 12
2.5. Het paradigma van beperkte effecten (tweede helft 19 e eeuw)........................................ 13
2.6 Effecten van mediageweld ............................................................................................... 14
Hoofdstuk 3: De publieke opinie en burgerschap ...................................................................... 16
3.1 Een korte geschiedenis van de ‘publieke opinie” + 3.2 ...................................................... 16
3.3 De limieten van publieke opiniepeilingen ......................................................................... 18
3.4 Hoe het nieuws de publieke opinie vormt......................................................................... 19
Hoofdstuk 4: kijk- en luistercijfers: de politieke economie van het publiek ................................ 21
1 & 2. Politieke Economie en de Commodificatie van het publiek .......................................... 21
4.3 Kijkcijfers en het massapubliek als Product ..................................................................... 22
4.4Het publiek meten: kijkcijfersystemen .............................................................................. 23
4.5 Het massapubliek en de marktwaarde ............................................................................. 25
Hoofdstuk 5: uses & gratification ............................................................................................... 29
5.1 Uses & Gratification in communicatiewetenschappelijk onderzoek ................................. 29
5.2 De benadering van Uses & Gratification ........................................................................... 29
5.3 Expectancy-Value benadering .......................................................................................... 31
5.4 Het sociale gebruik van media (kritiek op u&g) ................................................................. 31
5.5 Mediagebruik en -afhankelijk ........................................................................................... 32
Hoofdstuk 6: Het interpreteren en decoderen van media-inhouden .......................................... 34
6.1. Semiotiek en Interpretatie............................................................................................... 34
6.2. Encoderen/ Decoderen (Stuart Hall en de Birmingham School) ...................................... 36
6.3. De invloed van Sociale en Culturele Context in betekenisgeving ..................................... 38
6.4. Media als ‘open tekst’ en intertekstualiteit ...................................................................... 40
Hoofdstuk 7: Mediareceptie en -rituelen ................................................................................... 42
7.1 Media en context.............................................................................................................. 42
7.2 Mediareceptie in de privésfeer ......................................................................................... 42
, 7.3 Media en “Everyday life”................................................................................................... 44
7.4 Mediarituelen: een andere receptiecontext...................................................................... 45
Hoofdstuk 8: Mediafandom en subculturen .............................................................................. 49
8.1 Fanculturen ..................................................................................................................... 49
8.2 De interpretatieve activiteit van Fanculturen .................................................................... 50
8.3 Fans en tekstuele productie ............................................................................................. 52
8.4 Fans en culturele hiërarchie ............................................................................................. 53
HOOFDSTUK 9: Online Interactieve Publieken in een Digitale Mediawereld .............................. 54
9.1 Digitalisering, fragmentatie en publieksautonomie .......................................................... 54
9.2 Big Data en Online publieksmeting .................................................................................. 54
9.3 Participatiecultuur en burgerjournalistiek ........................................................................ 55
Hoofdstuk 10: Publieksonderzoek en ‘Dataficatie’..................................................................... 57
10.0 De macht van het publiek in een genetwerkte informatiemaatschappij ......................... 57
10.1 Een mobiele en crossmediale ervaring........................................................................... 57
10.2 De nieuwe economie van publieksaggregatie ................................................................. 58
10.3 Van “het publiek” naar de “mediagebruiker” .................................................................. 58
, Hoofdstuk 1: intro: geschiedenis en conceptualisering vh
publiek
Kernpunten van dit hoofdstuk:
• De mediagebruiker/het publiek zijn theoretische abstracties
o Ondanks pogingen om het publiek te meten blijft het minstens deels abstract
o Invulling bepaald door de sociale, politieke, commerciële omgeving
→ invulling van ‘publiek’ verandert over de tijd heen (contingent)
o vb. Actief vs. Passief publiek
o vb. Publiek vs. Mediagebruiker
1. 1 WAT IS EEN (MEDIA)PUBLIEK?
• Definitie van publiek is verschillend
Bv. je kan ook een publiek zijn als je thuis zit; door je smartphone
Onze media-ervaring is gelaagd
=> Mediagebruik is complex om volledig te vatten, maar centraal in onze mediaomgeving
Wat is een publiek?
1. Publiek = een ontvanger
2. Publiek = een bedenker van betekenis
3. Publiek = een gebruiker van technologie
→deze gaan we dieper bespreken:
Publiek = een ontvanger
• Transmissiemodel: Zender – kanaal/ruis – ontvanger model van Shannon & Weaver
(1949)
• Injectienaaldtheorie van Harold Lasswel (1972): de informatie en de zender staan
centraal
• Uit zich in idee van massapubliek: publiek als
o Monolitisch: geen onderscheid tussen leeftijd, gender, communities, etc. in hoe
mensen iets begrijpen
o Absorberend: de informatie (vb. geweldadige games…) wordt rechtstreeks
opgenomen (maken je gewelddadig)