Maak de schematische weergave van de neuroantomische integratie (schema p431)
sws een vraag om da schema te tekenen!
Leg kort uit (in enkele zinnen) waarvoor de fronto-limbische circuits staan (dia 33)
Luss 1= brug gemaakt tussen sensorisch en motorisch gebieden via limbisch systeem
(=emotiesysteem, motivatie, de wil om van perceptie over te gaan nr actie)
1) Dienen voor de drive of motivatie om van perceptie over te gaan naar actie
2) Mogelijkheid om de buitenwereld van de neocortex af te stemmen op binnenwereld van de
instinctieve hersenen
3) Mogelijkheid om strategische keuzes te maken en doelgericht gedrag te ontwikkelen
Als daar iets misloopt = mensen worden addynamisch: Vb. mens heeft honger ma als da systeem nie
goed werkt gaan die nie kunnen eten omdat de wil er niet is
Situatie die positieve emotie oproepen die onthou je en ga je volgende keer gebruiken om je
keuze te maken (vb. lekker eten) dus helpt met keuzes te maken
Leg kort uit (in enkele zinnen) waarvoor de fronto-striatale circuits staan (dia 37)
Fronto-striatale circuits= Connectie met frontale lobbe/cortex en striatum(=deel basale ganglia)
Rol hulplus/fronto-striatale circuit= helpt dat je niet continue overladen wordt met keuzes die je
moet doen, maken.
1
, Dankzij de basale ganglia worden veel handelingen, zoals stappen of fietsen, automatische
procedures. Alleen wanneer er iets onverwachts gebeurt, neemt de hersenschors (cortex) opnieuw
bewuste controle over.
De cerebrale cortex is conceptueel hiërarchisch georganiseerd. Leg dit kort uit en toon aan
hoe we dit in de klinische symptomen zien per functiedomien (deze voorbeelden kan je pas
geven als we de klinische lessen hebben besproken). (Zie Prent dia 22!)
Laagsgewijze, hierarchische opbouw van infoverwerking zo krijgt info betekenis (= komt omdat
primaire info gekoppeld wordt met diepe kernen van hersenen die te maken hebben met ghg)
De cerebrale cortex is opgedeeld in een voorste (anterieur) en achterste (posterieur) stuk.
Het anterieure stuk = sensorische informatieverwerking input
Het posterieure stuk = motorische informatieverwerking output
Binnen deze twee delen ontstaat een verwerking van de informatie die conceptueel hiërarchisch
georganiseerd is.
1) Het primaire gebied is waar de info toekomt (afferent zintuigelijke sensaties)
2) In secundaire gebied gebeuren er extra berekeningen obv het primaire gebied (=geïntegreerde
betekenisvolle waarnemingen binnen eenzelfde zintuigmodaliteit)
3) Het tertiaire gebied is de plek waar alle info samenkomt (meest complexe info verwerking)
Bij de posterieure cortex verloopt de informatieverwerking via deze route (1-2-3). Binnen de
anterieure cortex loopt het andersom tegenover de posterieure cortex. Daar beginnen we namelijk
met de tertiaire associatiegebieden waaruit informatie gestuurd wordt naar de secundaire gebieden
en vervolgens in de primaire gebieden terechtkomt.
Hoofdstuk 22 Arousal, activatie en aandacht
Op welke interne en externe informatiebronnen activeert het zenuwstelsel in
functie van het zelfbehoud en het soortbehoud (zie p.478)
Externe prikkels (zoals geluid, licht of aanraking) veroorzaken een oriëntatiereflex of
activatiereactie(nieuwe stimulus), waardoor we automatisch alert worden voor de nieuwe
stimuli.
interne biologische informatie/behoeften, zoals bloeddruk, ademhaling, lichaamstemperatuur,
honger, zuurstofniveau en hormonenbalans. Deze stofwisselingsprocessen worden vooral
geregeld door de hypothalamus en zorgen ervoor dat het lichaam in evenwicht blijft
(=homeostase).
Lagere-orde (reflexief gedrag): complexere aangeboren instinct en reflexmatige
gedragspatronen.
Hogere-orde (reflexief gedrag): intenties en plannen gericht op een zeker kort of lange termijn
doel.
Welke neuroanatomische eenheden maken deel uit van het arousal-activatie-
netwerk (zie p.479 onderaan en p480 bovenaan)
2